ColumnSheila Sitalsing

Journalisten intimideren is prettig wanneer je favoriete politicus ze ook ‘tuig van de richel’ vindt

null Beeld

Alles went, vaak nog snel ook, dus na al die jaren waarin democratisch verkozen volksvertegenwoordigers ‘trial by media’ balkten wanneer de berichtgeving niet beviel, en herhaaldelijk lispelden dat ‘iedereen’ weet dat ‘de media niet te vertrouwen zijn’, viel het niet eens op dat de leider van de PVV afgelopen zaterdag het weekend inluidde met de constatering: ‘Journalisten zijn – uitzonderingen daargelaten – gewoon tuig van de richel’.

Om dat ‘uitzonderingen daargelaten’ moesten we thuis lachen. Zo genuanceerd is hij anders nooit, meestal mag íedereen van hem ‘de boom in’. Beetje laf, zo’n weinig specifiek ontsnappingsluikje inbouwen: ‘Nee, edelachtbare, ik maakte een voorbehoud, een nuancering zo u wilt, want niet álle Marokkanen, niet álle journalisten.’ Gewoon: de meesten.

De PVV-leider had zaterdag niet voor de eerste keer in NRC gelezen dat een van zijn discipelen (een verkozen TweedeKamerlid dat al vanaf het eerste begin aan zijn zijde verkeert) zich walgelijk zou misdragen tegenover vrouwen. Normaal gesproken galopperen de ridders van de PVV dapper in de voorste linies om islamitische vrouwen ongevraagd te verlossen van het kwade, maar om vrouwenrechten in eigen kring is er beduidend minder bezorgdheid.

Journalisten die dit gek vinden zijn dus ‘tuig van de richel’. De journalistenvakbond wil ‘een gesprek’ met Wilders; je vraagt je af wat er nog te bespreken valt.

Wat ook went, en nog snel ook, is de bijval die zo’n opmerking krijgt. Van collega-politici – ‘Is zo’, hitste lavendelkeizer Baudet mee. Van verwarde geesten. En van zelfbenoemde intellectuelen die het aanzetten tot haat en intimidatie door een verkozen politicus verwarren met legitieme mediakritiek.

Allang gewend zijn we dan ook aan de verbale agressie tegen en de fysieke intimidatie van journalisten. PersVeilig, een initiatief van de journalistenvakbond, het Openbaar Ministerie, het Genootschap van Hoofdredacteuren en de politie, liet onderzoeken hoe vaak dit voorkomt. Acht op de tien journalisten worden weleens bedreigd of geïntimideerd terwijl ze hun werk doen: schriftelijk, verbaal, fysiek, juridisch. Vier jaar geleden was in een soortgelijk onderzoek die verhouding nog zes op de tien.

Wellicht dat het een steuntje in de rug bij het intimideren is, wanneer je favoriete politicus ook vindt dat het tuig van de richel is (‘uitzonderingen daargelaten’).

Ook aan de berichten over de gerapporteerde agressie zijn we gewend: cameramensen die door viruswappies worden belaagd, journalisten die zich niet meer in moeilijke wijken kunnen vertonen, de NOS die de stickers van de busjes trekt omdat die anders van de weg worden gereden, regionale media die al veel langer in anonieme busjes rondrijden, de verslaggever die door een auto werd aangereden toen hij vragen wilde stellen aan kerkgangers in coronatijd, vrouwelijke journalisten die af en toe hun berichtenboxen op sociale media uitzetten omdat er een limiet is aan het aantal verkrachtingsfantasieën dat je kan verwerken, de journalist die bij bijeenkomsten van Forum voor Democratie het zoeklicht op zich gericht kreeg: dáár zit de verrader.

Vervolgens klinkt het allerwegen dat het zo niet langer kan, want persvrijheid, want aanslag op de democratische rechtsstaat, want ruggengraat van de democratie et cetera. Geert Wilders haalt ondertussen de schouders op en wacht op de volgende uitnodiging voor een leuk interview over zijn poezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden