Opinie Maatregel Grapperhaus

Journalisten in conflictgebieden verdienen bescherming, niet een maatregel die ze extra in ­gevaar brengt

Een journaliste rent in 2014 met een rebel door Aleppo om te ontkomen aan IS-sluipschutters. Beeld Reuters

Het is levensgevaarlijk dat journalisten toestemming moeten vragen om naar oorlogsgebieden te reizen, betoogt Volkskrant-verslaggever Ana van Es.

Waar journalisten vroeger groot een sticker ‘TV’ op hun auto konden plakken om gevrijwaard te blijven van geweld, gelden verslaggevers sinds de Arabische revoluties van 2011 in conflictgebieden als doelwit voor aanslagen, gijzelingen en executies. Als het aan minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid ligt, wordt werken in oorlogsgebieden voor Nederlandse journalisten in de toekomst nog gevaarlijker dan het nu al is.

Volgens een wetsvoorstel dat vorige week werd aangenomen in de Tweede Kamer, moeten journalisten en hulpverleners namelijk vooraf aan Grapperhaus toestemming vragen om te werken in gebieden die onder controle staan van een terroristische organisatie. Om welke gebieden het gaat, is nog niet vastgesteld, maar te denken valt aan Syrië en Irak als IS daar herrijst. De minister wil dat journalisten, maar ook hulpverleners, hun reisverzoek indienen via een ‘speciale website’. Ze moeten een ‘voldoende zwaarwegend belang’ hebben bij de reis naar terreurgebied. Wie dat niet doet, is strafbaar: maximaal 2 jaar cel.

De nieuwe wet staat mogelijk op gespannen voet met artikel 10 van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (vrijheid van nieuwsgaring), maar vormt vooral een onnodig en onaanvaardbaar veiligheids­risico voor journalisten en hulpverleners die hun beroep toch al in moeilijke omstandigheden uitoefenen. Een toestemmingsvereiste zal onbedoeld een kolfje naar de hand worden van onfrisse figuren die hen willen doden of gijzelen.

Strafbaar

De wet is bedoeld om uitreizigers te dwarsbomen die zich willen aansluiten bij een terroristische organisatie. Om hen makkelijker te kunnen vervolgen, wordt het voor alle Nederlandse burgers – behalve militairen en diplomaten – strafbaar om zich op te houden in wat Grapperhaus ­beschouwt als terreurgebied. De Raad van State adviseert in een vernietigend advies om de gehele wet in te trekken: die voegt volgens ons hoogste rechtscollege niets toe aan het bestaande arsenaal van mogelijkheden om terroristen in spe te vervolgen.

Hoe gaat Grapperhaus de reisplannen van journalisten toetsen? Volgens de toelichting bij de wet hoeven ze niet op te geven wat ze willen onderzoeken of publiceren. Toch worden aanvragen wel degelijk inhoudelijk getoetst. Volgens welke criteria? Dat is onduidelijk. Journalisten die werken bij ‘bekende media-organisaties’ en freelancers die ‘beroepsmatig publiceren’ hoeven zich geen zorgen te ­maken, stelt Grapperhaus. Maar wat zijn ‘bekende media-organisaties’? Wat betekent dit voor een beginnende freelancer, praktiserend soennietisch moslim, die een groot netwerk heeft onder jihadisten in Syrië en op sociale media met hen sympathiseert? Krijgt hij een groen vinkje van de minister of moet hij thuisblijven?

Met de toestemmingsprocedure miskent Grapperhaus de journalistieke realiteit. Jonge freelancers, die hun leven wagen zonder rugdekking van een grote krant of omroep, ­waren de afgelopen jaren verantwoordelijk voor veel westerse berichtgeving uit landen als Syrië, Irak en Libië. Juist zij lopen straks het ­risico na terugkeer in Nederland te worden blootgesteld aan strafvervolging.

Onafhankelijk

Journalisten die toestemming krijgen voor hun reis, zullen door strijdende partijen niet langer worden gezien als onafhankelijke verslaggever, maar als verlengstuk van de staat. Wat betekent het als bij checkpointruzies, ondervragingen en gijzelingen valt te achterhalen dat men reist met speciale goedkeuring van de Nederlandse overheid? Dit is een onnodige verhoging van het risicoprofiel van toch al kwetsbare verslaggevers. Als een journalist die door oorlogsgebied reist met een persoonlijk fiat van het Rijk in de problemen komt, zijn de juridische gevolgen voor de overheid niet te overzien.

Grapperhaus toont weinig besef van de gevaren die journalisten en hulpverleners lopen in conflictgebieden. Vreemd is dat niet: uit sommige landen die tot terreurgebied kunnen worden verklaard – Syrië, Jemen – zijn de laatste Nederlandse diplomaten al jaren geleden geëvacueerd. Journalisten en hulpverleners die hier wel blijven werken, zijn ‘soft targets’. Zij kunnen hun werk niet doen vanuit een bomvrije kelder. Wie kwaad in de zin heeft, kan hen zonder veel moeite doodschieten of afvoeren in de kofferbak van een auto. Om risico’s binnen de perken te houden, moeten zij zo onzichtbaar mogelijk te werk gaan. Ruchtbaarheid geven aan je verblijf speelt potentiële daders in de kaart. Juist daarom is de nieuwe toestemmingswet gevaarlijk. Hoe Grapperhaus zijn ‘speciale website’ en de procedure daaromheen denkt te beveiligen, wordt niet duidelijk, terwijl geheimhouding van aanvragen voor de betrokkenen van levensbelang is.

Een bedreigende situatie zal zeker ontstaan als toestemming wordt geweigerd en de afgewezen journalist naar de rechter moet stappen. Zijn reisplan ligt daarmee op straat. De verslaggever belandt mogelijk al voor vertrek in het vizier van de terroristen die de regering nu juist graag wil ­beteugelen.

Uitzondering

Het kan gemakkelijk anders. In Denemarken is het sinds 2016 verboden zonder overheidstoestemming naar Syrië te reizen. Maar voor journalisten bestaat daar een duidelijke uitzonderingspositie: wie een perskaart kan tonen, krijgt geen problemen met de politie. De Nederlandse Journalisten Vereniging (NVJ) heeft Grapperhaus voorgesteld ook hier te kiezen voor zo’n oplossing. Maar daar wil de minister niets van weten. Te ­hopen is dat de Eerste Kamer deze misser rechtzet. Journalisten in conflictgebieden verdienen bescherming van de Nederlandse overheid, niet een maatregel die ze extra in ­gevaar brengt.

Ana van Es is correspondent voor de Volkskrant in het Midden-Oosten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden