Tv-recensieArno Haijtema

Jort Kelder was als leider van het racismedebat lenig, geestig, vol vaart, brutaal en respectvol

De publieke omroep had de héle zondag uitgeroepen tot themadag ‘Nederland tegen racisme’ en dus kwam dat hoogst actuele onderwerp gisteren in talrijke programma’s op radio en tv aan bod. Inspelen op maatschappelijke kwesties bewijst het bestaansrecht van de publieke omroep en dat ze in de dosering daarbij soms wat doorschiet, ach, dat gebeurt bij sportkampioenschappen ook wel eens.

Onbetwist hoogte- dan wel dieptepunt (afhankelijk van welke positie je in de discussie wilde innemen) was het ’s avonds door Jort Kelder van Avrotros geleide debat in De stelling van Nederland. Een divers gezelschap discussieerde in Rotterdam  over: ‘Het racismedebat drijft Nederland uit elkaar.’ Een wat vreemde, afgeleide stelling – alsof het debat zelf het grootste probleem zou zijn.

Kelder verontschuldigde zich met zijn mild ironische blik bij voorbaat dat hij, ‘witte man’, ‘überkakker’ en ‘vleesgeworden wit privilege’ de taak van presentator had geaccepteerd. Een achtergrond die hem en De stelling vanuit activistische Black Lives Matters-kringen op een regelrechte boycot was komen te staan.

De redactie had vijfhonderd personen benaderd, vertelde Kelder, maar Baudet-achtig rechts noch de stem van BLM liet bij hem van zich horen. ‘De activisten noemen witheid een vorm van psychose’, aldus Kelder; zij predikten in cultuurcentrum Pakhuis De Zwijger in Amsterdam voor eigen parochie. Dat gesprek vond gelijktijdig plaats met De stelling en was op Facebook te volgen. Opmerkelijk genoeg mede gefaciliteerd door de VPRO, óók publieke omroep: stuiptrekking of opleving van de verzuiling?

Kelder had het doorgaans redelijke middenveld te gast, blank en gekleurd in talrijke schakeringen en met uiteenlopende achtergronden. Raspolitici als Denk-voorman Farid Azarkan: ‘Niet het racismedebát, maar racisme drijft de samenleving uit elkaar.’ Sportanalist Gregory Sedoc, toonbeeld van redelijkheid: ‘We moeten niet schreeuwen, maar in gesprek gaan.’ Burger Pauline de Jong, die lijdt aan MS en geen adequate zorg vindt: ‘Ik voel me als Nederlander gediscrimineerd, waarom zou ik excuses maken voor misdaden die mijn voorouders niet hebben gepleegd?’

Kaouthar Darmoni, directeur van een kenniscentrum voor emancipatie, legde een lelijk staaltje blank superioriteitsdenken bloot met de constatering dat de discussie over ‘de eerste vrouwelijke premier van Nederland’ achterhaald is: in de persoon van de Antilliaanse Maria Liberia-Peters hebben we die allang gehád.

Er was onder de wetenschappers, politici en (meestal hoger opgeleide) burgers van kleur tamelijke eensgezindheid over het belang het bestaan van racisme in Nederland voluit te erkennen. Dat scholen meer aandacht moeten besteden aan het slavernijverleden en dat excuses geen halszaak zijn. Dat er stadsmariniers, boetes of een Deltaplan tegen (arbeids)discriminatie moeten komen, maar ook, zoals ex-politicus Keklik Yücel zei, dat we het door activisten aangezwengelde racismedebat ‘nu niet moeten verprutsen’.

Een wenk die ook de publieke omroep zich kan aantrekken. Dit overvolle debat was een eerste aanzet die schreeuwt om een vervolg. En ja, graag onder leiding van Kelder, die dat lenig, geestig, vol vaart, brutaal en respectvol doet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden