ColumnSander Schimmelpenninck

Jongeren moeten zich organiseren binnen de bestaande instituties

Tijdens mijn middelbareschooltijd, zo rond de eeuwwisseling, was televisie nog het medium waarop de jeugd kon worden bereikt voor een boodschap van de overheid. Zappend tussen TMF en The Box, te midden van Punica- en Melkuniereclames − geen bommetje! − werd mijn generatie met SIRE-spotjes op het hart gedrukt dat een beter milieu bij jezelf begint. En dat jij de maatschappij bent. Los van de goede bedoelingen en pakkende boodschap, paste de op het individu gerichte boodschap ook feilloos in het tijdsbeeld. In een tijd waarin het kapitalisme overal zegevierde en het individu definitief was bevrijd, zou een boodschap over een ‘wij’ hopeloos ouderwets aanvoelen.

Wilt u deze column liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Twintig jaar later is de toon van de overheid helemaal anders; nu moeten we juist samen voor of tegen dingen zijn en is de jij vervangen door een wij. De vraag is of die boodschap niet te laat komt; dankzij sociale media is de individualistische en narcistische geest blijvend uit de fles, zo bleek afgelopen week. Het beschamende optreden van door filterbubbels opgeslokte influencers maakte niet alleen duidelijk hoezeer populariteit tegenwoordig is losgekoppeld van kwaliteit, maar ook hoe zelfoverschatting de norm is geworden. ‘De maatschappij, dat ben jij’ heeft onbedoeld de opmaat gegeven voor #ikdoenietmeermee, oftewel ‘de maatschappij, dat ben ik niet’. Gelukkig draaiden de onbenullen dankzij geduldige vaders als Gommers en Aboutaleb snel bij.

Dat het aanspreken van het individu tot weinig leidt en een beter milieu niet bij jezelf begint, werd door onder meer Jaap Tielbeke en Roxane van Iperen al overtuigend beschreven. Met vliegschaamte, vegetarische schnitzels en linnen tasjes gaan we de klimaatverandering niet stoppen, zo betogen zij, en de suggestie dat dat wel zo is, zorgt alleen maar voor vertraging van wezenlijke veranderingen, want die moeten van de overheid en bedrijfsleven komen.

Het hameren op de verantwoordelijkheid van de consument is weinig meer dan een afleidingsmanoeuvre van lakse overheden en onwelwillende bedrijven. Bovendien zorgt consumentenactivisme voor een ondraaglijk superioriteitsgevoel, zoals de op elke snelweg waarneembare Teslahufterigheid die ervoor zorgt dat je uit protest voortaan alleen nog maar een diesel wil rijden.

Net zoals een beter milieu helemaal niet bij jezelf begint, begint er eigenlijk geen enkele wezenlijke verandering in onze maatschappij bij onszelf. Grote veranderingen moeten komen van onze democratische instituties, en we kunnen om de vier jaar stemmen om daar andere mensen neer te zetten.

Natuurlijk kunnen de publieke opinie en protesten beleid beïnvloeden, maar de overal waarneembare trend om je af te keren van de overheid en oplossingen uitsluitend te zoeken buiten de bestaande structuren is even zorgelijk als onzinnig. ‘We’ zijn niet alleen de maatschappij, maar óók de overheid. Niet mee doen kan helemaal niet en een oproep daartoe is dus puberale onzin.

Toch is het ongeduld van jonge mensen begrijpelijk, ik heb er zelf ook last van. Wanneer structuren in beton gegoten lijken en de hoop op spoedige verandering steeds ijdeler wordt, zijn er tegenwoordig volop mogelijkheden om het dan zelf maar te doen. Het gemak en de snelheid waarmee online een eigen plan kan worden getrokken staat in schril contrast met de trage verandering in de fysieke wereld en politiek.

Dat leidt tot frustratie, fragmentatie en segregatie, zoals deze week weer werd bewezen met de lancering van aspirant-omroep Zwart. Hoewel de initiatiefnemers die naam uitleggen als het resultaat van het mengen van alle kleuren, is het moeilijk je aan de indruk te onttrekken dat er wéér een zuiltje wordt opgetuigd, waarin een smaldeel van de bevolking het heel erg met elkaar eens gaat zitten zijn.

De onvrede over het uitblijven van grote veranderingen vertaalt zich vooralsnog uitsluitend in bewegingen die zich buiten de gevestigde orde plaatsen. Het valt daarnaast te vrezen dat jongeren het straks bij de verkiezingen, waar ze écht het verschil kunnen maken, weer massaal laten afweten. Jongeren zouden, hoe lastig ook, hun onvrede moeten leren kanaliseren en organiseren binnen de bestaande instituten. Of in influencerstaal: Change the game, not the players.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden