Column Ibtihal Jadib

Je komt er toch niet mee weg om het nieuwe decennium in te wandelen zonder achterom te kijken

Beeld Aisha Zeijpveld

Of ik even wil terugblikken op de jaren tien. Dat is waar ook, dacht ik, we hebben alweer tienmaal 365 dagen achter de kiezen. Nu wil het geval dat de tijd zich vanzelf aaneenrijgt, maar je komt er toch niet mee weg om het nieuwe decennium in te wandelen zonder achterom te kijken.

Als ik het jaar 2010 in herinnering roep vertrekt mijn gezicht. Het was bepaald niet mijn finest hour. Ik woonde tot mijn frustratie nog steeds bij mijn ouders, in m’n werk kon ik m’n draai maar niet vinden en verder had ik sowieso geen benul waar het nou heen moest, met dat leven van me. Ik belande bij de psycholoog aan wie ik vertelde dat ik een volleerde kameleon was: ik kon soepel schakelen tussen de Nederlandse en de Marokkaanse wereld, maar temidden van al die sociale behendigheid was ik vergeten een eigen identiteit te ontwikkelen. Die had ik ook niet echt nodig gehad want zolang je vriendelijk blijft meeveren met iedereen zijn mensen dik tevree. Maar in 2010 begon het te wringen: was ik nou een aangename teamspeler of een bange hypocriet?

Het zou het jaar worden van de aardverschuivingen, want ik verruilde het ouderlijk huis voor een eigen appartement in de stad, ging werken bij een nieuw kantoor en hupsakee, gooide er ook nog een oogoperatie bij: weg met die bril, voortaan zou ik zonder barrières de wereld in kijken. Zo sloeg ik op m’n 25ste alsnog aan het puberen. M’n moeder kreeg nauwelijks tijd om bij te komen, want ik was nog niet verhuisd of ik boekte al m’n eerste solo-vakanties. Zij is grootgebracht met de overtuiging dat er op iedere hoek van de straat een verkrachter klaarstaat, en ik liet doodleuk wekenlang niets van me horen terwijl ik van hostel naar hostel slenterde.

De rust zou niet meer terugkeren want in 2012 liep ik een Nederlander tegen het lijf met wie ik de toekomst wilde verkennen. Dat zette de boel op scherp: bleef ik mijn traditionele opvoeding trouw of zou ik definitief ‘overlopen’? Ik vond het zo’n lelijk dilemma dat ik me begon af te vragen waarom ons denken zo beperkt is, waren dit werkelijk de enige smaken die we konden verzinnen? In vriendelijk meeveren had ik tegen die tijd allang geen zin meer dus ik deed waar ik zin in had: trouwen met die leuke vent. Dat leverde in 2015 een kind op, en in 2016 nog een. Wat er in de jaren daarna is gebeurd heb ik verdrongen, er staat me vaag iets bij van lekkende borsten tijdens een zitting bij de rechtbank en andere jongewerkendemoederpaniek maar verder is het een waas. Inmiddels leid ik het bestaan van een saaie burgertrut en het interesseert geen hond meer of ik een ‘verkaaste’ Marokkaan ben of een namaak-Nederlander. Mijzelf nog het minst.

Als ik nu discussies voorbij zie komen over het beschermen van tradities of voetballers die een keuze moeten maken tussen het Nederlandse elftal of het Marokkaanse, haal ik m’n schouders op. Het concept ‘identiteit’ wordt veel te serieus genomen. Wat maakt het uit als je een beetje te veel bent van dit of te weinig van dat? Er staat niemand aan het einde van de rit oorkondes uit te delen voor de best geconserveerde Nederlander. Of de meest zuivere Marokkaan. Hooguit krijg je te horen of je een beetje aardig bent geweest, geloof ik.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden