Brieven 26 mei 2018

Jacht had drama Oostvaardersplassen kunnen voorkomen

De ingezonden lezersbrieven van zaterdag 26 mei

Edelherten in de Oostvaardersplassen. Beeld ANP

Brief van de dag: Oostvaardersplassen 

Uit het artikel over de damherten in de Oostvaardersplassen (Ten eerste, 23 mei) blijkt dat daar weinig evidence based kennis bestaat over wildbeheer. De populatie herten en paarden is daar eerst jaar na jaar gegroeid tot het zesvoudige en toen winter na winter gedecimeerd doordat het voedsel achter de hekken op bleek te zijn en het gebied verwoest was. Jagers voelen zich al een aantal winters gedwongen de bijna dode dieren af te maken en nu is er nog steeds het dubbele aantal over van wat het gebied aankan. Gedeputeerde Staten van Flevoland willen 980 herten op transport stellen. Weten ze zeker dat ze goed verdoofd zijn? Als ze bijkomen, hoop ik dat ze niet in paniek al te veel poten en nekken breken. Vervoer en herstel van het gebied worden geschat op maar liefst 3,2 miljoen euro.

Wat is er gebeurd met het groot-wildbeleid dat jagers en natuurbeheerders (ja, die twee gaan samen) al decennia met succes voeren? Elke jagersvereniging weet door de verplichte jaarlijkse telling hoeveel groot wild ze heeft en hoeveel afschot daarbij hoort om haar populatie gezond te houden. We hebben nu eenmaal geen beer en wolf in dienst om dat te doen. Vervolgens gaan jagers op wacht op een hoogzit om, vaak met een collega, de juiste dieren te selecteren en te bepalen of dat een juist afschot is qua leeftijd en geslacht. En dan worden dieren, vaak zonder dat ze het merken, met een goed schot ‘geoogst’. Leuk leven gehad, elk jaar een verantwoord aantal en het drama van een groot aantal stervende dieren en een kaalgevreten gebied wordt voorkomen.

Pieter van Geel heeft groot gelijk: het is de eerlijkste oplossing om het teveel aan dieren alsnog af te schieten. Zorg er dan wel voor dat het vlees voor een redelijke prijs in de supermarkten terechtkomt.

Germa Vink, Utrecht, flexitariër, dochter van jachtopzichteren natuurbeheerder en zus van verantwoord jager

Maak lenen toch niet zo gemakkelijk

‘Zeker 1,4 miljoen huishoudens kampen met forse schulden’, meldt de krant in een artikel over de aanpak van schulden (Ten eerste, 23 mei). Er wordt goed nagedacht over hoe burgers die diep in de ­financiële ellende zitten, geholpen kunnen worden. Overheden, woningcorporaties, gemeenten, iedereen werkt mee. Prachtige initiatieven, niets op tegen.

Maar dan denk ik, als moeder van een eerstejaarsstudente, aan die enorme aantallen studenten die sinds de afschaffing van de basisbeurs onbekommerd lenen. En die zich niet laten weerhouden om veel te lenen, ‘want iedereen zit straks met een enorme schuld, mam, ik ben echt niet de enige’. Deze groep jonge burgers leeft bij de gratie van zogenaamd gratis geld, en geen overheid die zich van die bizarre situatie iets aantrekt, of zich realiseert dat dit verstrekkende gevolgen heeft voor de wijze waarop deze burgers tegen schulden aankijken.

Een financiële opvoeding begint thuis, maar kan vakkundig de nek om­gedraaid worden door een letterlijke ‘druk op de knop’ bij Duo, de leeninstantie voor studenten. In een mum van tijd kan het leenbedrag worden opgeschroefd. En terugbetalen? Wie dan leeft, wie dan zorgt.

Laten we als weldenkende burgers niet de valkuil van schulden vergroten door het lenen zo gemakkelijk te maken. Kijk niet alleen naar acute gevallen van problematische schulden nu, maar denk ook na over hoe je burgers helpt bij het ontwikkelen van financiële weerbaarheid. En ik zou het niet verkeerd vinden als we als maatschappij studenten ook weer een financieel steuntje in de rug zouden geven.

Lidwien Daniels, Wageningen

Voorkom huisuitzetting

Niet het aflossen van schulden is het ­probleem (Ten eerste, 23 mei), maar hoe die schulden ontstaan. Als ze op alle uitkeringen, de huur, energie en zorgpremies worden ingehouden en deze rechtstreeks worden voldaan, dan is al 80 procent van de problemen opgelost. Een gemiddelde huisuitzetting kost de samenleving tussen de 30- en 100 duizend euro. Het is enorm hoeveel ellende en ­juridische en maatschappelijke werkzaamheden er aan een huisuitzetting voorafgaan. Daarna moeten de uitgezette gezinnen weer geherhuisvest worden, enzovoort. Het is buitengewoon triest dat beleidsmakers en overheid aan al deze ellende en verdriet nog steeds geen einde hebben gemaakt.

Duco Douwstra, Vleuten

40 jaar lawaaibak

Hoe is het mogelijk om een glasbakfeestje te vieren!? Terwijl mijn vrouw en ik ons al jaren ergeren aan het lawaai dat die beesten maken. Dag en nacht worden ze gevoerd. En drie keer per week mogen we, meestal ’s morgens vroeg, ­genieten van de ontlading.

Graag op alles van glas statiegeld heffen, en niet 10 cent, maar een euro. Dan is het zo afgelopen met die monsters. Laten we voor papier, karton en bankstellen iets soortgelijks organiseren. Anders gewoon weer alles bij elkaar en een of twee keer per week laten ophalen door een vuilniswagen, net als vroeger. Verlos ons van deze herrieschoppers en vuilstortplaatsen in onze stad.

Frans van Maanen, Den Haag

Rutte en het geluk

De opmerking van Mark Rutte over geluk (‘ik ben er maar beperkt van overtuigd dat wij als politiek wat kunnen doen voor het geluk van mensen’) deed mij terugdenken aan mijn werk bij VWS voor de jeugdhulpverlening, eind jaren tachtig. We lieten toen een traject uitvoeren om het aantal thuisloze jongeren te verminderen. De uitvoerder van het project was een zeer bevlogen, praktisch ingestelde man. Hij stelde een – voor die tijd vooruitstrevende – resultaatverplichting voor van het aantal jongeren dat onderdak zou krijgen. Maar, zo zei hij, ik kan ze een dak boven het hoofd bieden, ik kan ze niet gelukkig maken. Een wijze les.

Cilia Kleijwegt, Zoetermeer

Pesten en de leraar

Slechts enkele antipestprogramma’s kunnen het pesten op school terugdringen (Ten eerste, 25 mei). Weer wordt de oplossing gezocht in een bureaucratische werkelijkheid: meer vragenlijsten invullen om pesters te registreren. De invloed en kracht van de leerkracht ­worden volledig buiten beschouwing ­gelaten. Hoe hij kan aansluiten bij zijn leerlingen, zijn waarneming in de klas (wat ziet hij wel en niet), het lef om al zijn vaardigheden in te zetten om pestgedrag terug te dringen, hoe de vertrouwensband tussen leraar en leerling te vergroten, daar gaat het niet over.

Jeanet de Jong, Utrecht

Molensloot

Mooi dat ook André Rieu fan van Kuifje is (‘Uitzicht uit mijn raam’, V, 23 mei). Eén correctie: kapitein Haddock kocht kasteel Molensloot niet zélf. Daar had hij geen geld voor. Professor Zonnebloem kocht het voor hem.

Daan Mulder, Amsterdam

Micha Wertheim

Micha Wertheim schrijft in zijn reactie op het manifest van Vrij Links dat de schrijvers van dat manifest kunst niet moeten politiseren (Geachte redactie, 24 mei). Wie is Micha Wertheim om te bepalen wat kunstenaars dan wel manifestschrijvers wel of niet met hun kunst of manifesten moeten doen?

Lennart Freud, Amsterdam

Rechters geen hekkensluiters

In de Volkskrant van 24 mei doet voormalig staatssecretaris Teeven een paar stellige uitspraken over Nederlandse rechters die zich zouden laten misbruiken door Rusland. De in dit opinieartikel aangedragen punten van Teeven hebben mij zeer verbaasd, vooral omdat bewijsvoering van zijn aantijgingen tegen de rechtspraak ontbreekt. Bij het slechten van (internationale) handelsconflicten acteren Nederlandse rechters op zeer hoogstaand niveau en zij horen niet, ­zoals Teeven suggereert, in een rijtje hekkensluiters thuis. Ik vind het daarom belangrijk om er op deze plek op te wijzen dat de Nederlandse civiele rechtspraak al jarenlang als beste ter wereld wordt gerangschikt. Daar zijn wel bewijzen voor, te vinden in de jaarlijkse rapporten van The World Justice Project Rule of Law Index.

Frits Bakkervoorzitter Raad voor de rechtspraak

Dementerende geen halve zool

Stuitend dat de zoon van Jacques Beemsterboer dementerenden wegzet als ‘halve zolen’ (Magazine, 19 mei). In februari is onze moeder overleden na 12 jaar alzheimer, waarvan 6 jaar in een verzorgingstehuis. In die 6 jaar heb ik daar geen halve zolen gezien. Wel mensen die de weg kwijt zijn of zich afvragen hoe het met hun al lang overleden ouders is, die zich afvragen wie je bent, ook al kom je er al lang, die soms onrustig zijn; maar ook mensen die een spelletje doen, de krant lezen, zingen, een gezellig praatje maken, een rondje door de tuin wandelen en vaak met een glimlach of omhelzing al heel tevreden zijn. Alzheimer is een nare ziekte en het is verschrikkelijk dat je daardoor beperkt wordt. Een euthanasiewens als je de ziekte krijgt kan ik me erg goed voorstellen. Ik volg de ­discussie dan ook met interesse en hoop dat daar een oplossing voor komt.

Wat de ziekte wat draaglijker maakt voor zowel patiënt als naasten is goede verzorging zoals mijn moeder die kreeg: wat heeft de patiënt nodig, wat vindt zij fijn, hoe wil ze haar koffie, zullen we een ijsje eten, een fijne kamer die je kunt inrichten zoals de familie wil en een huiskamer waar de bewoners samen kunnen zijn. Dit helpt met de ziekte om te gaan.

Zolang veel dementerenden nog ‘weggestopt’ worden en er verzorgingstehuizen zijn waar ze eerder een nummer zijn dan een bewoner, protocollen belang­rijker zijn dan de onrust van de patiënt wegnemen, zal de aversie tegen en het beeld van hoe deze ziekte verloopt zo blijven. Het lijkt me zinnig om ons, naast het euthanasievraagstuk, te concentreren op goede zorg, zodat dementerenden niet meer als ‘halve zolen’ weggezet hoeven te worden.

Luc Corstens, Elst

Cursus dementie

Sandra Schoenmakers vraagt zich af of er geen begeleiding is in het ‘omgaan met dementie’ (O&D, 22 mei). Die is er bij verzorgingshuis Polderburen in Almere Stad. Onder begeleiding van een psycholoog en een deskundige praten wij – mijn zus, ik en nog 7 anderen die een naaste hebben met dementie – over deze ziekte. Door gesprekken, elkaars voorbeelden en video’s krijgen wij meer inzicht in wat alzheimer en dementie is, wat het met je doet en hoe te handelen.

Cor Tulp, Almere Haven

Erken Nederlandse gebarentaal

Staatssecretaris Tamara van Ark wil meer gehandicapten aan het werk helpen. Dat kan simpel door de Nederlandse gebarentaal te erkennen. Twintig jaar geleden heeft het Dovenschap daar al om gevraagd. In 2001 heeft een commissie van de UvA dit ook al aanbevolen. Maar het kabinet is hier doof voor. Er zijn 20 duizend doven die hierdoor betere mogelijkheden krijgen voor onder andere werk. De staatssecretaris hoeft zelfs geen wet in te dienen, want dat hebben Roelof van Laar (PvdA) en Carla Dik-Faber (CU) in 2016 al gedaan. Een makkie dus voor Tamara van Ark. Ze kan zo sympathie ­terugwinnen en bovendien als eerste politicus op de foto met een gebarentolk.

Gerard van der Linden, Lage Zwaluwe

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.