Column Aaf Brandt Corstius

Is iemand langer dan vijf seconden aankijken seksuele intimidatie?

Aaf Brandt Corstius

Ik heb de afgelopen week veel gedachten besteed aan de vraag of iemand langer dan vijf seconden aankijken seksuele intimidatie is.

Netflix heeft nieuwe omgangsregels voor zijn werknemers, #MeToo-omgangsregels, om het zo maar te zeggen, die zijn nogal, nou ja, Amerikaans. 

Amerikanen hebben de neiging om met elke vorm van dreiging spastisch om te gaan. Als het waait, voorspellen alle weermannen meteen een tornado. Als je een kop koffie afhaalt, staan er op de beker drieduizend waarschuwingen dat koffie heet kan zijn. Toen ik als student aan een Amerikaanse universiteit ooit dronken op de vloer in slaap gevallen was, moest ik van de universiteit drie bijeenkomsten van Alchoholics Anonymous bijwonen. Zo overdreven reageren ze op elke mogelijke dreigende situatie – behalve met nucleaire dreiging, daar gaan ze best ontspannen en behendig mee om.

Nu probeert Netflix elke vorm van #MeToo te voorkomen door een set nieuwe gedragsregels. De raarste is dat je niet langer dan vijf seconden naar een collega mag kijken. Andere regels zijn dat je een collega niet meerdere keren om zijn of haar nummer mag vragen (ik heb al jaren geen collega’s meer, maar de essentie van collega-zijn lijkt me toch dat je elkaars nummer hebt), dat je niet mag doen aan ‘lange omhelzingen’ en dat je niet mag flirten. Behalve die lange omhelzingen – lang omhelzen moet inderdaad streng verboden worden op de werkvloer, gadverdamme – vind ik het een ingewikkeld stel regels.

Ik bedoel: wat is flirten? Ik had vroeger een collega die varkens verzamelde. Haar hele werkplek was bezaaid met varkensknuffels, varkensbeeldjes, varkensmokken en varkenspennen. Soms ging er iemand bij haar bureau staan met een kopje koffie en die praatte dan honderduit met haar over al haar varkensparafernalia. Maar of dat flirterig was, gewoon vriendelijk, of ronduit geïnteresseerd, dat viel moeilijk te duiden.

Hetzelfde geldt voor de vijfsecondenregel. Als ik terugdenk aan mijn verleden met collega’s, denk ik dat ik constant langer dan vijf seconden naar ze aan het kijken was, en zij naar mij, maar dat deden we op heel veel manieren.

Er was bijvoorbeeld de veelzeggende blik die je met elkaar uitwisselde tijdens een vergadering, als een andere collega een belachelijk idee voor een artikel opperde (‘Ik wil uitzoeken of er leven op Mars is’). Er was de extreem lange blik die je met de collega aan het bureau tegenover je uitwisselde als een ander over haar allergie voor margarine uitweidde. Er was ook de schijnbaar eeuwigdurende blik die je werkgever je gaf bij een functioneringsgesprek als ze net op vlakke toon had gezegd: ‘Hoe vind je dat het zelf gaat.’

Dat was verschrikkelijk, maar wel deel van het leven.

Maar die langdurige omhelzingen moeten wel gestopt worden.