Column Eva en Eddy Posthuma de Boer

Is de juiste drijfveer eigenlijk een ander doel voor ogen hebben?

Het leven door de ogen van de Posthuma de Boers - een foto uit het rijke naoorlogse archief van vader Eddy, met een tekst van dochter Eva. Over plichtsbesef, ambitie en tweede keuze.

Eigenlijk wilde slager Dario Cecchini dierenarts worden. Omdat hij zo van dieren hield. Tamelijk wrang, voor een slager, zou je zeggen. Dario’s vader had een slagerij in een dorpje vlakbij Florence. Het gezin Cecchini woonde erboven en alles draaide om vlees. Binnen de familie was Dario de beoogde opvolger van zijn vader, toch vertrok hij op zijn 18de naar de grote stad en begon aan een studie dierengeneeskunde. Toen hij na een jaar bericht kreeg dat zijn vader was overleden, keerde hij terug naar huis; plichtsbesef overwon de ambitie.

Al doende leerde Dario het vak, maar de slacht kon hij slecht aanzien. Tot hij besefte dat ook een slager kan werken vanuit liefde voor dieren, en hij een simpele slagersfilosofie optekende die hij sindsdien toepast en uitdraagt. Dieren hebben vier dingen nodig: een goed leven, een goede dood, een goede slager, en een goede kok. Aldus laat Dario zijn koeien gezond eten en buiten leven, en zorgt hij voor traumaloze slacht. Als slager gebruikt hij elk mogelijk deel van het dier zodat niets roemloos verloren gaat, en hij heeft inmiddels drie restaurants met fantastische koks, van wie hij er zelf een is.

Voor vele chefs en slagers over de hele wereld is Dario een inspirator, zo ook voor een stelletje Amsterdamse worstenmakers, die met Dario een wilde venkelworst ontwikkelden, en om dat te vieren vorige week samen met hem een diner gaven. Ik was er als de kippen bij, en wist een plekje aan een van de lange tafels te bemachtigen. In een folkloristisch tricolore vest en op rode croqs blies Dario zijn herdershoorn om het diner te openen, en riep hij met een ontwapenende lach dingen als ‘carne diem!’ en: ‘to beef or not to beef!’

Armando. Beeld Eddy Posthuma de Boer

Zijn blijdschap en haast naïeve onbeschaamdheid ontroerden me, en ik dacht aan Armando, de schilder, schrijver, toneelspeler én violist die eigenlijk bokser had willen worden. Al het andere wat hij deed, en dat was dus nogal wat, was tweede keuze. Toch werkte hij als een bezetene. Hij wist mensen te raken met zijn teksten, met zijn schilderijen, werd erom gelauwerd en bewonderd. Maar voor hem, ach, hij vond het allemaal zo interessant niet. Kunsthistorici die hele analyses op hem loslieten: flauwekul. Journalisten die hem wilden interviewen: tijdverspilling. Geld, wat moest hij ermee? En toch maar doorwerken, tegen de klippen op, creëren. Dat was zijn leven. Maar het was niet wat hij het allerliefste had willen doen, het was geen boksen. Zou dat juist zijn drijfveer zijn geweest? Zou dat zijn wat een kunstenaar groot maakt: eigenlijk een ander doel voor ogen hebben? Is dat wat snobisme en ijdelheid verdrijft, en eigenheid brengt?

Eva Posthuma de Boer (1971) is schrijver (van onder meer de roman En het wonder ben jij, 2018); Eddy Posthuma de Boer (1931) is fotograaf en werkte voor Het Parool, de Volkskrant, Time-Life en Avenue. Samen kiezen ze elke twee weken een foto uit Eddy's archief. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden