Opinie Spaaroverschot

Investeren in een gezonder Nederland is echt belangrijker dan de overheidsschuld verder terugdringen

Minister Wopke Hoekstra van Financiën (CDA). Beeld ANP

Minister Hoekstra zei bij de Humboldt-lezing dinsdag in Berlijn dat wie (economisch) niet hervormt en zich niet aan de regels van het Stabiliteitspact houdt, ‘geen aanspraak meer kan maken op Europees geld’. Daarbij doelde hij ongetwijfeld op Italië, dat hij doorlopend openbaar kastijdt. Maar Europese regels zeggen ook dat landen in de eurozone geen groter spaaroverschot mogen hebben dan 6 procent van hun bruto binnenlands product (de totale verdiensten van een land). Nederland zit daar al tientallen jaren boven, afgelopen jaar zelfs met een ongelooflijk record van 10,9 procent van ons bbp. (Ter vergelijking: vroegere zondaar China had een overschot van 0,4 procent, in euro’s de helft van Nederland.) In Nederland verdienen we dus bijna 11 procent meer dan we aan lonen en investeringen uitgeven, en dus in andere landen beleggen of investeren.

Toch schrijft diezelfde minister in de miljoenennota van 2018 dat ‘de Nederlandse overheid geen beleid voert dat gericht is op het sturen van het ­lopende rekeningsaldo’. Oftewel: van deze Europese regel, dat we ons spaaroverschot moeten terugbrengen, trekken we ons geen zier aan. Nederlandse hypocrisie ten voeten uit: ­anderen hard bekritiseren, terwijl we zelf geen haar beter zijn.

Nog een reden dat Nederland wel iets aan dat absurd hoge spaaroverschot gaat doen: het is sociale en economische waanzin. Zo’n overschot betekent dat Nederlandse verdiensten naar het buitenland, en niet naar de eigen economie gaan. Internationale organisaties als IMF en Oeso, en de Europese Unie ­bevelen Nederland dan ook aan: verhoog de lonen, investeer meer. De regering kan dat doen door het minimumloon te verhogen, waarvoor de vakbeweging actie voert en waarvoor al een initiatiefwetsvoorstel klaarligt. Ze kan fors investeren in milieumaatregelen en strengere uitstootbeperkingen afdwingen. Dan gaat het niet alleen om CO2, ook om de uitstoot van fijnstof, stikstofoxides en ozon. Wie denkt dat Nederland daarin al vooroploopt heeft het mis.

Bij de CO2-uitstoot slaan we Europees een modderfiguur: na Luxemburg hebben we de hoogste uitstoot per hoofd van de bevolking, en de Nederlandse CO2-reductie vanaf 1990 is de laagste van Europa. Met duurzame energie zijn we de één na slechtste. En door luchtvervuiling sterven in Nederland jaarlijks 12 duizend mensen vroegtijdig; 4 procent van alle zieken is alleen al aan fijnstof te wijten. We lijken Duitsland wel: daar is een begrotings- en exportoverschot verdiend ten koste van infrastructuur, hier van milieu en gezondheid.

Investeren in een gezonder Nederland is echt belangrijker dan de overheidsschuld verder terugdringen. Het probleem is misschien dat onze regering te weinig initiatief neemt. Hoog tijd ook dat ‘de vervuiler betaalt’ voor industriële grootvervuilers gaat gelden en die kosten niet langer op natuur, overheid en huishoudens worden afgewenteld. Als Nederland dat alles doet, zal ons exportoverschot, zoals gewenst, afnemen. Daar hebben wij, en ons nageslacht, meer aan dan aan een hoger begrotingsoverschot en geëxporteerde winsten.

Alman Metten is oud-lid Europees Parlement PvdA.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.