Ingezonden brieven

Ingezonden brieven: Laat gezonde ouderen mantelzorg bieden

De lezersbrieven over hulpbehoevende ouderen, het examen Nederlands dat niet over Nederlands gaat, de afwezige klimaatminister, XL-terrassen en waarom Jeroen Brouwers de P.C. Hooftprijs nooit won.

Redactie
Hans en Ria Keen uit Boekelo. Zij is mantelzorger voor hem. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Hans en Ria Keen uit Boekelo. Zij is mantelzorger voor hem.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Brief van de dag

Nederland heeft nu al 50.000 verpleegkundigen te weinig en elk jaar loopt het tekort met 10.000 verder op. Vooral voor Noord-Brabant is de situatie onheilspellend. Veertig jaar geleden mocht ik als vers afgestudeerde psychogerontoloog voor de Provincie Noord-Brabant een beleidsnota schrijven over het toekomstige ouderenbeleid. Een alarmerende conclusie ervan was dat de provincie liefst een kwart van de totale Nederlandse vergrijzing voor haar rekening zou nemen.

Toen mijn moeder veertien jaar geleden dementie kreeg, hebben we dankzij de inzet van het hele ouderlijke gezin van twaalf kinderen, haar zeven jaar thuis kunnen verzorgen. Zo ging ik toen elk weekend van zaterdagavond tot zondagmiddag van Tilburg naar Limburg om op mijn moeder te passen. Maar uiteindelijk konden wij het zelfs niet meer bolwerken, en hebben we moeder te langen leste moeten laten opnemen in het verpleeghuis.

It takes a village to care for a person with dementia. De generatie Nederlandse ouderen die binnenkort hulpbehoevend wordt, heeft gemiddeld maar 1.9 kind om op terug te vallen. En het vergrijsde Noord-Brabant (en Limburg) zit nog eens onder dat gemiddelde.

Al vele jaren breek ik mijn hoofd over de vraag hoe het moet als de generatie waar ik zelf toe behoor massaal hulpbehoevend wordt. Ik kan maar één oplossing bedenken die soelaas biedt: gezonde ouderen beneden de 75 gaan vragen (of verplichten) om – bijvoorbeeld twee dagen per week – mantelzorg te bieden aan hun hulpbehoevende leeftijdgenoten.

Onhaalbaar? Nee. De meeste mensen deugen. En juist de gezonde ouderen hebben baat bij deze oplossing, immers ook voor hulpbehoevendheid geldt: heden ik, morgen jij.

Huub Buijssen, psychogerontoloog, Tilburg

Eindexamen

Het eindexamen biologie gaat over biologie, het examen natuurkunde over ­natuurkunde en het eindexamen kunst over kunst, alleen het eindexamen ­Nederlands gaat niet over Nederlands.

In de klas ben ik met mijn leerlingen bezig met Nederlandse literatuur – we lezen, bespreken en onderzoeken romans en verhalen, lezen en schrijven gedichten. Daarnaast gaan de lessen over de Nederlandse taal - de geschiedenis van onze taal, hoe de taal verandert, hoe kinderen taal leren, communicatieregels, de invloed van stijl op overtuigingskracht, het imago van taalvariëteiten en het ­verband tussen taal en identiteit.

Maar het eindexamen Nederlands ging wederom niet over Nederlands maar over een expositie in Venetië van de Engelse kunstenaar Damien Hirst en over big data. Welke gedachte zit daar achter? Dat we leerlingen met kunst en informatica in het profiel een voordeeltje moeten gunnen? Het voelde als een enorme anticlimax.

Maar daarmee houdt de ellende niet op, want hoewel de inhoud van de gekozen teksten volstrekt willekeurig is, zijn vorm en herkomst dat niet. Jaar in jaar uit bestaat het examen Nederlands ­louter uit bewerkte en gedateerde opiniestukken, columns en beschouwingen uit steevast dezelfde bladen.

Waarom niet eens een gedicht van Marieke Lucas Rijneveld, een kort verhaal van Bertram Koeleman, een polemische tekst van Jeroen Brouwers, een taalkundig artikel van Marc Oostendorp of een letterkundig artikel Van Maaike Meijer? Waarom niet eens een examen Nederlands dat voelt als een kroon op mijn werk in plaats van een klap in mijn gezicht?

Auke Abma, docent Nederlands, Den Haag

Jeroen Brouwers

In zijn necrologie bij de dood van Jeroen Brouwers merkt Hans Bouman op dat Brouwers ‘om raadselachtige redenen’ nooit bekroond is met de P.C. Hooftprijs. Daar heb ik het volgende bij op te merken: als jurylid van de P.C. Hooftprijs 2010 heb ik voorgesteld om Brouwers te ­bekronen ‘voor het te laat is’.

Mijn voorstel werd toen geblokkeerd door mijn Vlaamse jurycollega Geert ­Buelens, met het argument dat ­Brouwers ‘zo’n prijs toch niet nodig had’. Alsof het om een aanmoedigingsprijs ging. Helaas waren de andere juryleden onder de indruk van dit oneigenlijke ­argument.

Alle Lansu, La Palma (Spanje)

Klimaatminister

Kolencentrales die stilgelegd worden, prima klimaatmaatregel, maar waar is onze klimaatminister Rob Jetten als het gaat over droogte, stikstof, vollopende snelwegen en sterk toenemend vliegverkeer? Moet een klimaatminister niet belangrijker zijn dan alle andere ministers en overheden die gaan over mobiliteit, (digitale) infrastructuur, huisvesting, natuur en landschap? Het is niet dat we heel veel tijd hebben om de juiste keuzes te maken en we kunnen niet eeuwigdurend andere prioriteiten voorrang geven.

Mark Molenaar, Utrecht

Radicale ideeën

Een jaar geleden, nadat hij vergeefs had getracht zich uit de kwestie ‘functie ­elders’ te liegen, verkondigde Mark Rutte in een interview bij Nieuwsuur dat hij ­radicale ideeën had over een nieuwe ­bestuurscultuur en zijn eigen rol daarin.

Zou het feit dat hij in hetzelfde interview zei dat, mocht hij opnieuw premier worden, hij niet opeens allerlei dingen anders zou gaan doen de reden zijn dat wij daarna niets meer van zijn radicale ideeën hebben vernomen?

Marcel Besselink, Uithoorn

Littekens

Columnist Tim ’S Jongers legt zijn geloofsbrieven op tafel: hij weet waar hij het over heeft als het gaat om opgroeien in armoede. En hij heeft nog steeds te lijden onder de gevolgen ervan. Ook al heb je, zoals hij, je achterstand in kunnen halen dan ben je nog niet af van de ellende uit je jeugd. Moedig en mooi dat hij zijn littekens laat zien om het op te nemen voor de kinderen die vandaag onder ­zulke omstandigheden moeten leven.

Jan Zweens, Paterswolde

XL-terrassen

Maandag stond een bijna juichend artikel in de krant over de ruimte die horecaterrassen krijgen in Enschede, treffend XL-terrassen genoemd. Wat wordt vergeten is dat het hier om openbare, publieke ruimte gaat die voor iedereen goed bereikbaar en toegankelijk moet zijn.

Met name mindervaliden, rolstoel- en scootmobielgebruikers, blinden en slechtzienden worden vaak geconfronteerd met te nauwe doorgangen op trottoirs en pleinen. In het artikel was sprake van een minimale doorgang van 1,5 meter. Maar volgens de normen die o.a. in Amsterdam worden gebruikt, moet er minstens 1,8 meter zijn zodat een passage van beide zijden mogelijk blijft.

Ik vraag me af of de gemeente Enschede daar wel rekening mee houdt. In Amsterdam is Cliëntenbelang de instantie die toeziet op toegankelijkheid van de openbare ruimte. Tot voor kort adviseerde deze de Centrale Verkeerscommissie op dit punt. Los daarvan is het natuurlijk van de zotte dat zoveel openbare ruimte wordt opgeofferd aan terrassen, zeker in stedelijke omgeving. Als je klein behuisd bent, zijn dit soort ruimtes, evenals parken e.d. essentieel om je fijn te voelen.

Frits Wegenwijs, adviseur Mobiliteit en Toegankelijkheid, Amsterdam

Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden