columnAaf Brandt Corstius

Ineens begon het me te dagen dat alle mensen die ik goedgekleed vind altijd één goed ding dragen

Ik denk best veel na over mode, al zie je dat niet helemaal aan de kleding die ik meestal draag. Maar dat heeft te maken met het feit dat ik lui ben. En gehaast, in de ochtend. Dus ik heb bijvoorbeeld veel gedachten over de ideale mouwvorm (met veel pof, is momenteel mijn mening), maar dat betekent niet dat ik dat soort mouwen ook daadwerkelijk uit de kast trek als ik me in het halfduister haastig aankleed.

Gisteren las ik iets heel intelligents over kleding, en schoot het door mijn hoofd dat je stijltips veel beter kunt krijgen van mensen die eigenlijk helemaal niet modisch zijn. Dus niet van mensen die in de mode werken of van mensen die over mode schrijven, maar juist van mensen die een gewoon leven leiden waarbij ze evengoed kleding aan moeten.

Ik las een artikel op de modesite Manrepeller over de Amerikaanse acteur, regisseur en schrijver Larry David, die ik al jaren bewonder, maar niet per se om zijn stijl. Hij is gewoon heel grappig en maakte een van de twee comedyseries waarbij ik van het lachen letterlijk van de bank af op de grond ben gerold (die serie was Curb Your Enthusiasm, de andere serie waarbij ik op de grond viel was The Office).

Larry David werd geïnterviewd en vertelde wat zijn theorie over kleding was. ‘Je moet altijd maar één mooi kledingstuk tegelijk dragen’, zei hij. ‘Half is more.’ Scrollend door foto’s van Larry David, waarop hij altijd eigenlijk hetzelfde aanheeft, begreep ik wat hij bedoelde; hij draagt meestal een mooi jasje dat vast ontiegelijk duur geweest is, en de rest is beige, afgetrapt of saai.

Een eurekamoment. Natuurlijk had Larry David gelijk. Als je allemaal goede dingen tegelijk draagt, dus van chique stof, precies in de mode of heel duur, dan zie je er al gauw uit als Patsy van Absolutely Fabulous, of als een etalagepop, of als iemand die er te diep over heeft nagedacht. Terwijl je met één goed ding zorgt dat de aandacht niet versnipperd raakt, en iedereen zijn aandacht zal geven aan die geweldige sjaal die jij nonchalant om je nek hebt geslagen.

Ineens begon het me te dagen dat alle mensen die ik altijd goedgekleed vind – een vriendin uit mijn middelbare schooltijd, mijn stiefmoeder en Bill Cosby in het tijdvak 1984-1992 (sorry, maar dit gaat alleen over zijn truien) – ook altijd één goed ding dragen. Bijvoorbeeld een tweedehands jas met franjes, een opvallend plastic riempje of een wollen trui met Miró-achtige figuren erop.

Dat dit allemaal een excuus is om in de uitverkoop nog snel een te dure jas te kopen, laten we even achterwege.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden