tv-recensie wat een verhaal

In ‘Wat een verhaal’ ging het eindeloos over de hoed van een man die op de plek van een vrouw was gaan zitten

Sinds zaterdag: Wat een verhaal, van Omroep Max. Daarin vertelt elke aflevering een Onbekende Nederlander een persoonlijke anekdote waar hij of zij al jaren op verjaardagen de blits mee maakt. Een soort televisievariant van de podcast Echt Gebeurd.

In de eerste aflevering, ‘De Lunch’, zat de Zeeuwse Heleen in een lederen fauteuil tegenover André van Duin en Anne-Marie Jung. Heleen had dertig jaar geleden een kiosk in Renesse. Op een dag moest ze naar Rotterdam om inkopen te doen. Ze had de omzet van het weekend ervoor, zesduizend gulden, meegenomen in een tas. In Rotterdam kreeg ze honger en ging ze naar de Hema om wat te lunchen. Ze kocht een kop thee, drie kleine broodjes op een bordje, zette haar tas neer en ging zitten. Oh ja, bestek. Maar nadat ze een vork en mes had gepakt zat er opeens iemand anders op haar plek.

Het verhaal van Heleen werd nagespeeld door acteurs. Fragmenten van de verfilmde anekdote werden afgewisseld met gedeelten uit het gesprek met Van Duin en Jung. Soms onderbraken ze Heleen om wat te vragen, of – in het geval van André van Duin – om gewoon willekeurige woorden te zeggen. ‘Het was dinsdag’ zei Heleen. ‘Dinsdag’ zei Van Duin. ‘Ik had zesduizend gulden omgezet, het was nog het guldentijdperk’ zei Heleen. ‘Guldentijdperk’, zei Van Duin. ‘Dus ik in de auto’ zei Heleen. ‘Auto’.

Een goed verhaal valt of staat met de manier waarop het verteld wordt. Dat is waarom de vertellers bij Echt Gebeurd gecoacht worden in hoe ze hun verhaal zo goed mogelijk kunnen overbrengen. Dat zal waarschijnlijk bij Wat een verhaal ook gebeuren, maar dan had Zeeuwse Heleen zich er zaterdag niet zoveel van aan getrokken. Eindeloos ging het over het hoofddeksel van de man die op de plek van Heleen was gaan zitten in het restaurant. Het was een buitenlandse man met een soort, nou ja, buitenlandse muts op. Een fez. Nee, niet een fez. Meer een bonthoed. Een muts met iets roods geborduurd. Een hoofddeksel uit het oosten. ‘Een soort fez’. OH KOM AAN.

Hoe dan ook. De buitenlandse man met de buitenlandse hoed zat het broodje van Heleen te eten. Wat ze ook tegen hem zei, hij gaf geen kick. Heleen trok het bordje uit de handen van de man en at haar broodje op. Daarna stond hij op, haalde twee koppen koffie, lachte naar Heleen en liep weg. Toen kwam Heleen erachter dat haar tas met zesduizend gulden weg was. Fokking buitenlander. Heleen er achter aan, maar de fez was al lang gevlogen. Eenmaal terug in het restaurant zag ze, achter het tafeltje waar ze met de man gezeten, een tafel met een dienblad met daarop een kop thee en drie onaangetaste broodjes. En naast de tafel stond haar tas.  André van Duin lachte. ‘Je was aan de verkeerde tafel gaan zitten!’

Meen je niet. Wat een verhaal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden