column sheila sitalsing

In tijden van crisis laait goudkoorts altijd weer op. En crisis is het in Venezuela, al jaren

Daags na een spetterende onthulling van The Wall Street Journal over hoe het Venezolaanse regime van Nicolás Maduro in een vertwijfelde zoektocht naar middelen om te overleven stiekem 7.400 kilo goud via Oeganda heeft verkocht, heeft Curaçao afgelopen vrijdag halsoverkop de invoer, doorvoer en uitvoer van goud uit Venezuela verboden.

Niet dat deze voorraad  goudbroodjes via Curaçao is vervoerd (het ging in twee Russische vliegtuigen van Caracas naar de luchthaven van Entebbe, van waaruit het is doorgevoerd naar kopers in Turkije en het Midden-Oosten), maar Curaçao werd al langer scheef aangekeken. Door Nederlandse parlementariërs, en door de Amerikanen die op Venezolaans grondgebied een nieuwe koude oorlog aan het uitvechten zijn tegen Rusland en China. Omdat Curaçao, samen met Aruba, een poort naar de rest van de wereld is voor Venezolaans goud.

Het spul ging via de belastingvrije Free Zone op het eiland door naar onbekende verten, het vloog weg in gecharterde vliegtuigen, het ging met de KLM naar Nederland (zo werd vorig jaar nog op de luchthaven van Aruba een Venezolaanse man uit de businessclass geplukt die een koffertje bij zich had met 50 kilo aan goudstaven, bestemd voor Dubai).

Het gaat om twee soorten goud: goud dat in illegale mijnen wordt gedolven, niet zelden door criminelen, waarvan de winning gepaard gaat met kwik en geweld. En om goud uit de kluizen van de Centrale Bank dat de regering-Maduro verkoopt om een regime overeind te houden dat blut is na de instorting van de staatsoliesector en na de instelling van Amerikaanse handelssancties. Dankzij ondergrondse lijntjes, en met Russische hulp, weet de wankelende president zich staande te houden, want zolang de VS en de Europese landen geen acties verbinden aan hun dreigende taal over het ‘niet erkennen’ van Maduro als legitieme president van Venezuela, blijft-ie gewoon zitten waar hij zit.

En het goud zal blijven komen. Want het ligt overal in dat prachtige gebied. Venezuela ligt, net als Guyana, Suriname, Brazilië en Colombia, in het gebied van de mythische El Dorado, de Vergulde. De sprookjesfiguur die zich dagelijks onderdompelde in het goudmeer Parima – de Spaanse piraten die vanaf de 15de eeuw met geweld Zuid-Amerika innamen, zagen het met eigen ogen en vertelden het door aan hun kinderen en hun kindskinderen: de grond is er van goud.

In tijden van crisis laait de goudkoorts in die gebieden altijd weer op. En crisis is het in Venezuela, al jaren. Dus zijn criminele organisaties, milities, drugssmokkelaars, gewone mensen met een lege maag en gelukzoekers de goudgebieden ingetrokken. Met alle misstanden van dien; de regering van Curaçao maakt in de verklaring van afgelopen vrijdag gewag van ‘onderzoeken waaruit blijkt dat de Venezolaanse goudwinning nauw verweven lijkt te zijn met illegale mijnbouw, kapitaalvlucht, onderdrukking en uitbuiting’, en met ‘diverse vormen van georganiseerde, grensoverschrijdende en ondermijnende criminaliteit’, alsmede ‘smokkel en witwassen’.

Uit vrees voor ‘reputatieschade’ wil Curaçao per direct niets meer met Venezolaans goud te maken hebben. Dat zou je voortschrijdend inzicht kunnen noemen na jaren van vliegtuigen vol goud. Niet uit te sluiten valt dat het eiland op de kop heeft gekregen van de Amerikanen. Of van Den Haag, dat de ándere reputatieschade, veroorzaakt door de verschrikkelijke behandeling van Venezolaanse vluchtelingen, nog altijd niet erg genoeg vindt om in te grijpen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden