ColumnMarcia Luyten

In onze samenleving zijn ‘gelijke kansen’ een fundamentele waarde. De praktijk blijkt een grove schending van die moraal

Beeld .

Wel of geen herstelbetalingen voor de slavernij? In de laatste aflevering van De plantage van onze voorouders wordt de meest heikele kwestie van Nederlands slavernijverleden voluit op tafel gelegd. Het is een mooi gemaakte podcast van Maartje Duin, die zich als erfgenaam van een aandeelhouder in een Surinaamse suikerplantage afvraagt hoe ze zich moet verhouden tot dit belast verleden.

Het is bijzonder dat ze de zoektocht naar de plantage voortzet met Peggy Bouva, nazaat van tot slaaf gemaakten. Andere sterke troef is haar moeder. Haar naam weet ik na acht afleveringen niet, maar ‘mam’ – barones en opgegroeid in een familiedynastie die met landgoed, antieke juwelen, voorouderportretten en adellijk dialect ‘wit privilege’ belichaamt, verwoordt wat veel Nederlanders vinden: slavernij was heel erg, en ook héél lang geleden. Duin vraagt zich af: ‘Had ík in de Amsterdamse binnenstad een appartement kunnen kopen zonder erfenis?’

De historicus Karwan Fatah-Black antwoordt: ‘Als je kijkt naar jouw familie en die van tot slaaf gemaakten, zie je een verschil in opleidings­niveau, in welvaart, en in toegang tot de politiek.’ Niks lang geleden.

Toch zijn er argumenten tegen herstelbetalingen. Naar de normen van die tijd was slavernij niet ongewoon. Dat rechtvaardigt noch relativeert deze misdaden tegen de mensheid, het geeft de nodige context. Europese slavenhandelaren kwamen in Afrika zelden verder dan de kust; Afrikanen werden ontvoerd door rivaliserende stammen, zoals mensen eeuwenlang anderen hebben verhandeld en misbruikt. Zo zijn na de val van het West-Romeinse Rijk Europeanen ontvoerd en op slavenmarkten in het huidige Algiers verkocht. Arabieren hebben 1 miljoen Europeanen tot slaaf gemaakt. (Meer dan de 389 duizend Afrikanen die naar Noord-Amerika zijn ontvoerd. Het gros van de 12,3 miljoen tot slaaf gemaakten ging naar Latijns-Amerika en de Caraïben.) De Nigeriaanse schrijver Adaobi Tricia Nwaubani vindt dat haar overgrootvader, een rijke en gevierde slavenhandelaar, niet mag worden onteerd.

‘Het is unfair om Afrikanen uit het verleden te beoordelen naar de normen van vandaag. Dan houden we geen helden over.’ In Nigeria werden zeventig jaar terug nog slaven verhandeld. Het debat over slavernij is ook het toneel van opportunisme. Neem Akwasi. Vijf jaar geleden claimde hij een huis aan de Herengracht, ‘want gebouwd over de rug van slaven’. Even later liet hij zich voorstaan op zijn in Ghana ‘aristocratische’ achternaam. ‘Blijkt dat ik nazaat ben van een zwarte slavenhandelaar.’ Verontwaardiging als verdienmodel.

Dit alles vertroebelt tot een moeras en dat maakt herstelbetalingen voor wat in voorgaande eeuwen gebeurde, onuitvoerbaar. Wel is De plantage van onze voorouders onderdeel van een morele heroriëntatie. Een die onze blik ook dwingt naar de huidige verdeling van kapitaal.

In onze tijd en samenleving zijn ‘gelijke kansen’ een fundamentele waarde. De praktijk blijkt een grove schending van die moraal. In Nederland is vermogen veel ongelijker verdeeld dan men aannam: de rijkste 1 procent bezit eenderde van het private vermogen, veel daarvan verstopt in creatieve constructies met bv’s en belastingparadijzen. Onderzoek van het ministerie van Financiën trof 400 miljard euro, onzichtbaar voor de fiscus. Thomas Piketty liet zien dat kapitaal beter rendeert dan arbeid. Vermogen groeit exponentieel. Zakenman Bill Gates vergaarde een fortuin en verdiende nog meer als rentenier. Wie kapitaal erft of vergaart, betaalt weinig belasting, koopt beter onderwijs, betere zorg, woont beter, eet beter, leeft gezonder en langer. Niks gelijke kansen.

Het coronavirus wierp de vraag naar herverdeling al op (zelfstandigen en ondernemers lijden door de lockdown zwaar verlies, vermogenden zijn nauwelijks getroffen). Nazaten van tot slaaf gemaakten vragen herstelbetalingen. En dan is er de ‘gewone’ actualiteit van de hyperrijke renteniersklasse versus hardwerkenden, die na de financiële crisis fors inleverden op voorzieningen en inkomen. Het maakt serieuze herverdeling van kapitaal onontkoombaar.

Schoorvoetend ging Duins moeder mee de geschiedenis in, naar ­Suriname, naar de familie Bouva, en voelde dat het hoofdstuk slavernij niet afgesloten is. Als substantiële herverdeling van kapitaal – ook plantagekapitaal – leidt tot betere scholing, zorg en huizen, tot meer kansen voor ook de nazaten van tot slaaf gemaakten, kan dat iets herstellen van de materiële ongelijkheid die achterbleef na de slavernij. 

Marcia Luyten is journalist en schrijver.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden