ColumnHarriet Duurvoort

In mijn dromen richt Rutte zijn roemruchte krachttaal op winkeliers en ander mondkapjeskritische pruttelaars

Het is herfst. Waterkoude slagregens uit een loodgrijze hemel. Iedereen vlucht naar binnen. In het grote Rotterdamse winkelcentrum Zuidplein, waar geen enkele ventilatie is, baan ik mij door een proestende menigte een weg naar de Albert Heijn. Ik ben praktisch de enige met een mondkapje. Dat was in de zomer even anders. Toen waren ze korte tijd verplicht en het winkelpubliek zette zonder morren de mondkapjes op die door lieftallige jongeren werden uitgedeeld. Niemand klaagde, hoewel het bloedheet was met zo’n kapje in de hittegolf. Bij slechts een enkeling hing het masker op half zeven. In een winkelcentrum is een mondkapje makkelijker dan 1,5 meter afstand bewaren. Een noodzakelijke aanvulling op de afstandsregels.

Het openbaar vervoer bewijst: zelfs de Famke Louise-generatie houdt zich prima aan de mondkapregels. Toegegeven, het is zuur dat je je duur opgespoten lippen aan de openbaarheid moet onttrekken. Maar daar staat tegenover dat het effect van je beklapwimperde oogopslag boven zo’n kapje, dat je inmiddels van elk hip merk bij je tasje kunt laten kleuren, vele malen magnetischer is.

Intussen kun je een opera maken van het voortslepende Hollandse mondkapjesdrama. Elke akte komt bariton Jaap van Dissel het toneel op met een langgerekt ‘neee’. Nieuwsuur poogde hem tot ander inzicht te brengen. Men liet Anthony Fauci, de viroloog die met de machtigste covidiot ter wereld, Donald Trump, te maken heeft (en ook zelf aanvankelijk mondkapjessceptisch was) Van Dissel streng toespreken. Het mocht niet baten. Ondanks wereldwijd duizenden onderzoeken, het moest nader bekeken worden, we zullen zien.

Wat hebben we toch te verliezen? Ik citeer nogmaals, dat deed ik in mei ook, het onderzoek dat het RIVM zelf in 2009 deed naar aanleiding van longziekte SARS. ‘Uit de resultaten bleek dat alle soorten maskers’, zowel chirurgische als die van theedoek, ‘de blootstelling aan aerosolen verminderden. De conclusie is dat elk type gezichtsmasker blootstelling aan ­virus en infectierisico op populatieniveau kan verminderen, ondanks niet optimale pasvorm en draagdiscipline.’

Het grootste mondkapjesdrama speelde in de verpleeghuiszorg. Het RIVM stelde dat die bij ‘kortstondig contact’ niet nodig waren. Pas half augustus trok het RIVM dat advies stilzwijgend in. Waarom zo stiekem? Als het uit schaamte is, zeer terecht. Maar onverantwoord is het wel, de beroepsgroep niet over deze aanpassing te informeren. En het warrige verhaal in Nieuwsuur maakte het er niet beter op.

Men heeft de ouderen letterlijk laten stikken. Ik zal het nooit vergeten, dat filmpje van een radeloze, bijna verwarde verzorger in een Amsterdams verpleeghuis waar tientallen bewoners aan corona waren overleden. Verpleeghuizen werden vergeten bij de verdeling van de persoonlijke beschermingsmiddelen, met gruwelijke gevolgen. Kwetsbare oude mensen mochten vanwege de coronamaatregelen niet hun dierbaren zien, wél medewerkers die hoestend en proestend aan het werk moesten. Mondkapjes waren niet noodzakelijk als je binnen 1,5 meter van een patiënt bleef en je mocht ook wat aanreiken. Waarna je de naar de volgende kwetsbare bewoner ging. Onthutsend resultaat: elk verpleeghuis had binnen de kortste keren tientallen coronadoden te betreuren. De oversterfte, want de verpleeghuisdoden werden niet in de officiële statistiek meegenomen, was volgens cijfers van het CBS eind april 7.500. Pas afgelopen dinsdag besloten de verpleeghuizen nu maar zelf mondmaskers te verplichten.

Het gaat ook verder niet goed met het coronabeleid. Het testbeleid liep spaak, waarbij de financiële belangen van kleine testlaboratoria die grote testlabs buiten de deur wilden houden een dubieuze rol speelden. Het bron- en contactonderzoek: chaos. De snotneus die in de schoolbank moet verschijnen: honderden schooluitbraken tot gevolg. Het kabinet geeft graag de burger de schuld. Die houdt geen afstand, houdt zijn bek niet bij voetbalwedstrijden en doet aan prettesten. Kritisch naar het eigen beleid kijken is moeilijk, politieke verantwoordelijkheid nemen ook.

Femke Halsema legde uit bij Op1 het voorzorgsbeginsel te willen honoreren. En zojuist hoor ik dat ook een meerderheid in de Tweede Kamer eindelijk ‘om’ is. Sorry, meneer Van Dissel. In mijn dromen richt Rutte zijn roemruchte krachttaal op winkeliers en andere mondkapjeskritische pruttelaars. ‘Niet zeiken! Mensen komen ook wel winkelen met mondkapjes als het verplicht is. Het is dit of de tent weer sluiten.’ 

Harriet Duurvoort is publicist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden