ColumnPeter Middendorp

In mij kookt een ketel vol verlangen om iets kapot te maken

Personages hebben vaak een bewust en een onbewust verlangen. Dat geeft ze diepte, zeggen ze; psychologie. In het echt is het ook zo. Gewone mensen zitten ook zo in elkaar. Zo kun je je misschien voorstellen dat iemand die alles kapotmaakt vaak eigenlijk wordt gedreven door een (gefrustreerd) verlangen naar heelheid, een conflictzoeker door het verlangen naar harmonie, de moordenaar door een behoefte aan gezelschap.

‘Je moet aordig doen tegen mensen die niet aordig doen’, zingt Daniël Lohues dan ook, ‘want die benn aordigheid ’t hardste neudig.’ Andersom kun je mensen die extreem aardig doen rustig voor de schenen schoppen – grote kans dat ze het eigenlijk verdienen.

Zelf stel ik mij altijd coöperatief op, zo coöperatief mogelijk. Al mijn bewuste handelen staat in dienst van de groep. Ik ben een levende schijf in de maatschappelijke ruggegraat. Maar achter mijn coöperatieve voorgevel kookt een ketel vol verlangen om iets kapot te maken, waarvan de rook soms uit mijn oren en neus komt.

Het liefst zou ik iets neerhalen. Iets groots, dat anderen hebben opgericht. Als protest ook tegen het oprichten van allerlei dingen in de openbare ruimte, dat hand over hand toeneemt en nergens toe leidt. Een hoge, grote lantaarnpaal met drie lichtbronnen, die een heel kruispunt bestrijkt, of een rotonde. En dan niet dat onbezonnene van vroeger. Ik ben geen jongeman meer, ik weet hoeveel ongelukken er kunnen gebeuren als je zonder enig plan of beleid begint te slopen, puur vanuit de emotie.

Hoe haalt men een lantaarnpaal neer? Vroeger kende ik een jongen uit Weiteveen die het met zijn handen kon, maar daar heb ik nu niets meer aan. Waar moest je beginnen: onder, boven, in het midden? En hoe ging je te werk? Moest je er een speciale ijzerzaag op zetten of elektrocuteerde je jezelf dan als je halverwege was?

Je moest waarschijnlijk een trekker met een sleepketting gebruiken. Het beste was dan om het in de winter te doen, dan was de huur van trekkers het laagst. Als je er nu een probeerde te huren of te lenen, belandde je in vervelende gesprekken: ‘Hoe moet ik dan zonder trekker onze achterhoedegevechten voeren?’/ ‘Ah toe, je hebt hem zo weer terug – ik heb hem maar heel even nodig.’

Maar ja, ik weet ook wel, als ik bij winterdag eenmaal op die trekker zit, dat ik me onderweg wel twee of drie keer bedenk; als onbewuste verlangens aan de oppervlakte komen, is de grootste lol er meestal snel af.

Mijn tweede onbewuste verlangen – het ene komt misschien wel uit het andere voort – is de kleine, bescheiden wens om eens twee weken volledig te worden platgespoten. Vol in de opiaten. Dat er een deskundige, geen charlatan, haast dreigend zal opstaan van achter zijn bureau, een wijsvinger opsteekt en dwingend zegt: ‘Ken je de opiatencrisis in de Verenigde Staten? Nou, dat is precies wat we met jou gaan doen!

‘Hou je vast.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden