Column Erdal Balci

In Iran is een generatie vrijheidszoekers opgestaan, die zelfs de dood voor lief nemen

Erdal Balci artikel column Beeld .

De zoektocht naar vrijheid is de grootste ontdekking van de mens. De drang voor het voortbestaan is weliswaar het vuur dat ons doet voortbewegen, maar zonder de levenslange wandeling naar vrijheid dooft dat vuur. Die zoektocht naar vrijheid is soms een verborgen tatoeage achter het oor van een jong meisje en een andere keer is het de deelname aan een demonstratie in de door tirannen bezette Iraanse straten. En wanneer vijftienhonderd demonstranten worden doodgeschoten in die straten, dan klinken vanuit vijftienhonderd dode lichamen vijftienhonderd kreten die het verhaal vertellen van de mens die naar vrijheid heeft gezocht en daarmee vrijer is geweest dan de adelaar en de vis.

Het bloed van de doden is nog niet opgedroogd en de mensen zijn weer de straat opgegaan in Iran. Altijd als ik ze op de televisie of op sociale media zie moet ik aan de Iraanse dichteres Forough Farrokhzad denken. Voordat ze op een veel te jonge leeftijd stierf, schreef ze dat de vogel sterfelijk is en dat je de vlucht in gedachten moet houden.

De vlucht van de vogel is schitterend, maar onderschat de schoonheid van de moed van de Iraanse jongeren niet. Omringd door de gevangenismuren van streng religieuze wetgeving en opgegroeid in een cultuur die maar niet uit de greep kan komen van een hysterische herinnering aan het martelaarschap van de kleinkinderen van profeet Mohammed zijn zij de Andy Dufresne’s van hun eigen Shawshank.

Maar, er gebeurt iets in Iran. Er is een generatie opgestaan die de weg wil bewandelen van de vrijheid. Zo niet, dan zijn ze bereid om zelfs de dood voor lief te nemen.

Ze willen de wereld door hun eigen ogen zien, ze staan zodanig in de kracht van hun levens dat ze het aandurven om buiten de stam te treden. Dankzij internet hebben ze contact met de hele wereld en willen als een beeldhouwer de persoon uithouwen die ze willen zijn. Ze willen voor hun eigen dilemma’s staan, hun eigen illusies willen ze koesteren.

Wat de precieze definitie is van vrijheid, daar waag ik mij niet aan. Wat ik wel weet is dat de mens alleen in de zoektocht naar vrijheid in staat is om schoonheid te creëren. De despoot maakt de mensen niet alleen op ideologische terrein monddood, maar ontneemt ze ook het recht om door het scheppen van schoonheid de wereld te trotseren.

Ik heb het niet eens over de beperking van de vrijheid van de kunstenaar, de filmmaker, de schrijver of de wetenschapper. Liever kijk ik naar zaken die op het eerste gezicht eenvoudig lijken. Ik heb het over tien ringen in het oor. Of in dronken toestand zingen op straat. Hand in hand lopen met je vriend of vriendin. Die vriend of vriendin kussen op straat. Jezelf een gotische stijl aanmeten. Al leuzen roepend dwarse tijdschriften verkopen. In een verscheurde spijkerbroek door de straten van Teheran slenteren. Je haren in de wind laten wapperen in Isfahan…

Wij zijn niet veel anders dan de oermens. Ook zij hadden door dat het beste antwoord op de verschrikkelijke realiteit van de naderende dood het scheppen van schoonheid was. Zij vonden troost in hun tekeningen op de muren van de grot. In de vrije wereld doen we hetzelfde met iedere glimlach, iedere groet, ieder kunstwerk, ieder stuk in de krant. De Iraanse demonstranten, die van hun levens zijn beroofd in de straten van hun eigen steden, hebben datzelfde doel bereikt door een ander soort schoonheid tentoon te stellen: de schoonheid van de keuze voor de dood als vrijheid buiten bereik is.

Ze bloedden dood in die door de Moellahs gegijzelde steden. Vijftienhonderd kreten van de schoonheid hebben ze geslaakt. Zoals in het gedicht van Paul Eluard hebben ze daarmee de naam van vrijheid geschreven op alles wat in deze wereld te bedenken is.

Niet alleen op het oerwoud, de woestijn, op de nesten, op de brem, op de galm van de jeugd schreven ze de naam van de vrijheid met hun kreten van de dood, maar ook op de schoolschriften, op de bank en de bomen, op elke regel van deze column, op steen, op bloed. De naam van de vrijheid schreven ze ook op de verschrikkelijke onverschilligheid van de Europeanen. En op de voorhoofden van de aan hun dood medeplichtige westerlingen, die hoofddoeken droegen om de islamofascisten te behagen, hebben ze de naam van vrijheid geschreven. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden