Column In het spoor van de jonge Rembrandt

In het atelier van Rembrandts eerste leermeester rook het niet alleen naar verf, maar ook naar knoflook, Parmezaanse
kaas en truffel

Rembrandt, Leerling tekenend naar gipsmodel. (1639-1643) Rijksmuseum.

Rembrandt woonde de eerste 25 jaar van zijn leven in Leiden. Onno Blom werkt aan een biografie van die jaren en bericht daarover een jaar lang wekelijks. 

De eerste leermeester van Rembrandt was Jacob Isaacsz van Swanenburg. Jacob was de oudste zoon van de protestante burgemeester en schilder Isaac Claesz van Swanenburg, die in Leiden meester Nicolaï werd genoemd. Er bestond geen opdracht in de stad waar deze magistraat en artistieke duizendpoot niet bij betrokken was.

Jacob was door zijn vader voorbestemd om in zijn voetstappen te treden. In 1591 werd hij, ter afsluiting van de schildersopleiding in eigen huis, naar Italië gestuurd om de kunstwerken van Titiaan en Leonardo te gaan bekijken.

Tot verbijstering van de vader kwam zijn zoon helemaal niet terug. Jacob was naar Venetië en Rome gereisd, verkeerde in schilderskringen rond Caravaggio en bleef aan een vrouw hangen in Napels. Jacob werd katholiek om Margaretha Cardone, de dochter van een kruidenier en handelaar in oosterse waren, te kunnen trouwen.

Aan zijn ouders had Jacob geen toestemming gevraagd voor het huwelijk. Pas na vierentwintig jaar keerde hij terug naar zijn geboortestad. Alleen. Zijn vader was toen al een jaar dood. In Napels was Jacob in de problemen gekomen met de inquisitie omdat hij een schilderij van een heksensabbat aan het publiek had getoond. De grond was te heet onder zijn voeten geworden.

In zijn geboortestad werd Jacob binnengehaald als de verloren zoon. Daarop ging hij terug naar Napels om zijn vrouw en kinderen op te halen: Margaretha, Maria van 15, Silvester van 10 en Catherina van 4. Met zijn gezin betrok Jacob in 1618 een pand aan de Langebrug, ter hoogte van het huidige nummer 89, waar hij ook zijn atelier inrichtte. In 1620 klopte de 14-jarige Rembrandt er op de deur.

Rembrandtvorsers hebben er uitentreuren op gewezen dat de invloed van de excentrieke Jacob van Swanenburg – zelf een schamel schilder van brave Italiaanse stadsgezichten en nachtelijke helse voorstellingen – niet aanwijsbaar zou zijn in het werk van zijn geniale leerling.

Los van het feit of dat helemaal waar is, is daar een eenvoudige verklaring voor. Rembrandt kwam bij Van Swanenburg om de eerste kneepjes van het vak te leren. Hij moet bij kaarslicht eindeloos schetsen hebben gemaakt van gipsen bustes, voeten en prenten om het perspectief onder de knie te krijgen. Die pennenprobeersels zijn niet bewaard gebleven. Ze werden ook zelden gemaakt op papier, laat staan op kostbaar velijn met een zilverstift, maar op een wasbord of tafelette en werden onmiddellijk gewist.

Rembrandt moest panelen plamuren en het plamuursel schuren, zodat er een glad oppervlak ontstond. Hij leerde pigmenten onderscheiden, verf mengen, penselen schoonmaken en zijn meesters palet prepareren. Als leerling-schilder kwam Rembrandt om een fundament te leggen – en dat is door de tijd overschilderd.

Van Swanenburg zal ook hebben bijgedragen aan Rembrandts education sentimentale. Het is voor een biograaf een onweerstaanbare gedachte dat hij aan de Langebrug niet alleen model hoefde te tekenen naar gipsen buste, maar dat ook Maria, zijn meesters dochter, een Italiaanse schone van 17 jaar zijn oog heeft gevangen.

Rembrandt snoof in het atelier niet alleen de geur van verf op. In het Koock-Boeck van Antonius Magirus uit 1612 voor de Hollandse huisvrouw, geïnspireerd op het kookboek van Bartolomeo Scappi, de persoonlijke kok van paus Pius IV en de ‘Michelangelo van de Italiaanse keuken’, wordt gebruik gemaakt van Parmezaanse kaas, knoflook en truffel. Er staat een recept in voor mustaccioli, Napolitaanse koekjes.

Margaretha, de vrouw van meester Jacob van Swanenburg, liet aan de Langebrug de pastasaus pruttelen op het vuur. Rembrandts eerste leertijd vond plaats in Klein Napels.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.