Column Harriët Duurvoort

In een tijd dat multiculturele debatten heviger dan ooit gevoerd worden, is weekblad Contrast een groot gemis

Contrast, weekblad over de multiculturele samenleving, had een reünie georganiseerd. Ruim twintig jaar geleden was ik er media en cultuurredacteur. Het blad is al jaren ter ziele.

We hebben afgesproken in Ru Paré, een cultureel wijkcentrum nieuwe stijl, in Amsterdam Nieuw-West gevestigd in wat in 2000 de slechtste basisschool van Nederland was. Nu is het de ‘huiskamer van de wijk’. Het prachtig verbouwde pand won vorig jaar de Amsterdamse Architectuurprijs. Hans Krikke, de directeur en oprichter van Ru Paré en oud medewerker van Contrast, heeft ons hier uitgenodigd. ‘Wat we hier doen ligt heel dichtbij wat we deden met Contrast’, zegt hij. ‘Verbinden.’

Het is gek om iedereen na zo’n tijd weer te zien. Een generatie aan tijd is verstreken. We zijn inmiddels veertigers, vijftigers, zestigers. We halen herinneringen op aan degenen die er helemaal niet meer zijn. Aan hoe Frank Siddiqui het laatste half jaar van zijn leven zo enorm opleefde. De somberte en levenstwijfel die hem daarvoor soms parten speelden, waren verdwenen. Hij sloot snel vrede met zijn fatale tumor en werkte met zijn vrienden als een bezetene aan het prachtige boek vol persoonlijke essays rond het thema dat het gedreven had: multicultureel samenleven. Sommige oud-collega’s zag ik voor het laatst bij zijn vlammende boekpresentatie; anderhalve dag later was Frank er niet meer. En aan Mustapha Oukbih, die al voordat Frank ziek werd was opgegeven, maar die hem nog ruim een jaar zou overleven. Topjournalisten die ons veel te jong waren ontvallen.

Thuis haal ik de dozen vol oude Contrast-nummers weer eens tevoorschijn. Ik blader door oude edities en snel de koppen, scan de stukken. Sommige zaken zijn hopeloos gedateerd en was ik allang vergeten. O ja, kleermaker Gümüs. Andere thema’s lijken onveranderlijk actueel.

‘Antilliaanse volksklasse in Nederland. Tot mislukken gedoemd?’; ‘Allochtonen met hiv/aids: Leven met angst, geheimhouding en isolement.’; ‘Schoolboeken hanteren wit perspectief. Bij aardrijkskunde is rassentheorie verplicht.’ Of: ‘Iedere klap is er een teveel’, over relationeel geweld tegen allochtone vrouwen.

In een slavernijspecial poseert Regilio Tuur in boeien en bepleit Jan Marijnissen een spreidingsbeleid, ‘want integreren doe je bij de bakker en op het schoolplein. Wij zijn geen crypto-racisten. Maar wij huilen niet mee met de wolven in het bos […] Al die mensen die er zo tegen zijn, die hebben hun kinderen op een witte school. Dat is die hypocrisie waar ik me zo ontzettend kwaad over maak.’

‘Allochtonen geen doelgroep dagbladen’ is de kop van een stuk dat ik zelf ooit geschreven blijk te hebben, naar aanleiding van een onderzoek naar opvattingen over dit thema bij dagbladredacties. Daaruit zou blijken dat men allochtone krantenlezers nog geen interessante doelgroep vond en bovendien meende dat het allochtone journalisten aan taalvaardigheid en algemene journalistieke kwaliteiten ontbrak. Toen ik dat voorlegde aan de toenmalige adjunct-hoofdredacteur van De Telegraaf, stelde die zich genuanceerder op. ‘Het enige dat voor ons telt, is dat een journalist gewoon hartstikke goed is. Een voorkeursbeleid of zoiets werkt niet, dat leidt alleen maar tot scheve ogen. Maar ik heb zelf niet het idee dat er zo weinig geschikte allochtone journalisten zijn[...] Om nu nog te komen met taalvaardigheid is wel erg simpel. De meeste allochtonen zijn verdorie opgegroeid met Jip en Janneke. Die hebben zo onder de hand echt wel het Nederlands onder de knie.’

Grappig. Pas nog had ik het op de redactie over precies dit dilemma; hoe je meer diversiteit op redacties kweekt, zorgt ook in 2019 voor de nodige kopzorgen. Ergens hadden kranten het makkelijker in de jaren ’90: Contrast was een prima kweekvijver.

Het is gek om stukjes te lezen die je decennia geleden geschreven hebt en volstrekt vergeten bent. Je wordt ineens weer een tijd en plaats binnengezogen. Glimlachend lees ik een reportage die ik maakte over een theaterfestival van Adriaan van Dis, Nieuwkomers. Het opende met een oude wijsheid uit het Kookboek van de Hollandse huishoudschool: ‘Men menge en menge nogmaals, al zullen er altoos klonters blijven; zoo ontstaat een geheel eigen smaak, vreemd en toch vertrouwd.’

Vanuit een inclusief perspectief kritisch de actualiteit in de multiculturele samenleving duiden, pijnlijke thema’s niet uit de weg gaan en een podium bieden aan meerstemmigheid maakte Contrast uniek. Het is een gemis dat in een tijd dat multiculturele debatten heviger dan ooit gevoerd worden zo’n medium niet meer bestaat. 

Harriet Duurvoort is publicist. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.