In de krochten van het internet tieren de radicalen welig

Column Loes Reijmer

.

Blijf praten met radicaliserende jongeren, zo luidde de boodschap van pedagoog Micha de Winter zaterdag in de Volkskrant. Het was een mooi portret van een optimist, ondanks of juist dankzij zijn tragische Joodse familiegeschiedenis. Jongeren met 'monsterlijke ideeën' worden op een gegeven moment niet meer tegengesproken, analyseerde de pedagoog. Ouders geven het op, scholen verbieden extremistische uitlatingen. En dan kunnen jongeren ondergronds gaan. 'Dat is pas echt gevaarlijk', aldus De Winter, 'want dan ben je ze kwijt.'

Daarna keek ik op mijn telefoon en zag hoe de racistische protesten in Charlottesville zich ontrolden.

Wie zich al zorgen maakte over de toekomst van de witte mens, wat deze figuren ontzettend schijnen te doen, zal na het zien van de optocht met tuinfakkels, ironievrije normcore-tenues en van haat glimmende blotebillenbekkies niet veel beter slapen. Staan we er zo voor? Soms deed het belachelijke schouwspel bijna vergeten dat er een angstaanjagende ideologie achter schuilt, dat er nazistische teksten als 'blood and soil' werden gescandeerd en dat James Alex Fields jr. zaterdag in een zilveren Dodge Challenger stapte om op een groep tegendemonstranten in te rijden.

De moeder van Fields was blijkbaar nog niet op de hoogte toen persbureau Associated Press haar om een reactie vroeg. Het is een bizarre video - een moeder hoort dat haar zoon een moordenaar is - maar erg tekenend.

'Ik bemoei me niet met zijn politieke denkbeelden', zegt ze een paar keer. Ze moest op zijn kat passen omdat hij naar een rally ging. Was het niet iets met Trump? Wacht, hij had nog meer verteld. 'Iets met alt...?' Alt-right, vullen de verslaggevers aan. 'Organisaties die ultra-conservatief zijn, in witte superioriteit geloven.'

In de video van twee minuten zit veel: de begripsverwarring rondom het veelkoppige alt-right, de vraag of Trump en zijn medewerkers aan de beweging gelieerd zijn. Maar vooral valt op dat de 20-jarige Fields blijkbaar vanachter zijn toetsenbord heeft kunnen radicaliseren, buiten het blikveld van de moeder die niet met haar zoon over politiek wil praten. Hij is 'ondergronds' gegaan, zoals De Winter dat noemt.

De pedagoog is een optimist, maar met de gebeurtenissen in Charlottesville op de achtergrond baarde zijn analyse mij ook zorgen. Het sociale leven van jongeren speelt zich tegenwoordig vooral online af, bleek onlangs nog uit een artikel van The Atlantic met de dystopische kop 'Heeft de smartphone een generatie verwoest?' Ze spreken minder af met vrienden, gaan minder uit en praten nog maar weinig met hun ouders. Dat is al problematisch voor pubermeisjes die op Instagram de hele dag hun onzekerheid zitten te voeden, maar ook voor jonge mensen die dreigen te radicaliseren. Want hoeveel mogelijkheden zijn er nog om gedachten bij te sturen?

Online klinkt juist de lokroep van zelfbevestiging, geen denkbeeld te racistisch of seksistisch of er is wel een messageboard voor. Ruimte voor kritiek is er weinig, mensen die zich niet kunnen vinden in de heersende norm vertrekken zelf of worden eruit gezet. Zo kunnen fora en hun gebruikers steeds radicaler worden.

De extreem-rechtse demonstranten in Charlottesville zijn al zo ver dat ze zich trots als racist of neo-nazi aan de wereld tonen. De vraag is hoe we de honderdduizenden anonieme cijfertjes en aliassen van fora als 4chan en Reddit weerwoord blijven bieden. Donald Trump vond het al te veel moeite om het extreem-rechtse geweld direct te veroordelen. Van hem hoeven we weinig te verwachten.