opinie melding kindermishandeling

In de greep van de kinderbescherming: zo kan het ook

Minister De Jonge roept op elk vermoeden van kindermishandeling te melden. Er is een andere kant, vertelt Marchje Oldenbeuving.

Op deze in scène gezette foto spreekt een expert met een mogelijk mishandeld kind. Beeld Hollandse Hoogte / Frank Muller / Zorginbeeld

Kindermishandeling wordt vaak niet gemeld, zei kinderarts Van der Putte in het NOS Radio 1 journaal. Minister De Jonge schrok daarvan en roept iedereen op vermoedens van kindermishandeling te melden. Mishandeling van kinderen is ‘het grootste geweldsvraagstuk van deze samenleving’ en daar moet streng tegen worden opgetreden. Terecht. Maar het gevolg van het beleid waarin elk vermoeden van mishandeling gemeld moet worden, is dat je soms ook als onschuldige ouders in het verdachtenbankje zit. En dat blijft je lang achtervolgen.

Het moment dat wij voor het eerst de medewerkers van Veilig Thuis hebben ontmoet, herinner ik me als de dag van gisteren. Ons zoontje (toen vijf maanden) was de dag daarvoor opgenomen in het ziekenhuis nadat hij onwel was geworden bij de opvang. Het ging slecht met hem. Hij had ongeveer elk uur een epileptische aanval, had veel pijn en kon niet meer zien. Wat er precies aan de hand was, wist nog niemand. We liepen met hem terug naar de afdeling na een onderzoek toen de verpleegkundige tegen ons zei dat twee medewerkers van Veilig Thuis op ons zaten te wachten. Omdat het op dat moment zo slecht ging met onze zoon, hij kwam net uit de narcose en had veel last van zijn aanvallen, vroeg ik haar of ze niet een andere keer terug konden komen. De verpleegkundige zei dat dat niet de bedoeling was en vijf minuten later zaten we met de twee medewerkers op een kamertje. Terwijl onze zoon lag te vechten voor zijn leven, moesten wij vragen beantwoorden over onze relatie, de zwangerschap en de eerste maanden met ons kind.

‘Shaken baby syndrome’

Dat de artsen aan kindermishandeling dachten, hebben wij die ochtend voor het eerst gehoord. De combinatie van zijn symptomen kon duiden op ‘shaken baby syndrome’. Een heftige conclusie, waar wij natuurlijk heel erg van schrokken. Was er iets op de opvang gebeurd, hadden ze daar wat met hem gedaan? Of was er misschien toch iets anders aan de hand? Zeker weten deden de artsen het namelijk niet en er liep nog een aantal andere onderzoeken om te achterhalen wat hij had.

Volgens het protocol hebben de artsen dit vermoeden gemeld aan de organisatie Veilig Thuis, die meteen in actie kwam. En dat begrepen wij, kinderen die worden mishandeld, moet je beschermen en als de ouders dat niet kunnen, is het goed dat er een organisatie is die het wel voor ze opneemt. Omdat wij met alle liefde van de wereld vanaf het moment dat hij geboren werd voor onze zoon hebben gezorgd, maakten wij ons ook geen zorgen. De medewerkers zouden er na een gesprek snel achter komen dat wij hem nooit iets aan zouden doen. Maar dat liep anders.

Vanaf die eerste ontmoeting met de twee medewerkers van Veilig Thuis voelde ik dat we langzaam de controle aan het verliezen waren. Gesprekken werden volgens vragenlijstjes afgewerkt, de term ‘protocol’ heb ik die periode elke dag wel een paar keer voorbij horen komen en, het belangrijkste, ik heb geen moment het idee gehad dat ze echt oog hadden voor wie wij waren en vooral ook voor wat wij doormaakten. Ons kind lag doodziek in het ziekenhuis en het werd me steeds duidelijker dat zij dachten dat dat onze schuld was.

Statistisch gezien

In een gesprek met Veilig Thuis, waar ook een vertrouwensarts bij was, werd dat voor het eerst ook hardop gezegd. De arts zei: ‘Statistisch gezien zijn jullie voor ons de daders, want in 80 procent van de gevallen bij kindermishandeling hebben de ouders het gedaan.’ Dat het in 20 procent van de gevallen niet zo is, daar wordt dus niet naar gekeken. Bewijs dat wij er ook maar iets mee te maken hadden, was er niet, maar je verliest het dus van de statistiek.

Deze beschuldiging heeft voor ons het hele ziekteproces nog veel angstiger gemaakt dan het al was. Naast zorgen over hem – of hij het zou halen en hoe hij hieruit zou komen – kwamen daar zorgen bij over de toekomst van ons gezin. Want dat Veilig Thuis een organisatie is met macht werd ons in de gesprekken al snel duidelijk gemaakt. Als zij wilden dat ons zoontje uit huis geplaatst zou worden, dan was de stap naar de kinderrechter snel gemaakt en slechts een formaliteit.

Het is zo’n machteloos gevoel dat zij bepalen wat er met je kind gaat gebeuren terwijl je zo zeker weet dat je niets gedaan hebt. Het maakt je onzeker en radeloos. En wat mij nog het meest heeft geraakt in die periode, is dat ik van het begin af aan het gevoel heb gehad dat ze niet echt naar ons hebben geluisterd en alleen maar met lijstjes en protocollen bezig waren.

Gelukkige peuter

Nu, drie jaar later, is onze zoon een gelukkige, gezonde en lieve peuter die bijna naar de basisschool gaat. Wat er precies met hem is gebeurd, is nooit duidelijk geworden. Als je een dossier hebt bij Veilig Thuis, blijft dat bewaard tot je jongste 18 wordt. En dat betekent dat er bij ons nog altijd die angst is dat ze maar zo weer op de stoep kunnen staan. Als onze zoon valt en een blauwe plek krijgt, ben ik nog altijd bang dat iemand denkt dat wij dat hebben gedaan en melding van mishandeling doet.

We zijn altijd op onze hoede en het onbezorgde leven dat we hadden voordat onze zoon ziek werd, is voorbij.

Ik snap dat het belangrijk is dat we heel alert zijn op kindermishandeling, dat moet ook echt zo blijven. Maar ook als er een vermoeden is, trek niet te snel een conclusie. Kijk goed naar de mensen die er voor je zitten, luister naar ze en veroordeel ze niet te snel want, en dat mag ook wel eens hardop gezegd worden, bij kindermishandeling heeft 20 procent van de ouders het niet gedaan. 

Marchje Oldenbeuving is journalist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.