In de goedkoopste straat van Nederland laat iedereen elkaar in zijn waarde

Verslaggeverscolumn – Toine Heijmans in Terneuzen

Zouden ze in de duurste straat ook niet hun problemen hebben?

De goedkoopste straat van Nederland is lang en recht en houdt haar ogen half gesloten. De stilte, met die zon erboven, is ook maar schijn.

De fietser is een junk maar ziet er niet zo uit; het is eigenlijk net een fietser. De buurvrouw is een dealer, maar blijft gewoon een buurvrouw.

Peter zegt: ‘In deze straat laat iedereen de ander in zijn waarde.’ Daarom woont hij er ondanks alles graag.

Een databureau presenteerde de duurste en goedkoopste straat van Nederland. Alle aandacht ging natuurlijk naar de duurste. Rijkdom is een deugd, naar succes kijken is leuker. ‘Maar zouden de mensen in de duurste straat’, zegt Peter, ‘ook niet hun problemen hebben?’

De Tholensstraat, de blik is naar binnen gekeerd.

De Tholensstraat in Terneuzen is tegen het centrum aan geplakt. Lage gevels die van elkaar verschillen, de huizen lijken wel vrijstaand. De meeste zijn vooroorlogs. Bloembakken en een parkeerverordening om het verkeer te temmen: alleen degenen die er wonen hebben reden daar te zijn.

Het daglicht blijft buiten. De blik naar binnen, geholpen door rolluiken, gordijnen, luxaflex. Net als in de duurste straat leeft iedereen het liefst zijn eigen leven, op het handvol na dat er werk van maakt.

Peter van Drunen woont in het huis met de oude speelgoedpaarden in het raam. Hij laat niet zomaar iedereen binnen, maar heeft levenservaring genoeg om het kwade buiten te houden. ‘Veel bijstandsmensen’, zegt hij op mijn vraag de straat te beschrijven. Degenen met werk betalen schulden af, zegt hij ook: ‘Het leven is duur en wordt steeds duurder.’

De gevolgen zijn in de goedkoopste straat te zien. Niet in de duurste. Daar profiteren ze er juist van.

Het huis tegenover dat van Peter is gisteren leeggehaald. Er kwamen 65 planten uit. Er woonde een ‘fatsoenlijke jongen’, ze zeiden ‘hoi’ en ‘dag’ tegen elkaar, ‘hij ging elke dag naar zijn werk’. Daarna pas hoorde Peter van zijn schulden.

Bewindvoerders hebben wat te stellen met de Tholensstraat. Planten zijn een oplossing, dat begrijpt hij wel. Of je krijgt 50 euro mee van de Franse toeristen, en koopt voor 30 euro bij de koffieshop. Alleen inwoners mogen kopen in Terneuzen, en die doen er zo hun voordeel mee.

De stickers van de verzegeling zitten nog op de deur.

Peters vader verhuurt het witte hoekhuis dat drie maanden was verzegeld. De stickers zitten nog op de deur. Hij verhuurt voor een Belg die meer panden heeft, ook dat van Peter. En dat van zijn stiefzus. Al met al is het een prima huis, mooi ingericht met brocante. Peter is verpleegkundige, zijn Maltezers heten Tycho en Lucky. Iedereen laat hem in zijn waarde. Peters geaardheid is voor niemand een probleem, zegt hij, en dat is weleens anders op Zeeuws-Vlaanderen.

‘Maar als je iedereen in zijn waarde laat’, zegt hij ook, ‘heeft dat gevolgen.’

Dat groene huisje staat nu leeg. De bewoner was drie maanden dood toen het begon op te vallen. De vliegen aan de deur. Ze zwermden om de brievenbus.

De buurvrouw handelt in ‘hoe noem je het?’

‘Wiet?’, zeg ik.

‘Gekookte cocaïne. Om te basen.’

Evengoed helpt hij zijn buurvrouw als dat nodig is. ‘Achter iedere dealer zit een mens met een verhaal.’

Klop eens bij Irene aan, zegt Peter. Ze woont verderop. Met een vriend is ze een Facebookgroep begonnen die mensen helpt in moeilijkheden. Het is een particuliere omgekeerde kleding- en voedselbank: de mensen vragen iets en zij proberen dat te regelen.

Irene Oord: 'Er wordt hier heel wat geld gemolken.'

Irene Oord woont hier 21 jaar, het is haar eerste huis. Ze woont er met een grijze roodstaartpapegaai die plotseling ‘kiekeboe’ zegt, en werkt fulltime voor een facilitair bedrijf.

In haar tijd is de drugsoverlast teruggesnoeid. Tegelijk zit ze met haar buren niet meer buiten op een bankje, sinds de krant schreef dat ze dealers waren. Toen moest het bankje weg van de gemeente.

Ze zegt: ‘De mensen zijn er al zo weinig voor elkaar. Niemand die nieuw in de straat komt wonen, stelt zijn eigen nog voor.’

Naast haar huren Polen, ze heeft geen idee wie het zijn. Beleggers kopen huizen en splitsen ze op en vragen 650 euro huur. ‘Er wordt hier heel wat geld gemolken’, zegt Irene.

Haar Facebookgroep heet Share & Care. Mensen met schulden kunnen vaak niet bij de voedselbank terecht, zegt ze, en als ze er terecht kunnen ‘krijgen ze hooguit een bodempje van een big shopper mee’. Voordat Irene mensen helpt, gaat ze er eerst op bezoek om misbruik te voorkomen. Als ze dan een afgeladen vriezer ziet, gaat het niet door.

De groep heeft 131 leden. Ze vragen vooral vers voedsel, tegen het einde van de maand.

Voor crisissituaties hebben ze een noodkast met voorraad en een noodtelefoon.

Het is zo dat dit de goedkoopste straat is, anders was ik er nooit beland. Het is zo dat er meer van dit soort straten zijn, die nooit aandacht krijgen in de krant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.