Column Martin Sommer

In de Eerste Kamer gaat men nog altijd over de eigen onkreukbaarheid

In alle boreale commotie van de afgelopen week is uit het zicht verdwenen waar het ook alweer over ging, namelijk dertien zetels in de Eerste Kamer. Als het stof zo direct is neergedaald, zul je zien dat de roep om afschaffing aanzwelt, vanwege de FvD-politici die dit eerbiedwaardige instituut in mei gaan binnenmarcheren. Mag ik alvast herinneren aan een beroemde uitspraak van CPN-leider Marcus Bakker? Die zei ooit: kunnen de arbeiders eindelijk naar het gymnasium, schaffen ze het gymnasium af.

Zelf ben ik niet zo’n senaatsafschaffer, net als trouwens de deftige staatscommissie Remkes die onlangs rapporteerde over het functioneren van ons parlement. Remkes kreeg kritiek, juist om het lankmoedige oordeel over de Eerste Kamer. Die kreeg een dikke voldoende in het rapport, als tegenwicht voor de Tweede Kamer waar de leden van de regeringspartijen als schapen achter het regeerakkoord aan sjokken. Het idee van Remkes was dat Eerste Kamerleden zich minder van het kabinet hoeven aantrekken, ook al omdat ze als deeltijdpolitici meer meekrijgen van het gewoel in de samenleving.

Jorritsma: niks aan de hand... Beeld ANP

Dat is de mooie theorie, nu de kritiek. Als ik het mag zeggen in de bewoordingen van Forum voor Democratie: de senaat fungeert als de Kamer van het partijkartel, bovenal omdat het gezelschap zo innig tevreden is met zichzelf. Iedereen weet van de ellenlange lijsten nevenfuncties, van de onhelderheid over belangenverstrengeling en vooral van de geweldige moeite die het kost daar wat aan te doen. Laatstelijk was er weer Anne-Wil Duthler van de VVD, die met haar bedrijf adviezen gaf waar ze later over moest stemmen in de senaat.

In december vorig jaar was er een rondetafel over integriteit in de Eerste Kamer. Fractieleider Annemarie Jorritsma wist over Duthler te melden dat ‘we allemaal hebben geconcludeerd dat zij zich gewoon aan de regels heeft gehouden’. Dat moest Jorritsma later inslikken toen er nog een en ander boven water kwam. De VVD stelt nu zelf onderzoek in naar Duthler. Dit soort zaken speelt niet alleen bij de VVD. Ook senator Alexander Rinnooy Kan (D66) vond dat hij best de minister van Onderwijs betaald van advies kon dienen, en hem tegelijk controleren. In de gemeenteraad is de combinatie van belang en stemmen domweg verboden. Zo niet in de senaat.

Brinkman: excusez le mot... Beeld ANP

Dit kun je met wat goede wil nog scharen onder klein gekrabbel. Serieuzer wordt het als de senator tegelijk voorzitter van een koepel of branchevereniging is. We hadden Elco Brinkman (CDA) van de bouwwereld, Frank de Grave (VVD) van de specialisten, Marleen Barth (PvdA) van de ggz, Thom de Graaf (D66) van de universiteiten. Voor de komende vier jaar staat Paul Rosenmöller (GroenLinks) van het voortgezet onderwijs op de rol. Zelf zien de betrokkenen er geen kwaad in en reageren ze nuffig als je er wat van zegt. Tijdens bovengenoemde rondetafel in december vroeg Brinkman zich schamper af of de critici van belangenverstrengeling dan soms senatoren wilden hebben die ‘er de ballen vanaf weten, excusez le mot’.

Het is inderdaad een kwaliteit van deeltijdpolitici dat ze ergens de ballen van weten, en het klopt dat ze om die reden vaak voor de senaat worden gevraagd. In het geval van de koepelvoorzitters is hun expertise het geoliede contact met de corridors of power. Rosenmöller is niet zozeer onderwijskundig onderlegd als wel de man van de onderwijswerkgevers: zijn VO-raad adviseerde onlangs aan de schoolbesturen om de lerarenstaking niet te steunen. Zonder twijfel weet zijn club op waarde te schatten dat hij via de Eerste Kamer de minister in zijn nek kan hijgen.

Rinnooy Kan: kan best tegelijk... Beeld ANP

Hoogleraar staatsrecht Wim Voermans pleitte onlangs voor afschaffing van de senaat. Een van zijn argumenten was dat het middenveld in Nederland al meer dan genoeg invloed heeft. Waarom moeten al die organisaties via de Eerste Kamer ook nog eens direct toegang krijgen tot de macht, vroeg hij zich af. Inderdaad kent Nederland een lange poldertraditie die ons veel sociale vrede heeft gebracht, maar die ook zelden wordt bevraagd.

Dat geldt zeker ook voor de senaat. Als je nu naar die koepels kijkt, de meeste van het onderwijs of de gezondheidszorg, of naar de ngo’s van de goede doelen, dan schurken ze allemaal tegen de overheid aan, vooral als er geld te verdelen valt. De huidige rechtvaardiging van al het gepolder luidt dat de afkalving van het politieke midden wordt gecompenseerd door overleg aan vage tafels en het sluiten van akkoorden met maatschappelijke sectoren en bedrijven. Draagvlak wordt verward met belangenbehartiging, en met volksvertegenwoordiging heeft het allemaal bar weinig te maken.

Over het gebrek aan transparantie in de Nederlandse senaat heeft de Europese integriteitswaakhond Greco tweemaal geklaagd. Nog altijd is er geen gecontroleerde lijst van nevenfuncties, nog steeds geen verplichting inkomsten op te geven. Greco wil af van het münchhausen-beginsel waarin partijen hun eigen onkreukbaarheid bewaken. Nu nog is het de VVD zelf die de gangen van mevrouw Duthler onderzoekt. Over drie weken rapporteert een senaatscommissie over een gedragscode voor leden van de Eerste Kamer, en ook dat is al de tweede. De eerste commissie durfde de sprong naar onafhankelijke controle niet aan. Het verschil is dat er zo direct dertien FvD-senatoren klaarstaan om keihard partijkartel te roepen. Ik kan geen betere stok achter de deur bedenken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden