interview Vreneli Stadelmaier

‘Ik zou zeggen: stop die constante dialoog in je hoofd: kan ik het wel?’

‘Is het geen misverstand dat ik hoogleraar ben?’, vraagt chemicus Marleen Kamperman zich donderdag openhartig af in haar Volkskrant-column. Bedrijfskundige en loopbaancoach Vreneli Stadelmaier over deze knagende onzekerheid, waar vooral vrouwen last van hebben.

Vreneli Stadelmaier Beeld Anke van der Meer

Is dit een gevalletje impostor syndrome?

‘Ja, honderd procent. Deze professor betwijfelt of ze wel slim genoeg is voor haar nieuwe functie. Dat is typerend voor iemand met het impostor syndrome. Het is een irreële angst niet goed genoeg te zijn en ontmaskerd te worden: zie je wel, ze kan er helemaal niets van. Met haar twijfel diskwalificeert ze zichzelf én alle docenten en professoren die haar tijdens het lange traject naar een hoogleraarschap goede beoordelingen hebben gegeven. Want je wordt niet zomaar hoogleraar. Dan heb je bewezen genoeg in huis te hebben. Als je je dan afvraagt of er sprake is van een misverstand, zeg je tegen al die mensen: jullie hebben het beoordelingsvermogen van een kalkoen! Dat kan niet waar zijn.’

Wat raadt u Marleen Kamperman aan?

‘Even rustig gaan zitten en bedenken wat je allemaal hebt gedaan en kunt. Het is logisch druk te voelen bij zo’n prestigieuze benoeming. Je behoort daarmee tot de slimste mensen van het land. Maar je bent er niet zomaar terechtgekomen. Ik zou zeggen, stop die constante dialoog in je hoofd: kan ik het wel? Stop met piekeren over die inaugurele rede. Dat is zonde van alle hersencapaciteit, die kun je veel beter benutten. Verhoog je testosteron en ga buiten sporten, ga boksen. Daar ga je je sterker van voelen. En lees mijn boek: F*ck die onzekerheid.’

Waarom zijn vooral vrouwen bang door de mand te vallen?

‘Vrouwen hebben er twee keer zo vaak last van als mannen: 65 procent tegenover 30 procent. Er zijn een heleboel oorzaken voor. Van vrouwen wordt cultureel en in de opvoeding verwacht bescheiden en onzeker te zijn. Ze moeten 2,5 keer meer presteren om hetzelfde aanzien te krijgen als mannen. Dat maakt onzeker: waarom krijgt hij die promotie wel en ik niet, terwijl ik net zo goed of beter presteer? Dat zien vrouwen regelmatig gebeuren en dat draagt niet bij aan het zelfvertrouwen. Dan ga je vanzelf, als je wel promotie maakt, je afvragen of dat misschien een vergissing is. Vrouwen leren niet hun successen te benoemen. Mannen doen niet anders. Ze voelen zich doorgaans veel succesvoller dan vrouwen, voor dezelfde prestaties. Dat is deels een kwestie van testosteron; daarvan hebben vrouwen maar 10 procent van wat mannen hebben. Mannen durven over het algemeen meer risico’s te nemen, hebben meer moed. Als het een keer misgaat, staan ze weer op en gaan ze met dezelfde bravoure verder. Als ik in workshops vrouwen vraag een minuut lang op te scheppen, blijft het stil. Mannen kunnen wel 10 minuten doorgaan.’

Wat kunnen vrouwen ondanks het testosteronverschil van mannen leren?

‘Meer moed en lef hebben en minder aan jezelf twijfelen. Natuurlijk is het goed om naar jouw aandeel in een mislukking te kijken. Eventjes, en leg het daarna naast je neer. Maar weet dat mannen vaker dan vrouwen aan een andere psychologische kwaal lijden: het dunning-krugereffect: de angst dat niemand ziet hoe geweldig ze zijn. Haha!’

‘Regelmatig kloot ik maar wat aan’, zegt professor Kamperman. Doen we dat eigenlijk niet allemaal?

‘Ja, natuurlijk doen we dat, en ook weer niet. Aankloten is iets doen wat je zelf normaal vindt, maar anderen kijken daar heel anders naar. Wat Marleen Kamperman aankloten noemt, vind ik bijzonder. Chemie is voor mij fantastische hocus pocus. Het klopt niet als je zegt: ach, wat ik doe kan iedereen, niets bijzonders, ik doe maar wat. Als ik met mijn kapotte jeep langs de weg sta, ben ik dolblij met die monteur van de wegenwacht. Voor hem is de reparatie een makkie, voor mij toverkunst.’

Vreneli Stadelmaier is bedrijfskundige en loopbaancoach bij SheConsult. Ze schreef het boek F*ck die onzekerheid over het zogeheten impostor syndrome (oplichterssyndroom). 

Marleen Kamperman. Beeld Katja Poelwijk

Wat vindt hoogleraar Marleen Kamperman van de visie van Vreneli Stadelmaier?

‘Ik ben het eerlijk gezegd niet met Stadelmaier eens. Ik vind het juist goed om af en toe te twijfelen en niet te doen alsof je de wijsheid in pacht hebt. Dat vind ik juist lef tonen! Ik ben het er helemaal mee eens dat het je niet tot last moet zijn en dat je niet in twijfel moet blijven hangen, maar je af en toe bescheiden opstellen is helemaal niet verkeerd. En over boksen gesproken: Rocky Balboa twijfelde ook, maar werd wel wereldkampioen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.