Ik wilde kungfu op de soepblikken gaan en lijfstraffen afdwingen

'Wellen? Couscous moet je niet wellen, maar stómen. En wel twee uur lang, verdomme!' Foto anp

In Amsterdam heeft een verhuurder een expat met een Arabische naam gewaarschuwd alleen westers te koken zonder 'lots of herbs'. Anders hoefde ze geen moeite te doen om een woning te komen bezichtigen. Want van lots of herbs krijgen buurtbewoners een hersenbloeding, of zo.

Ik deed mijn best, hoor. Ik deed echt hard mijn best om een traumatische jeugdherinnering aan Nederlandse buren op te dissen die met fakkels voor ons keukenraam stonden te protesteren tegen onze onwelriekende tajine. Buren die hun neusjes dichtknepen en ons voor 'vuile stinkkoriander-Marokkanen' uitscholden.

Maar dat is gewoon nooit gebeurd. Integendeel zelfs. Als buren bij het passeren van ons raam niet 'ooooh, wat ruikt dit weer lekker' stonden te fluisteren, dan werd ik zelf wel door mijn moeder met een bord kruidige lamsspiesjes of diabeteskoekjes met lots of sugar op pad gestuurd. En als iemand al klaagde, dan was ik dat juist. Over de bakmargarinemeur die rond half zes over de flatetage kroop.

Nee, ik ben altijd degene geweest met een voedselagressieprobleem.

Een paar weken geleden verklaarde ik nog de oorlog aan Albert Heijn toen ik tijdens een ontspannen wandeling langs de schappen opeens arrogant werd aangestaard door een nieuw product in het assortiment: Excellent Marokkaanse Harirasoep met 'spinazie en room'.

Pardoes liet ik het winkelmandje vallen. Mijn temperatuur begon te stijgen. Ik balde mijn vuisten, hief mijn hoofd ten hemel en vroeg de Lieve-Heer sinds wanneer Marokkaanse harirasoep spinazie en godgloeiende róóm mag bevatten.

Ik wilde kungfu op de soepblikken gaan, de vermicellizakjes als een maniak boven mijn boezem openscheuren en de rijstwafelpakjes uit de schappen kegelen. Ik wilde bij de manager namen en rugnummers van de bedenkers eisen. Lijfstraffen afdwingen. Maar in plaats daarvan maakte ik lafjes een foto en plaatste die op Twitter met een rant over Marokkaanse-keukenblasfemie.

Nee, laatst dan. Mijn lief begon over couscous die hij laat 'wellen'. Ik sloeg mijn handen voor mijn gezicht en probeerde me mediterend te verzetten tegen mijn inner-Hulk. Het was al te laat.

'Wéllen?', vroeg ik briesend. 'Couscous moet je niet wellen, maar stómen. En wel twee uur lang, verdomme!'

Hij keek me verbaasd aan. 'Hoezo? Gewoon tien minuten wellen toch? Hop. Klaar.'

Nee, zei ik. 'En je doet er ook geen granaatappelpitjes of hamblokjes bij!' Woedend legde ik uit dat je na het wellen de couscous een uur moet stomen, dan boter erdoorheen, dan weer een uur stomen, weer boter erdoorheen, en daarna met heftrucks in tien grote schalen storten en tot slot wat vlees- en groentestoof erop.

Hij knikte ongemakkelijk, maar leek overtuigd. Mooi. Dat ik nog nooit van mijn leven couscous heb gemaakt, heb ik maar even verzwegen.

Nadia Ezzeroili vervangt deze week Aaf Brandt Corstius.

Meer over