COLUMNDirk Poetst

Ik poets bij een stel dat binnenkort verhuist – als dat maar lukt met al die dozen

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

De love-beeldjes ken ik eigenlijk alleen van de Gummbah-cartoons. Hier staat er eentje pontificaal op de buffetkast in de woonkamer. Aan de wand hangen twee grote foto’s en een schilderij van de geliefde mopshond. Dezelfde die bij binnenkomst aan mijn broekspijp hing, en die voor alle zekerheid naar de slaapkamer is verbannen.

Mevrouw is uiterst vriendelijk; we tutoyeren. Ze praat veel, met als gevolg dat ik mijn voornaam de daaropvolgende vier uur vaker hoor dan ooit.

Haar trouwe hulp sinds vijftien jaar is ziek. Net nu zij en haar man op het punt staan de stad definitief te verruilen voor de rust van het Friese platteland. ‘Zo zielig dat ik haar nooit meer zal zien.’

Haar lichaamstaal verraadt dat ik aan de slag moet. De kleine woonkamer staat vol met verhuisdozen, dus ik stel mij in op een ochtend inpakken en sjouwen. Dit blijkt een misverstand. Linea recta word ik richting badkamer gedirigeerd. Daar krijg ik instructies over de te gebruiken doekjes.

Eenmaal bezig moet ik al snel vaststellen dat er, zelfs voor mij als kritisch schoonmaker, weinig eer te behalen valt. Plichtmatig wrijf ik met het juiste doekje over de reeds glimmende tegels en wastafel. ‘Zo, jij bent snel, Dirk!’, reageert mevrouw als ik me weer meld. ‘Ik ga niet controleren, hoor, dat vind ik flauw.’ Ik word naar de keuken geleid. Of ik al het serviesgoed dat in de keukenkastjes staat wil afwassen. Even later neemt mevrouw plaats op de rolstoel naast het aanrechtblad. ‘Netjes hoor, Dirk, de badkamer.’ Ze begint met het in een doos stoppen van het afgedroogde serviesgoed.

De verhuizing staat gepland voor 1 oktober. Het is vandaag 18 september en ze zijn nu anderhalve week aan het pakken. Plotseling komt meneer de keuken binnenlopen. Hij bleek al die tijd bezig in het schuurtje, in de betegelde achtertuin. We keuvelen wat, waarna het echtpaar samen richting woonkamer gaat. Ik hoor ze praten: ‘Kijk schat, als jij nou dat lijstje even aangeeft.’ ‘Is goed, schat.’ ‘Stoppen we dat bij de andere foto’s?’ ‘Lijkt me een prima idee, schat.’ ‘Of gaat het bij de kamerspulletjes?’ ‘Kan ook, schatje, wat jij handig vindt.’

Na de afwas mag ik pauzeren. Mevrouw neemt plaats op de reusachtige orthopedische zetel die een groot deel van de woonkamer in beslag neemt. Haar levensverhaal is schrijnend en getekend door medische blunders. Dankzij ‘cowboys met stethoscopen’. De soundtrack die zij voor haar verhaal heeft gekozen wordt verzorgd door Frans Bauer. Haar idool. Ze heeft een hele verhuisdoos vol met zijn werk, vertelt ze trots.

Wat later sta ik de spijkerbroeken en wollen truien te strijken. Mevrouw was verbaasd dat ik dat überhaupt kon. Als man. Eens te meer realiseer ik me dat het veelomvattende begrip levenslied van toepassing is op bepaalde levens. Dit is zo’n leven. En het feit dat wat mij betreft het volledige oeuvre van Frans Bauer voorgoed mag worden weggestopt in een of meerdere verhuisdozen, verandert daar, gelukkig, niets aan. Dit is háár lied.

Ik zuig tot slot het hele appartement. Als ik even uitrust, hoor ik opnieuw mijn naam: ‘Dirk vindt het ook dapper van ons dat we naar Friesland gaan.’ ‘Ah leuk, schat. In welke doos wilde je dat vaasje nou?’ Dat wordt nog best krap, 1 oktober.

Boekverkoper Dirk Meuleman (63) schrijft voor de Volkskrant een tiendelige reeks over zijn ervaringen als invalkracht in de thuiszorg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden