Column Arnon Grunberg

Ik kon nu dood, dat was een opluchting, maar zoals Ramses Shaffy zong: ‘Ik blijf nog lang, en liefst nog langer’

De getuigen waren twee vriendelijke dames, de notaris zelf beschikte over die typische diplomatieke ironie die aan het uitsterven is. Het schijnt moeilijk te zijn te erkennen dat we op drijfzand staan, daarom bestaat er grote behoefte aan eenduidigheid.

‘Volgens het Nederlandse recht hoeven we uw testament niet te tekenen in bijzijn van twee getuigen, tenzij ik twijfel aan uw wilsbekwaamheid, die indruk wil ik niet wekken, maar u valt ook onder het Amerikaanse recht van de staat New York en daar staan ze op twee getuigen. Nu ga ik beginnen met voorlezen, vergeef me als ik mompel’, zei de notaris.

Hij begon mijn testament voor te lezen, hij mompelde niet.

Het was een lang testament, hoewel het vrij eenduidig, zeg maar gerust ironievrij was. De meeste van mijn bezittingen, inclusief mijn auteursrechten, liet ik na aan een stichting, de Stichting Blue Mondays.

We waren op de helft van het testament, de getuigen staarden voor zich uit, een vaal herfstzonnetje was zichtbaar. Ik kon nu dood, dat was een opluchting, maar zoals Ramses Shaffy zong: ‘Ik blijf nog lang, en liefst nog langer.’

Toen was alles voorgelezen. Er werd getekend. Het ironische afscheid kon beginnen. Een collega had recentelijk een boek geschreven waarin hij afscheid nam van de ironie. Daar is veel voor te zeggen. Leven ís ook afscheid nemen, maar er zijn prioriteiten.

Op mijn hotelkamer verdiepte ik me in het boek Anus mundi van Wiesław Kielar ten behoeve van een bloemlezing van ooggetuigen van Auschwitz.

De Duitse filosoof Adorno noteerde in 1949: ‘Nach Auschwitz ein Gedicht zu schreiben, ist barbarisch.’ (Om na Auschwitz een gedicht te schrijven is barbaars.) Die uitspraak heeft hij later teruggenomen, vermoedelijk terecht.

Ik zeg: na Auschwitz is alles wat geen Auschwitz is ironie.

En ik denk niet dat ik die uitspraak ga terugnemen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden