ColumnSylvia Witteman

Ik heb heel wat meegemaakt met eenden, maar dit sloeg alles. Ze gingen he-le-maal uit hun dak

null Beeld
Sylvia Witteman

Mij overviel de behoefte om eendjes te gaan voeren. In een niet eens zo ver verleden kon je dan met een zak oud brood naar het park, lekker strooien, eendjes blij, jij blij, en als je die zak daarna ook nog netjes in de vuilnisbak gooide, had je een goede daad verricht.

Maar daar kwam het duiveltje ‘voortschrijdend inzicht’ aangeslopen. Brood is niet goed voor eendjes. Brood is voor eendjes wat roze koeken zijn voor mensen: calorierijk zonder voedingswaarde. Omdat ze voor die overdaad bovendien geen lichamelijk werk hoeven te verrichten, krijgen ze zo veel overtollige energie dat ze uit verveling hun zusjes gaan verkrachten. Die eenden, dus, maar ook voor roze-koek-eters steek ik mijn hand niet in het vuur.

Aangezien ik een en ander niet op mijn geweten wilde hebben zocht ik op wat men eenden dan wél mag voeren. ‘Peulvruchten’, was het antwoord, want ‘peulvruchten’ is tegenwoordig het antwoord op zowat elke vraag. Linzen, kikkererwten, bruine, witte en zwarte bonen, vol vezels, vitaminen en zonder bloedvergieten verkregen proteïne.

Ik houd veel van peulvruchten, dus mijn keukenkastje staat er altijd vol mee. (Heel logisch is dat trouwens niet, want ik houd ook veel van kaas en die is altijd op) Ik pakte een blik bruine bonen, draaide het open en liep ermee naar het park om de hoek. Ik werd wel een beetje vreemd aangekeken op straat, maar wat kon het mij deren, achter mijn onzichtbaar stralend schild van klimaatneutrale dierenliefde?

Daar zat het gesnavelte al klaar, servetjes om de strotjes, stampend van ongeduld. ‘Dag eendjes, hier is moeder Ottolenghi met jullie glutenvrije vezel-festijn!’, riep ik ze tegemoet. ‘Kwaak, kwaak, kwaak, lieve mevrouw!’, klonk het vrolijk uit tientallen keeltjes. Een zonnestraal sneed fonkelend door het wolkendek, pal op mijn door zuivere rechtschapenheid benevelde hoofd.

Daar ging-ie dan. Ik grabbelde een handvol bonen uit het blik en wierp die tussen mijn gevederde vriendjes. Nou heb ik heel wat meegemaakt met eenden, maar dit sloeg alles. Ze gingen he-le-maal uit hun dak. Woest snaterend en elkaar vertrappend stortten ze zich op het nederig voedsel. Nog vóór ik aan het tweede handje toe was, stond ik in een opgeschroefde eendenmenigte van Hitchcock-achtige proporties.

Terwijl ik toekeek, likte ik gedachtenloos wat gemorst bonenvocht van dat blik. Gaat die trut het nou zélf opeten, dacht een dikke woerd verontwaardigd en vloog me vinnig naar mijn stomme kop. Geschrokken gleed mijn tong langs de scherpe rand. Bloed. Blut und Bohnen.

U mag drie keer raden wat ik met Kerstmis ga braden. Hint: geen bonen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden