Column Peter Buwalda

Ik heb briljante ideeën voor een ideeënroman, toch het hoogst haalbare

Soms maak ik notities voor een ideeënroman, het hoogst haalbare. Bijvoorbeeld: ‘Twee ideeën gaan op reis. Onderweg blijkt een van de ideeën een slecht idee, en bovendien gewapend.’

En ook: ‘Uitwerken waarom mensen wel met zichzelf neuken (masturbatie) maar niet flirten/zoenen.’

Autobiografischer: ‘Roman met protagonist die zijn vuilnis nooit meteen naar het vuilpunt brengt, maar iedere vuilniszak eerst een week tegen de woonstee laat staan. Filosofisch uitdiepen.’

De eerste ideeënroman paart de ideeën aan een plot, wat knap is – maar de seksuele is opwindender. Nummer drie, de gelaagde vuilnisroman, zal mijn uitgever het meest aanspreken, vanwege de ‘waargebeurde feiten’.

Jeroen Pauw: ‘Peter, ik mag denk ik wel zeggen dat de Peter in Vertraagde vuilniszakken dezelfde Peter is die tegenover me zit?’

‘Nee, nee, nee – zeker niet.’

‘Maar ook de Peter in Vertraagde vuilniszakken woont in Amsterdam-Noord en heeft, net als jij, een vriendin die Jet heet.’

‘O, zo. Ja, klopt. Maar laten we het over de ideeën hebben – het is per slot van rekening een ideeën­roman, het hoogst haalbare.’

En dan uitpakken over de filosofische vraag die ten grondslag ligt aan Vertraagde vuilniszakken, namelijk waarom de Peter in het boek, net als de echte Peter, een vuilniszak, wanneer hij hem in de keuken grommend van opgepotte mannelijkheid heeft dichtgebonden, niet gewoon in één beweging door wegbrengt, een wandelingetje van...

Ik ga er even een naar de stort sjouwen, moet toch een keer – en dan tel ik de stappen. Tot zo.

Heen en terug: 134. Twee minuten werk. Sterker, wanneer de ­Peter in Vertraagde vuilniszakken met zijn zak in zijn hand voor de woonstee staat, een ­situatie die ruim vierhonderd keer voorkomt, zit halve werk er feitelijk op. In de keuken is de zak vervangen, die hobbel is genomen, de buitendeur is van het slot, hij heeft zijn jas al aan. Als Peter naar rechts kijkt, dan ziet hij in de verte het vuilpunt al liggen.

En tóch, lezer, parkeert Peter zijn vuilniszak altijd eerst tegen de woonstee. Het is een mysterieuze ­roman, waarin het raadsel op mulischiaanse wijze wordt vergroot. Want wat voor de echte Peter geldt, geldt minstens zozeer voor de Peter in Vertraagde vuilniszakken: op uitstel volgt nooit afstel. Maar slechts groter ongerief, zoals pissebedden en lekkages, waarbij de ideeën in de roman onderscheid ­maken tussen zomer en winter.

Deel 1, ‘zomer’ geheten, zoomt in op wat een hittegolf vermag met een vuilniszak die dagenlang tegen de woonstee staat. De zak wordt warm, vanbuiten, maar ook vanbinnen, waar zich zacht pruttelende scheikunde begint af te spelen. Ergens halverwege Vertraagde vuilniszakken mompelt Peter tegen een opgezwollen zak: ‘Ottolenghi?’ De zak antwoordt: ‘Spreekt u mee.’

Deel 2, ‘winter’ geheten, heeft eigen ideeën – meervoud inderdaad. Omdat de zakken ’s winters gekoeld tegen de woonstee staan, kan de Peter in ­Vertraagde vuilniszakken zijn arsenaal in principe tot aan het IJ uitbreiden, ware het niet dat, net als bij de echte Peter, naast hem Eus woont. Goeie kerel, leuke vent – maar wel een veteraan. Eus houdt niet van ­lijkenluchtjes als hij zijn tuintje schoffelt. Van soms een fermenterend zakje, zegt Eus ‘soit’ – maar we moeten er geen complete massagraven van maken, lijkt me. Hoe de Peter in Vertraagde vuilniszakken hierover denkt, ga ik niet verklappen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.