Column

Ik googelde en kreeg er meteen een paar fobieën bij

Mijn stiefdochter zat met haar vrienden te praten over het langste Nederlandse woord, en omdat ik zelf toevallig de dochter ben van een man die enorme delen van zijn leven wijdde aan het zoeken naar lange woorden, mompelde ik nonchalant 'hottentottententententoonstelling'.

Beeld thinkstock

De pubers gaven weinig sjoege op hottentottententententoonstelling, want die kenden ze al, en een van hen zei dat dat niet het langste Nederlandse woord was. Het langste Nederlandse woord, wist hij, was hippopotomonstrosesquippedaliofobie (een letter langer, telde ik later toch maar even na) en het leuke van hippopotomonstrosesquippedaliofobie is dat het betekent: angst voor lange woorden.

Angst voor lange woorden. Ik wist niet dat dat bestond. En nu ga ik meteen een waarschuwing geven: google het woord hippopotomonstrosesquippedaliofobie niet. Want dan kom je op de site hippopotomonstrosesquippedaliofobie.nl, zoals mij gebeurde, en die site is gewijd aan fobieën. Fobieën die je nog niet kende en fobieën die je wel al kende omdat je ze zelf een beetje hebt, en fobieën die je nog niet kende en waarvan je nog niet wist dat je er wellicht vatbaar voor zou zijn maar waarvan je nu toch een heel klein beetje gaat denken dat je ze misschien zou kunnen hebben.

De laatste categorie is de ergste. Angst is besmettelijk: ik hoefde maar een lijst met fobieën te lezen om er meteen een paar aan mijn arsenaal toe te voegen. Zo blijkt er gewoon een benaming te zijn voor die wijdverbreide fobie voor clowns, namelijk coulrofobie, en kon ik me ook meteen van alles voorstellen bij autodysomofobie (angst voor mensen met een vieze geur), autofobie (angst om alleen te zijn) en ostraconofobie (angst voor schaal- en schelpdieren). Ik wist gewoon nog niet dat het fobieën waren.

Maar ook in de wat meer bizarre varianten zag ik wat: allicht zijn er mensen met pteronofobie (angst om met veren gekieteld te worden) en zéker met metrofobie (angst voor poëzie).

Het leuke, of nou ja, bijzondere aan fobieën is dat er steeds nieuwe bijkomen. Zo had de oermens misschien al last van selenofobie (angst voor de maan) maar nog niet van nomofobie (angst om geen mobiele telefoon in de buurt te hebben).

'Ik ga deze lijst wegklikken, hij brengt me op ideeën', zei ik tegen de groep pubers. Ze waren alweer over iets anders aan het praten en keken me neutraal en ongecompliceerd aan, want in tegenstelling tot wat iedereen denkt zijn pubers al sinds de jaren vijftig geen moeilijke mensen meer, maar heel gezellige, toegankelijke wezens. Die niets snappen van een vrouw met phobofobie. Fobieënfobie. Want dat bestaat ook.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden