ColumnBert Wagendorp

Ik dacht geen seconde aan het virus of de eindigheid, ik concentreerde me op de eindigheid van de tijdrit

Bert Wagendorp artikel columnBeeld .

Het afgelopen weekend verbleven mijn geliefde en ik in het gevaarlijk oranje Parijs, waar het virus – evenals in Amsterdam overigens – loert om elke straathoek. Wij hadden er graag een quarantaine voor over want, zoals de veelgehoorde zegswijze luidt: ‘Het virus is nog niet klaar met ons, maar wij zijn wel klaar met het virus.’ Bovendien kwam zondagavond de Tour de France aan op de Champs Elysées, en dat spektakel wilde ik wel weer eens live meemaken.

De Ronde van Frankrijk was dit jaar de Tour van de Ontkenning. Drie weken lang reisde het wielercircus als een potentiële besmettingshaard door de Franse dreven, alsof er niks aan de hand was. Langs de kant stonden duizenden mensen, ook alsof er niks aan de hand was. Om het gevaar te beteugelen de renners op het laatste moment nog te besmetten hadden wij zondag feestelijke mondkapjes omgedaan met de tekst ‘Tour de France’ erop, gratis uitgereikt door de eerste auto’s van de Tourkaravaan.

Het ging overigens niet louter om ontkenning, maar ook om érkenning. Namelijk dat de mens vermaak nodig heeft. Blaise Pascal, geen tanig klimmertje uit de ploeg AG2R La Mondiale maar een filosoof en wiskundige uit de zeventiende eeuw, schreef in zijn Pensées het volgende: ‘Wij zijn door onze zwakke en sterfelijke toestand van nature ongelukkig.’ Zo ellendig zelfs, ‘dat als we er goed over nadenken, niets ons kan troosten’.

Is het zo erg? Helemaal niets?

Toch wel. Afleiding en verstrooiing kunnen ons bestaan dragelijk maken, meende Pascal. ‘Het spel, de jacht, een fascinerend schouwspel’ helpen om de gedachten aan ‘dreigende gevaren, aan dood en aan ziekten die niet te vermijden zijn’ buiten de deur te houden.

Dat was ook de teneur van de woorden van Emmanuel Macron, afgelopen week vanaf het Tourpodium. Monsieur le president prees de Tour de hemel in, juist vanwege zijn waarde voor het moreel van het volk. Hij kent zijn Pascal.

Was die drie eeuwen later geboren, dan zou hij zeker fan van de Tour zijn geweest, die overigens dit jaar zijn geboortestad Clermont-Ferrand aandeed.

De Tour staat voor verstrooiing: ik heb zaterdagmiddag geen seconde aan virus of eindigheid gedacht. Ik concentreerde me volledig op de eindigheid van de tijdrit.

Zaterdagavond gingen wij naar de Opéra Garnier, het schitterende gebouw met het beroemde plafond van Chagall. Daar werd Mozart gespeeld. Voor 25 euro p.p. hadden we een loge gereserveerd, de Fransen begrijpen dat cultuur van iedereen moet zijn. De dirigent, Philippe Jordan, gedroeg zich alsof hij zojuist was losgelaten uit een maandenlange quarantaine. Hij besprong de bok als een druistige hinde, nadat hij eerst al zijn musici een hartelijke elleboog had gegeven. Hij popelde zo te zien ons amusement te bieden en de troost van de kunst. Het applaus was lang en enthousiast, er klonk bevrijding in door.

Zondagavond gingen we naar de Champs om de helden welkom te heten die zich met gevaar voor eigen leven drie weken lang hadden afgebeuld. Wellicht dat de renners het zich niet direct realiseerden (op de fietsende filosoof Guillaume Martin na), maar zij hebben ons al die tijd een grote dienst bewezen. Niet, zoals de meeste topsporters geneigd zijn te denken, door zo hard mogelijk te fietsen, lopen, schaatsen of zwemmen voor de overwinning, op zich tamelijk onbenullige activiteiten. Maar wel door ons afleiding van de ellende te bieden. Dat is hun rol in het leven, en die mag niet worden onderschat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden