Column René Cuperus

Ik ben zowel Israël-kritischer als Palestijnen-kritischer terug­gekeerd van mijn studietrip

Van mijn studietrip naar Israël en de Palestijnse gebieden ben ik zowel Israël-kritischer als ­Palestijnen-kritischer terug­gekeerd. Zoals beloofd in mijn vorige column, zal ik uitleggen waarom dat zo is. De ironie van de CIDI-propagandareis voor journalisten is dat deze contraproductief uitpakt. ­Iedereen die Israël bezoekt, en dan met name de bezette gebieden, raakt geschokt door de omstandigheden waaronder de Palestijnse ­bevolking moet leven. Je waant je in de DDR in 1980. Overal ‘veiligheidsmuren’, hekken en vernederende check-points. Ik was wel eerder in ­Israël geweest, maar niet zo dicht bij de Gazastrook, noch rondtoerend op de Westoever, en dat maakt veel uit. Als je op die plekken bent, kost het de grootste moeite begrip op te brengen voor de Israëlische veiligheidspolitiek.

Veiligheidsobsessie

Israëliërs houden er een totale -veiligheidsobsessie op na. Daaraan wordt alles ondergeschikt gemaakt. Wie de wachttorens bij ‘openluchtgevangenis’ Gaza ziet en hoort hoe Israël de facto volledige controle uitoefent op de Westoever, kan niet anders concluderen dan dat er sprake is van een collectieve bestraffing van de Palestijnen op grond van terreurdaden van enkelen.

Maar voor een vollediger en eer­lijker beeld horen bij die grensmuur wel plaatjes van ontplofte bussen in Tel Aviv, raketregens uit Gaza en neergestoken politieagenten. Verder blijkt de Palestijnse Autoriteit terroristen en hun families als verzetsstrijders te betalen. En afgelopen week nog riep een Hamas-leider de Palestijnse diaspora op Joden overal ter wereld ‘af te slachten’. De veiligheidsobsessie van Israël mag dan nogal mensenrechtenonvriendelijk uitpakken, die komt bepaald niet uit de lucht vallen.

Onverzoenlijk

Wat gebeurt er wanneer twee getraumatiseerde bevolkingen naast en met elkaar moeten leven? We spraken in Israël de ene dag met een Knesset-parlementslid die niet alleen de helft van haar familie in de Shoah had verloren, maar ook nog eens slachtoffer was geworden van een Palestijnse terreuraanslag in Tel-Aviv. De andere dag zaten we in een huiskamer van een Arabisch gezin in een Palestijnse vluchtelingenwijk bij Ramallah. Aan de muur hing een martelaarsportret van hun 14-jarige zoon, in de Tweede Intifada al ­stenengooiend doodgeschoten door het Israëlische leger. Aan de muur ook een grote sleutel. Die symboliseert het ‘recht op terugkeer’ van deze familie naar het dorp waaruit hun voorouders in de Nakba werden verdreven. Wat doe je met twee families, twee bevolkingen, die allebei een deel van het gelijk aan hun kant hebben, maar die er onverzoenlijke claims tegenover elkaar op na ­houden?

Kom je hoopvoller van zo’n studietrip terug? Is er enig zicht op verzoening en vrede?

Nee, niet echt. Hoopvol was dat sommige Israëlische sprekers zich zeiden te schamen voor de feitelijke bezetting van de Palestijnse gebieden. Een rabbijn noemde het overheersen van een ander volk geheel strijdig met de ‘Joodse waarden’ en hoopte dat daar zo snel mogelijk een einde aan komt. Hoopvol waren ook de gesprekken met modern-verwesterde Palestijnse jongeren in de nachtclubs van Ramallah. Minder hoopvol was het religieus fanatisme van een kolonist in een illegale ­nederzetting in ‘Judea’. Minder hoopvol ook was de haatdragendheid van Palestijnse politici. Niet ­alleen tegen Israël, maar vooral ook onderling: Fatah tegen Hamas. Meer dan over een tweestatenoplossing werd gesproken over een confederale eenstaatoplossing (Yossi Beilin) of over een driestatenoplossing (Gaza en Westoever totaal gescheiden).

Sideshow

Het minst hoopvol was de analyse die Israëlische experts (meestal zeer fitte oud-kolonels op leeftijd) van de geopolitieke situatie in het Midden-Oosten gaven. Volgens hen is het Israëlisch-Palestijns conflict een sideshow geworden bij de grote strijd die momenteel in het Midden-Oosten wordt uitgevochten. Het conflict binnen de islam: tussen sjiieten en soennieten, tussen Iran en Saoedi-Arabië. Israël wordt daarbij als alibi en afleiding gebruikt.

Het strijdtoneel voor deze onderlinge moslimstrijd – ook tussen ­islamisme en secularisme – vormen zwakke, verdeelde staten als Irak, ­Syrië, Libanon en Jemen.

Als deze situatieschets waar is, is vrede tussen de Palestijnen en Israël minder dan ooit te verwachten. Dan dreigt het Midden-Oosten eerst nog meer in brand te staan. Laten we dus hopen dat deze analyse niet meer dan Israëlische afleidingspropaganda was. 

René Cuperus is cultuurhistoricus

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden