ColumnBert Wagendorp

Ik ben voor Ceta want het is tegen hormoonvlees en Herman moet Matthijs opvolgen

De vloek van de informatiesamenleving is dat je wordt geacht overal een beargumenteerde mening over te hebben. Dat is niet te doen. Ik was donderdag nog druk bezig met de meningsvorming over Ceta, toen er alweer een nieuwe krant in de bus lag, vol kwesties waar ik iets van moest vinden: Roger Stone en de aanklagers‘Laat ze maar komen, de gastarbeiders’ van D66, de redding van het celibaatschommelboetes en Matthijs van Nieuwkerk – voluit: Wie Volgt Matthijs van Nieuwkerk Op bij de Opvolger van DWDD. En dat waren dan alleen nog maar de kwesties op de eerste tien Volkskrant-pagina’s van donderdag; de meningsvorming over Tom Dumoulin liet ik nog even rusten.

Ik herinnerde me TTIP, Tisa, Nafta en al die andere verdragen: van onderschatting kon geen sprake zijn, ik maakte er een Ceta-studiedag van. Gedurende een uur of zes las ik alles wat er maar over Ceta te lezen viel. Behalve Ceta zelf, want dat bleek 1.598 pagina’s te tellen en je kunt ook overdrijven met de meningsonderbouwing.

Ceta staat voor Comprehensive and economic trade agreement, oftewel Brede Economische Handelsovereenkomst. Met Canada, that is. In 2009 begonnen de onderhandelingen, in 2016 werd Ceta ondertekend door Trudeau, Tusk en Juncker en vanaf 2017 trad het in werking. Waarom hebben we het er dan nog steeds over? Omdat Nederland Ceta nog moet ondertekenen en als dat niet gebeurt het hele vrijhandelsverdrag alsnog wordt afgeschoten.

Of dat erg is, is geheel afhankelijk van de tegen die tijd gevormde mening. Die is dus niet vrijblijvend.

Het bleek niet mee te vallen, een onderbouwde mening over Ceta. Na een uur of drie vruchteloos ploeteren vroeg ik me af waarom ik eigenlijk een mening moest hebben over een verdragje met een land dat zowel wat inwoneraantal als bbp betreft maar twee keer groter is dan Nederland. Dan kon je wel aan de gang blijven. Ik wilde juist overstappen op de meningsvorming betreffende Matthijs, toen ik las dat Ceta ‘de nieuwe gouden standaard voor handelsverdragen wereldwijd’ moet worden. Dat zou dan op individueel niveau ook gelden voor mijn opvatting. Wist ik nu een mening te formuleren, dan zou me dat in de toekomst veel tijd schelen.

Er bleken, als ik de verschillende bronnen mocht geloven, zowel voor- als nadelen te kleven aan Ceta. Dat compliceerde de zaak. Bovendien waren sommige voordelen tevens nadelen. Zo is groeiende handel goed voor de welvaart, maar aangezien handel niet vanzelf over de oceaan vliegt, is dat weer slecht voor het klimaat.

Het argument dat Nederland bij afwijzing Trump zou assisteren bij het slopen van de wereldorde leek me niet helemaal koosjer. Dan kunnen we ons voortaan beperken tot een volledig Trump-contraire standpuntbepaling.

Dat minister Kaag de CU over de streep probeert te trekken met opname van een aparte bepaling over Canadees hormoonvlees begreep ik wel. Soms zijn zaken zo oneindig gecompliceerd en ondoorzichtig, dat je alles concentreert op één detail, een pars pro toto waarin de hele controverse zich samenbalt, een broodnodige versimpeling.

‘Ik ben voor Ceta want het is tegen hormoonvlees.’

Goed, ik kwam er dus weer eens niet uit. Slap, maar ik klampte me vast aan de reddingsboei in het Volkskrant-commentaar van woensdag: ‘De soep wordt niet zo heet gegeten als gesuggereerd’. Mits zonder hormoonvlees.

Inmiddels was ik ervan overtuigd geraakt dat Herman van der Zandt de opvolger van Matthijs moet worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden