Hulp aan Aleppo heeft nu de hoogste prioriteit

Opinie

De internationale gemeenschap mag het lot van de 300.000 burgers van Aleppo niet overlaten aan het regime van de Syrische president Assad.

Mensen lopen in een wijk aan de noordkant van Aleppo, waar 300.000 mensen worden belegerd. Foto afp

Kan de oorlog in Syrië nog erger, na vijf jaar van conflict? Ja, het kan nog erger. Op 14 juli hebben de troepen van Assad het hooggelegen gebied ingenomen dat uitkijkt op de Castello-weg, de laatste belangrijke toegangsroute tot wat ooit het economisch centrum en de grootste stad van het land was. Driehonderdduizend burgers worden in Aleppo nu feitelijk belegerd. In Syrië brokkelt het laatste restje respect voor de mensenrechten af, met het verwerperlijke bombardement van vrijdag op een kraamkliniek als voorlopig dieptepunt.

De VN omschrijft de huidige situatie terecht als 'middeleeuws en beschamend'. Er bestaat een reëel risico dat de naam 'Aleppo' opnieuw synoniem wordt voor het falen van de internationale gemeenschap.

Alleen met internationale druk kan een grotere ramp worden voorkomen. De VN, de Internationale Steungroep voor Syrië (ISSG) en andere landen moeten het Assad-regime met luidere stem oproepen een einde te maken aan de belegering. Dit soort druk heeft effect. Zo heeft een aantal belangrijke landen op een bijeenkomst in München afgelopen februari een akkoord bereikt over een staking van de vijandelijkheden.

Dat akkoord hield een aantal maanden grotendeels stand. Ook werd met het akkoord humanitaire toegang afgedwongen tot maar liefst een miljoen Syriërs, aan wie noodhulp kon worden verleend. Dat is diplomatie in actie.

Bert Koenders, minister van Buitenlandse Zaken. Foto anp

De recente besprekingen tussen de VS en Rusland zijn op zich een positieve ontwikkeling. Maar belangrijker nog is om nu direct te kijken wat er voor Aleppo kan worden gedaan. Voortzetting van de dialoog tussen de VS en Rusland is in de huidige situatie essentieel. Tegelijkertijd is een internationale focus die zich richt op terroristische organisaties als IS, Jabhat al Nusra en andere groepen noodzakelijk, maar niet voldoende. Een geïntensiveerde militaire campagne tegen Jabhat al Nusra leidt er in het beste geval toe dat de groep zich opsplitst, waarna de meer gematigde strijders zich bij andere rebellengroepen zullen aansluiten. In het slechtste geval versterkt de militaire campagne het misleidende verhaal van het Assad-regime en haar steunpilaren dat het extremisme de wortel is van het conflict in Syrië, waarmee voorbij wordt gegaan aan het feit dat het regime dagelijks bruut geweld gebruikt tegen zijn eigen bevolking.

IS en Jabhat al Nusra zijn voor Assad strategische troeven. Dankzij deze terreurgroepen kan Assad zich presenteren als de mindere van twee kwaden en de wereld oproepen hem te steunen in de strijd tegen terrorisme. Wanneer hij in deze opzet slaagt, wordt aan de wil van de meerderheid van de Syriërs geen gehoor gegeven; zij willen namelijk noch door Assad, noch door terroristische organisaties worden geregeerd. Dergelijk beleid is gevaarlijk en kortzichtig. Zolang de wreedheden van Assad getolereerd worden, blijft het lijden van de burgerbevolking, de instabiliteit en de bloei van het extremisme voortduren.

Lees ook

Koenders: in Aleppo dreigt 'Srebrenica'
Net als bij Rwanda of Srebrenica bestaat er een reëel risico dat de naam 'Aleppo' synoniem wordt voor het falen van de internationale gemeenschap.

Koos van Dam: 'We hebben onszelf klem gezet in Syrië'
Speciaal gezant voor Syrië Koos van Dam houdt er mee op. De Volkskrant sprak met hem over de rol die Nederland heeft gespeeld in het oplossen van het Syrische conflict: 'Ik vind dat je met het regime moet praten'.

Internationale inspanningen moeten zich dus op twee sporen blijven richten, waarbij toegang voor humanitaire hulp, herstel van een staakt-het-vuren en hervatting van de vredesbesprekingen in Genève prioritair zijn. De internationale gemeenschap heeft zich in resoluties van de VN-Veiligheidsraad aan deze doelstellingen gecommiteerd. Het succes van het vredesbesprekingen staat of valt met de bereidheid zonder uitzondering van alle betrokkenen om compromissen te sluiten. De besprekingen kunnen pas worden voortgezet als er voldoende internationale druk op de oorlogvoerende partijen is uitgeoefend om de VN-resoluties in de praktijk uit te voeren.

Het VN-bureau voor de coördinatie van humanitaire hulp heeft voorgesteld om regelmatig 48-uur durende humanitaire corridors in te stellen om hongersnood en de dood van nog eens duizenden burgers in Aleppo te voorkomen. Deze corridors maken het verlenen van humanitaire hulp mogelijk en dit voorstel mag niet in de Veiligheidsraad worden geblokeerd. Humanitaire hulpverlening zou niet ter discussie moeten staan en aan alle mensen kunnen worden verleend, ongeacht of ze de stad ontvluchten of besluiten te blijven.

Toegang tot de meest noodzakelijke hulp is de kleinste gemene deler, een beginpunt. Vervolgens zijn wij het aan de burgers van Aleppo verplicht ervoor te zorgen dat een neutrale partij, zoals de VN, de verantwoordelijkheid krijgt voor de totstandkoming en implementatie van een akkoord. Het is essentieel dat het lot van 300.000 burgers in Aleppo vooropgesteld wordt. Dat is waar de Nederlandse regering zich deze dagen in de Internationale Steungroep voor Syrië maximaal voor inzet.

Bert Koenders is minister van Buitenlandse Zaken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.