ColumnAleid Truijens

Hugo de Jonge speelde geen glansrol in het coronadrama in de verpleeghuizen

Hoe zou hij woensdag hebben geslapen, Hugo de Jonge? In een gelukzalige overwinningsroes, na zijn moeizame verkiezing tot CDA-lijsttrekker? Of onrustig, omdat nét op de avond van zijn ­triomf Nieuwsuur een reconstructie uitzond van het coronadrama in de verpleeghuizen? De minister speelt daarin geen glansrol. Zouden niet ietsje minder leden op hem hebben gestemd als dit item twee dagen eerder was uit­gezonden?

Feestelijk was zijn optreden woensdagavond in Op1 niet. Nog voordat hij werd gefeliciteerd, werd De Jonge geconfronteerd met conclusies uit de uitstekende Nieuwsuur-­reportage. Personeel en bestuurders van verpleeghuizen en de thuiszorg vinden dat de richtlijnen van het RIVM in de coronacrisis tot ‘onveilige situaties’ hebben geleid.

Dat is mild gesteld. Het gaat om doden, vermijdbare doden. Hoeveel weten we niet, want velen werden, bij gebrek aan tests, niet als coronadoden meegeteld, wat hun lot nog verdrietiger maakt. Het waren mensen die zichzelf niet konden beschermen, die waren overgeleverd aan het verstand van anderen.

De reconstructie zelf is niet mild: zij onthult een gruweltoestand waarvan velen het bestaan vermoedden, bij onze oude ouders, opa’s en oma’s, de ‘kwetsbaren’ die het kabinet vroom zei te beschermen. Het was een waarheid die vooral op de sociale media circuleerde. Eind maart konden we al van verbijsterde (thuis)zorgmedewerkers horen dat zij naar cliënten werden gestuurd zonder enige bescherming, want die was volgens het RIVM ‘niet nodig’. Mondmaskers heetten zinloos. Terwijl heel Nederland anderhalve meter afstand moest houden, konden zij bevattelijke of zieke patiënten gewoon wassen en hun wonden verplegen, ook als die – of zijzelf – snotterig waren of koorts hadden.

We zien het allemaal terug in de reconstructie. Ouderen werden opgesloten en van hun geliefden afgesneden, maar de besmettingen gingen in hoog tempo door. Niet verwonderlijk, want het personeel liep onbeschermd in en uit. Veel van de ‘helden’ voor wie we hard hebben staan klappen, zijn onnodig ziek geworden en moeten nu leven met de gedachte hun patiënten dodelijk te hebben besmet. Hartverscheurend.

Bij hun leidinggevenden moesten ze niet aankomen. Bestuurders en managers voegden zich braaf naar de regels van het RIVM; zorgmedewerkers die zichzelf beschermden werden berispt, want die gaven een verkeerd signaal af. Soms bleef beschermend materiaal in voorraadkasten liggen, testcapaciteit bleef onbenut. Bij de landelijke verdeling van middelen stond de ouderenzorg achteraan; toch meent de overheid dat werkgevers ‘zelf verantwoordelijk’ zijn voor de veiligheid hun personeel – hoe hypocriet.

Nu hebben enkele zorgkoepels en brancheverenigingen terecht spijt: waren ze maar eigenwijzer geweest, dan was het aantal doden, net als in Duitsland, lager geweest. Maar de verantwoordelijkheid voor het bestrijden van covid-19 ligt niet bij hen, en zelfs niet bij het RIVM, dat Gods woord leek te verkondigen. Het RIVM was adviserend, de keuzes waren aan het kabinet.

De Jonge gaf in Op1 het bekende, volautomatische antwoord: het was toen hectisch, tsja, de kennis van toen, de schaarste aan middelen. In de reconstructie horen we hem iets anders zeggen: schaarste was níét de reden voor de gebrekkige bescherming; de regels van het RIVM waren afdoende. ‘Lawe we die richtlijnen volgen’, was zijn mantra.

Nieuwsuur heeft een mooie voorzet gedaan voor de parlementaire enquête die er moet komen, onder leiding van iemand die zich geen kletspraat laat verkopen. Je zou bijna aan Pieter Omtzigt denken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden