Opinie

Hoogopgeleide flexwerker op universiteit heeft geen toekomst. Wanneer komen de besturen eens op voor hun personeel?

Tot donderdag 15 juli, wordt er gestemd over de nieuwe cao voor de universiteiten. De positie van een grote groep flexdocenten gaat er niet op vooruit, betoogt actiegroep Casual Academy. David Hollanders en Arjen Noordhof (zie onder) menen dat de cao moet worden afgewezen.

 Aankomende eerstejaarsstudenten van de Erasmus Universiteit volgen een college om de kans op studiesucces te vergroten.  Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Aankomende eerstejaarsstudenten van de Erasmus Universiteit volgen een college om de kans op studiesucces te vergroten.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Wie ‘flexwerker’ hoort, denkt aan pakketbezorgers, thuiszorgwerkers en maaltijdkoeriers. Maar het fenomeen is breder: zelfs een doctorsgraad beschermt niet ­tegen bestaansonzekerheid. Sinds ­jaren zwelt onderaan de wetenschappelijke piramide een poel achtergestelde lesboeren zonder onderzoekstijd aan, die al eenderde van al het ­wetenschappelijke personeel vormt. Deze docenten zwerven van onderwijsklus naar onderwijsklus en puzzelen zo hun bestaan aaneen met halve contractjes aan diverse universiteiten. In de weekenden houden ze voor noppes hun onderzoeks-cv op peil. Het is een vereiste voor hun volgende gig.

Flexibele schil

Universiteiten halen hun schouders op. Een ‘flexibele schil’ is nodig om fluctuaties in inschrijvingen op te vangen, redeneren bestuurders in weerwil van een jarenlange stijging van studentenaantallen. De lesboer speurt intussen verder naar de volgende deeltijdbaan, terwijl het werk achterblijft. Dat is voor de volgende lesboer. Voor de vaste staf betekent het een hogere werkdruk: wéér een sollicitatieprocedure, wéér iemand inwerken. Weer het wiel uitvinden. Het is kapitaalvernietiging en slecht werkgeverschap.

Volgens de wet volgt na drie contracten een vaste baan. De praktijk is weerbarstiger. De docenten gaan een half jaartje uit dienst, vreten hun spaargeld op, en komen netjes terug. In een recente rechtszaak, aangespannen en gewonnen door een docent aan de Universiteit Leiden, concludeerde de rechter dat universiteiten moeten ophouden alles te doen om vaste aanstellingen te vermijden. De rechter voorzag ook brede maatschappelijke consequenties: ‘Zo wordt een groot deel van de werknemers een onzekere toekomst voorgeschoteld en een tweedeling in de samenleving gecreëerd.’

Weinig perspectief

De onlangs aangekondigde nieuwe cao biedt weinig nieuw perspectief. Zeker, er staan mooie prestaties in, zoals een lichte loonsverhoging om in de pas te blijven met de (officiële) inflatie en de afspraak tijdelijke universitair docent-onderzoekers (ud’s) anderhalf jaar na aanstelling een vast contract te geven.

We vrezen alleen dat de gevolgen voor de lesboeren zonder onderzoekstijd schrijnend zullen zijn. Bij een verder slinkende begroting zullen universiteiten nóg minder prikkels hebben om docent-onderzoekers aan te stellen in plaats van goedkope, vervangbare leskrachten. Een toename van docenten zonder onderzoekstijd zet ook meer druk op het kernprincipe van de universiteit als samenspel van onderwijs en onderzoek, zoals in de Wet op het hoger onderwijs verzegeld. Onderwijscontracten van meer dan 0,7 fte worden aan veel universiteiten al niet meer aangeboden. Het is een publiek geheim dat die onderwijslast al een fulltimebezigheid is.

Onbetaald overwerk

Dat sluit aan bij de bevindingen van een AOb-enquête, die leert dat universitaire medewerkers gemiddeld een slordige 36 procent overwerken. Zou iedereen gewoon de contracturen volgen, dan zou de universiteit morgen al volledig ineenzijgen. De colleges en papers worden nu betaald met de burn-outs, overwerk en bestaansonzekerheid van het personeel.

Intussen wordt er aan de formatietafels met geen woord gerept over het hoger onderwijs. De lobbypogingen van koepelorganisatie VSNU hebben blijkbaar nul effect. Zoals een recent rapport van de Algemene Rekenkamer verried, zijn de ambtenaren van OCW ‘niet gealarmeerd’ door de geluiden uit de krakende sector. Universiteiten doen het werk toch wel, gratis en voor niets. Actiegroepen als WOinActie, 0.7 en de onze roepen al tijden om hardere actie, ter aanvulling van de protesten die al jaren gaande zijn. Die actie is echter moeilijk te organiseren met een verdeelde poel arbeiders die de werkloosheid in- en uitlaveren.

'Nee’ tegen minister

Het wordt tijd dat de VSNU en de colleges van bestuur hun verantwoordelijkheid nemen. In plaats van nog een jaartje magere cao’s uit te onderhandelen, moeten ze onderwijsminister Van Engelshoven (D66) realistische scenario’s voorleggen: een korter collegejaar, minder studenten of drastische verschraling van onderwijs en onderzoek. Niet omdat we dát willen, maar omdat het de enige manier is om de zuinige minister de uitstaande factuur te laten betalen. Universiteiten moeten ‘nee’ zeggen tegen de minister, in plaats van tegen hun personeel.

Flora Lysen (Maastricht University), Judith Naeff (Universiteit Leiden), Léonie de Jonge (Rijksuniversiteit Groningen), Sai Englert (Universiteit Leiden), Jan Overwijk (docent Liberal Arts & Sciences , Universiteit Utrecht), namens Casual Academy, nationale actiegroep voor tijdelijke universitaire docenten. )

FNV-akkoord verdeelt universitair personeel

De vakbond was nooit de bondgenoot van de docent met een tijdelijk contract. Al decennia wisselen universiteiten docenten in voor nieuwe docenten. Docenten mogen terugkomen du moment ze geen aanspraak meer maken op een vast contract. Dit beleid wordt uiteraard door universiteits- en faculteitsbesturen ontworpen en door personeelszaken en afdelingsvoorzitters uitgevoerd. Vakbonden hebben er evenwel nooit actie tegen gevoerd. Docenten die, in tegenstelling tot het hogere, oudere echelon inderdaad doorgaans, geen lid zijn, bleek hen weinig te kunnen schelen.

Het op 25 juni afgesloten onderhandelaarsakkoord van werkgever VSNU en vier vakbonden over de cao Nederlandse Universiteiten 2021 markeert een nieuwe, macabere stap. Het akkoord speelt academisch personeel tegen elkaar uit door docenten expliciet uit te sluiten van de cao-regeling die onderzoekers wél meer vaste contracten in het vooruitzicht stelt. Het FNV-persbericht noteert dat ‘universitair docenten, universitair hoofddocenten en hoogleraren in principe na een jaar in vaste dienst komen'.

Uitgezonderd van cao

Het probleem was uiteraard niet dat hoogleraren (92 procent heeft een vast contract) en hoofddocenten (95 procent) geen vast contract hebben. Het probleem is dat docenten worden gedisciplineerd, gemaltraiteerd en geëxploiteerd met tijdelijke contracten, evenals schoonmakers en werknemers in de catering.

En al deze groepen, die de vakbond juist het hardst nodig hebben, zijn uitgezonderd van de regeling. Want let wel, in de voor buitenstaanders allicht ondoorgrondelijke academische rangorde is een docent aan een universiteit niet hetzelfde als een universitair docent: de laatste doceert ook, maar heeft onderzoekstijd.

Niet solidair

Door docenten (evenals schoonmakers) uit te sluiten, bedienen VSNU en vakbonden zich van een verdeel-en-heerstactiek. Onderzoekers wordt een vast contract beloofd. Ze hoeven alleen maar voor de cao te stemmen. Dat zal ongetwijfeld verleidelijk zijn. Het enige dat hen gevraagd wordt is niet solidair te zijn met docenten, die wél goeddeels het onderwijs zullen blijven geven.

De toelichting van de onderhandelaar van dienst stelt dat de FNV ‘vol [heeft] ingezet op een snel uitzicht op vaste banen voor alle functiegroepen’. De uitkomst had niet meer van de ‘inzet’ kunnen verschillen. De goede voornemens zijn daarbij op de werkvloer nooit waargenomen. Ze zijn, als ze ooit hebben bestaan, eenzaam gesneuveld achter gesloten deuren.

Dat laatste wordt door de FNV toegeschreven aan ‘fors verzet’ van de werkgever. Dat was volkomen voorspelbaar daar universiteiten al decennia een exploitatiemachine optuigen die zijzelf flexibele schil noemen. Je zou dus verwachten dat daar ‘ fors verzet’ van de vakbond tegenover staat: geen cao sluiten, verzet organiseren, staken of een van de andere middelen die een vakbond ter beschikking staat om te strijden. De minimale inzet, de sine qua non, om een dergelijke strijd te kunnen voeren is dat solidariteit versterkt en zeker niet ondermijnd wordt. Wat anders zou de inzet van een vakbond die naam waardig kunnen zijn?

Vrome leugen

Met deze cao wordt de flexibele schil geconsolideerd en wordt getracht docenten en onderzoekers definitief uit elkaar te spelen. Het in het vooruitzicht gestelde ‘begin van een cultuuromslag’ is een vrome leugen, wijl die zou beginnen met vaste contracten voor vast werk.

Als de vakbond zichzelf dan blijkbaar te zwak inschat om dit recht voor alle werknemers te bevechten, is dat een reden tot bezinning waar dit gebrek aan macht vandaan komt. En als het dan al onvermijdelijk is, zou de vakbond dan niet minimaal beginnen met rechten te eisen voor de slechtst beschermde groepen? Dat dit niet gebeurt, is ongehoord en een reden van een dergelijke vakbond geen lid te willen zijn. De vakbond wil nu ‘doorpakken, maar de beleden inzet van de FNV is geen garantie gebleken voor een daar op gelijkende uitkomst.

Wijs cao af

Waarom de machtpositie bij de volgende onderhandeling wel sterk genoeg zou zijn wordt op geen enkele manier duidelijk. Waarschijnlijker is dat deze positie verder verzwakt, want het jongere precariaat (achtergestelden of kwetsbaren, red.) wordt door deze vakbond niet beschermd maar uitgesloten en zij worden zo al helemaal niet ingeleid tot voldoende begrip van wat solidariteit is of tot inzicht in hoe de strijd gevoerd kan worden om die te bevechten.

Geen misverstand, de malafide cao is in de eerste plaats universiteiten te verwijten. Het is echter schadelijk en gevaarlijk dat de vakbonden de ondermijning van solidariteit actief steunen. Werknemers binnen de vakbond dienen de cao af te wijzen. En werknemersorganisaties als ReThink en WOinactie dienen de vakbond onder druk te zetten om het heulen met de VSNU te stoppen. Met vrienden als deze vakbond hebben we geen vijand meer nodig.

David Hollanders, docent economie, Universiteit van Amsterdam. Arjen Noordhof, universitair docent psychologie, Universiteit van Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden