COLUMNSYLVIA WITTEMAN

Honderd pagina’s Steinbeck, en bij die scène met de ketchup hield ik het al niet meer droog

Mijn zoon had het over Of Mice and Men, Steinbecks onvermijdelijke leeslijst-evergreen. Het was een mooi boek, had hij gehoord, maar hij ‘mocht het niet lezen voor school’. Dat wil zeggen, dat mocht hij natuurlijk best: de tijden dat scholen hun leerlingen het lezen gaan verbieden hoop ik niet meer mee te maken. Maar voor 5 vwo vonden ze het boekje te dun. Dan moest hij er ‘iets bíj lezen’, nóg een boek dus, en ja, daar begint zo’n jongen niet aan.

Daar lag Steinbeck, sip en inderdaad wat dunnetjes, op de salontafel. Ruim honderd pagina’s over Lennie en George, de Pooh en Piglet van de grotemensenliteratuur, Forrest Gump en Jenny, onderweg naar hun noodlot, een paar kilometer onder het ongetwijfeld slaperige stadje Soledad. (‘Soledad betekent ‘eenzaamheid’, jongens. Goed onthouden hoe Steinbeck hier zijn schaduwen vooruitwerpt. Hoe bedoel je, snap ik niet? Wát snap je niet? ‘Je schaduw vooruitwerpen’ is een uitdrukking. Dat betekent dat je onheilspellende gebeurtenissen van tevoren aankondigt. Wat betekent ‘onheilspellend’? Nou, Anouk, weet jij het? Max? Ook niet?’ (Oorverdovend lawaai van schoolbel).)

Terwijl ik god op mijn bespijkerbroekte knieën (het was al avond en wat frisjes ) dankte dat ik niet in het onderwijs was gegaan, sloeg ik Of Mice and Men open. Ik kende het, natuurlijk. Crisis, jaren dertig, dagloners op het Amerikaanse platteland. Arme Lennie, met zijn doodgeaaide muizen. Tegenwoordig mag je zo iemand geen ‘dommekracht’ meer noemen, denk ik. Wat dan wel? ‘Iemand met afstand tot de arbeidsmarkt’? Hoewel, werken kon hij juist wél. Toch nog eens even bladeren…

Bij die scène met die ketchup hield ik het al niet meer droog. Lennie houdt zo van ketchup op zijn witte bonen, maar er is geen ketchup. En als het er wel was, dan zou hij de hele fles aan zijn makker George gunnen. (‘I’d leave it all for you. You could cover your beans with it, and I wouldn’t touch none of it.’)

Ik las verder. Wat strotafknijpend verschrikkelijk allemaal. Die telkens terugkerende, hardop gestamelde toekomstdroom van een éígen stukje land, en dan eindelijk lekker leven. ‘An’ we could have a few pigs. I could build a smoke house like the one gran’pa had, an’ when we kill a pig we can smoke the bacon and the hams and make sausage an’ all like that (…) when the fruit come in we could can it – and tomatoes, they’re easy to can. Maybe we’d have a cow or a goat, and the cream is so God damn thick you got to cut it with a knife, and take it out with a spoon.’

Ja, dat zou mooi zijn. Maar ja, zoals opzichter Slim zegt: ‘Jesus, I seen it happen too many times. I seen too many guys with land in their head. They never get none onder their hand.’ Zo jammer toch, dat die American dream altijd weer in scherven valt. En dan komt Curly’s domme, gefrustreerde, hoerige vrouw (ze heeft niet eens een naam, ze is alleen maar ‘Curly’s wife’) die arme Lennie ook nog het hoofd op hol brengen. Ik moest telkens denken aan Willy Loman, ‘riding on a smile and a shoeshine’ in het al even tragische Death of a Salesman.

Hoe Death of a Salesman afloopt, weet je al bij de titel. In Of Mice and Men moet je wachten tot het bittere eind (al krijg je een steeds donkerbruiner vermoeden), maar dan heb je ook wat. Prachtig. Hartverscheurend.

Ach, had Curly’s vrouw maar niet zulk zacht haar gehad.

Ach, had mijn zoon dit boek maar wél mogen lezen, van school.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden