Opinie Koffie

Hogere koffieprijs is noodzakelijk om uitbuiting en milieuschade tegen te gaan

Koffie is goedkoper dan ooit, en daarvoor betalen boeren en milieu de prijs. Daarom is het hoog tijd dat de koffie-industrie haar prijsbeleid aanpast, schrijft directeur van Stichting Max Havelaar Peter d’Angremond.

Een koffieboer plukt koffiebessen op een plantage bij Montenegro, Colombia. Foto Reuters

Voor koffieboeren is de alarmfase ingegaan. De prijzen van koffie zijn tot een dramatisch dieptepunt gedaald. Dit bedreigt het toch al fragiele bestaan van 25 miljoen boerengezinnen wereldwijd. Hier mogen we onze ogen niet langer voor sluiten.

Deze week luidden Brazilië en Colombia, die samen de helft van de koffie in de wereld produceren, de noodklok. In een gezamenlijke verklaring constateren ze dat boeren hun koffie ver onder de kostprijs moeten verkopen.

11 miljard verdampt

De rampzalige situatie in de koffiesector wordt bevestigd door recente cijfers. Eind 2016 lag de prijs van arabica-koffie op de beurs van New York op 1,55 dollar per pound (454 gram). Sindsdien is de prijs verder gedaald tot een dieptepunt van 1 dollar per pound deze week. Door de extreme prijsdaling van 30 procent dreigt er voor de boeren jaarlijks meer dan 11 miljard dollar aan inkomen te verdampen. Daar kan geen enkel ontwikkelingsprogramma tegenop.

Tegenwoordig ligt ‘duurzaamheid’ op ieders lippen en denken we met z’n allen vaak al goed bezig te zijn. De koffieproducerende landen stellen dat de grote multinationals duurzaamheid weliswaar promoten en daarop acteren, maar dat deze activiteiten volledig teniet gedaan worden door hun handelspraktijken. Het recent uitgebrachte rapport ‘Coffee Barometer’ komt tot dezelfde conclusie. Van de totale waarde van koffie (circa 200 miljard dollar in 2015) blijft slechts 10 procent achter in de productielanden. Grote bedrijven besteden jaarlijks slechts 350 miljoen dollar aan duurzaamheid. Afgezet tegen het inkomensverlies van 11 miljard dollar is dit een druppel op de gloeiende plaat.

Taboe op fatsoenlijke prijs

Door het betalen van te lage prijzen is de koffie-industrie op zijn minst medeverantwoordelijk voor grove misstanden zoals armoede, kinderarbeid, slechte arbeidsomstandigheden en milieuschade. In de duurzaamheidsdiscussie is een fatsoenlijke prijs taboe. De industrie blijft structureel weg van committering aan fatsoenlijke prijzen voor boeren. In Nederland heeft Fairtrade, dat als enige een minimumprijs van koffiekopers eist (1,60 dollar per pound), slechts een marktaandeel van circa 5 procent. Bij 9 van de 10 pakken koffie in de Nederlandse supermarkt is er dus geen prijszekerheid voor de boer en is hij afhankelijk van de grillen van de markt.

Het wordt hoog tijd dat de koffiemerken en -handel en supermarkten structureel verantwoordelijkheid nemen door hun prijsbeleid aan te passen.

En willen wij, consumenten, met het kopen van deze laagbetaalde producten mede schuldig zijn aan de uitbuiting van koffieboeren?

Peter d’Angremond  is directeur van Stichting Max Havelaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.