Column Elma Drayer

Hoeveel seksuele voorlichting je ook krijgt, tobben blijft het op die leeftijd toch

Bijna alle nieuwsmedia meldden deze week dat Nederlandse jongeren dringend behoefte hebben aan méér en betere seksuele voorlichting in het voortgezet onderwijs. Dat zou zijn gebleken uit een onderzoek van Rutgers, kenniscentrum voor seksualiteit.

Het AD citeerde een van de onderzoekers: ‘De leerlingen spreken ­duidelijke taal. Ze willen uitgebreide seksuele vorming, in een veilige sfeer. Er zijn lesmethodes die al een veel breder pakket aan onderwerpen behandelen dan de biologie­boeken. Maar het vraagt ook om toegeruste docenten en om scholen die er in een doorlopende leerlijn veel meer tijd voor vrijmaken.’ In de Volkskrant las ik dat ‘de hele school’ de verantwoordelijkheid heeft ‘om met leerlingen in gesprek te gaan over seksualiteit’ – tot en met de conciërge aan toe.

Nu wil het geval dat Rutgers tevens leverancier is van trainingen, workshops en cursus- en lesmateriaal op het gebied van seksuele voorlichting. Niks mis mee, dat spreekt. Maar het maakt dit bericht toch een beetje als dat van een rookmeldersfirma die onderzoek heeft gedaan naar de brandveiligheid in Nederlandse woningen, waaruit onomstotelijk zou blijken dat er méér en betere rookmelders dienen te komen. Dan denk je als eenvoudige nieuwsconsument ook: het zal gerust, maar zou het heus?

In dit geval: zou het heus dat hedendaagse jongeren te weinig weten over seks en/of te weinig durven te praten over seksuele onzekerheden? Dus dat ze hunkeren naar docenten en conciërges die het onderwerp, zoals dat heet, bespreekbaar maken?

Toch maar even het rapport zelf erbij gepakt. Belangrijke rol daarin speelt een rapportcijfer uit een twee jaar geleden verschenen onderzoek, Seks onder je 25e, uitgevoerd door datzelfde Rutgers en SOA Nederland, in samenwerking met diverse GGD’s. Dat was een alleszins degelijke, grootschalige studie onder 20.500 jongeren. Onder veel meer bleek daaruit dat zij de seksuele vorming op school gemiddeld een 5,8 gaven.

Inderdaad, een magere score. Maar interessant genoeg concludeerde hetzelfde rapport dat het wat andere thema’s betreft juist beter gaat met de Nederlandse jeugd. Natuurlijk is het paradijs nog lang niet daar – zeker niet voor jongeren die weten dat ze geen hetero zijn. Maar onder de ‘positieve ontwikkelingen’ schaarde het rapport dat de helft van de jongeren op latere leeftijd voor het eerst ‘geslachtsgemeenschap’ heeft (in 2012 nog op hun 17de, in 2017 op hun 18de). Dat de ‘sekseverschillen in seksueel plezier’ inmiddels ‘opvallend klein’ zijn (‘Jongens en meisjes lijken op dit vlak dichter bij elkaar te zijn gekomen’). Dat het aantal jongeren dat seksueel grensoverschrijdend gedrag heeft meegemaakt licht afneemt. Dat het anticonceptiegebruik niet eerder zo hoog is geweest. En dat de intolerantie tegenover ‘uitingen’ van homoseksualiteit ‘sterk’ daalde: keurde in 2012 nog de helft van de jongens en een kwart van de meisjes het af als twee jongens zoenen op straat, in 2017 was dat percentage ‘vrijwel gehalveerd’.

Oftewel: de seksuele vorming van jongeren in het voortgezet onderwijs mag lelijk te wensen over laten, invloed op hun seksuele mores lijkt dat grosso modo niet te hebben. Nogal wiedes. School is per slot maar een van de vele bronnen waaruit je seksuele kennis kunt putten. Trouwens, hoeveel voorlichting je ook krijgt en hoeveel je er ook over praat, tobben blijft het op die leeftijd toch. Helemaal niet erg. Je wordt nu eenmaal zelden volwassen zonder gemodder en gemors.

Daar denken ze bij genoemd ­kenniscentrum anders over. Mede met dat magere rapportcijfer als uitgangspunt stuurde het zeventien leerlingen op pad als ‘co-onderzoekers’. (Twee van hen zaten eergisteren aan tafel bij Jeroen Pauw.) Zij mochten na twee trainingen medescholieren interviewen. In totaal ­bereikte dit kwalitatieve onderzoek driehonderd van de 1,1 miljoen middelbare scholieren die Nederland telt. De drie noordelijke provincies, Limburg, Gelderland, Zeeland en Utrecht deden sowieso niet mee. Rechtvaardigt zo’n minuscule onderzoekspopulatie de omineuze conclusies die Rutgers de wereld in stuurde?

Nou nee. Als de uitkomsten al iets zeggen dan is het dat je vindt wat je zoekt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden