ColumnIonica Smeets

Hoeveel ruimte nodig is als alle Nederlanders op anderhalve meter van elkaar gaan staan

Beeld de Volkskrant

Over het woord van het jaar is nog enige speculatie mogelijk, want corona leidt tot honderden nieuwe woorden. Wordt het domweg coronacrisis, of iets verrassenders als quarantainekilo, hamstershamen, een coronazi die anderen streng op de regels wijst, of juist een covidioot die zich niet aan de regels houdt, de door het RIVM gerantsoeneerde seksbuddy, of (zoals mijn vriend en fotostripmaker Ype Driessen vurig hoopt) post-coronatijdperk ?

Over het getal van het jaar kan geen enkele twijfel bestaan: dat wordt anderhalf van de anderhalvemeterregel, anderhalvemetermaatschappij en anderhalvemetereconomie.

Nog nooit zag ik zoveel maataanduidingen in de openbare ruimte. Zwart-gele strepen plakband met steeds anderhalve meter ertussen om een wachtrij te vormen, krijtcirkels in een park zodat iedereen op anderhalve meter van elkaar kan picknicken, bordjes die aangeven dat vijf stoeptegels samen anderhalve meter zijn.

Het blijkt behoorlijk lastig om te schatten wat nu echt anderhalve meter is. Een handige vuistregel is: als het prettig voelt om met iemand te praten, dan sta je te dicht bij elkaar. O, en een andere vuistregel is dat afstanden op foto’s nogal vertekend kunnen zijn, dus dat je niet als een coronazi op groepsfoto’s moet reageren met ANDERHALVEMETER!!!1!!. Al moet je dan ook weer niet als een covidioot met een hele reeks mensen op een bordes gaan staan.

Iemand vroeg me hoeveel ruimte we nodig zouden hebben als alle Nederlanders op netjes anderhalve meter van elkaar gaan staan. Als we dat in een lange rij doen, dan kom je met een slordige 17.445.997 inwoners op een sliert van ruim 26 duizend kilometer.

Dat kan compacter. Als we iedereen een vierkantje van 1,5 bij 1,5 meter geven, dan hebben we genoeg aan een stuk grond van 39 vierkante kilometer. Iets minder dan de oppervlakte van Schiermonnikoog.

Het kan zelfs nog iets compacter. Bij die opstelling met vierkanten zitten de mensen die recht naast elkaar zitten op anderhalve meter van elkaar, maar degenen die schuin ten opzichte van elkaar zitten, hebben een onderlinge afstand van ruim twee meter (wie zei ook alweer dat je na je examen nooit meer de Stelling van Pythagoras nodig had?).

Wat als we mensen nu eens elk in een anderhalvemetercirkel zetten en die cirkels zo tegen elkaar aanschuiven dat er steeds anderhalve meter tussen de middelpunten van twee aangrenzende cirkels zit? Je krijgt dan een zeshoekig patroon (vergelijkbaar met hoe sinaasappels naast elkaar in een kratje liggen). En héél toevallig kun je 17.445.997 inwoners precies kwijt in een zeshoekig rooster met aan elke zijde 2.412 anderhalvemetercirkels. In totaal kom je daarmee op een oppervlakte van iets meer dan 34 vierkante kilometer, pakweg de gemeente Vlissingen.

Maar ja, hier heb je natuurlijk helemaal niets aan. Alsof iemand dit zou willen en alsof het logistiek haalbaar zou zijn om iedereen keurig coronaproof in zijn cirkel te krijgen. Nee, het enige dat je aan deze berekening hebt, is dat mensen vrijwillig ruim anderhalve meter afstand van je houden als je aanbiedt om dit even uit te leggen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden