columnSylvia Witteman

‘Hoeveel borsten heeft een rat eigenlijk?’, vroeg ik de dierenarts. Het antwoord was 12. Adieu, Polly

Ik was onderweg naar het Rijks(spatie)museum en liep, geheel doorgloeid van verheven culturele voorpret, door de Van Baerlestraat toen ik stuitte op een dode, bruine rat. Hij lag midden op de stoep. Bij leven was hij groot en fors geweest, een echt heerserstype waarschijnlijk, met ‘grensoverschrijdend gedrag’ als belangrijkste hobby, maar nu was hij morsdood en plat. Arme rat.

‘Kijk nou, een dooie rat...’, zei ik tegen huisgenoot P. ‘O’, antwoordde P. Hij was geloof ik allang blij dat het geen lévende rat was. Hij houdt niet van ratten. Ik wel. We liepen verder en ik dacht terug aan de ratten in mijn leven. Eind jaren zeventig van de vorige eeuw was het cool om een rat bij je te hebben, op de schouder van je aftandse leren jack. Dat kwam door de de plaat Rattus Norvegicus van The Stranglers (I’ll see you in the sewer, darling/and don’t be late...)

We hielden ratten in ons ouderlijk huis. Ik kan me een rat herinneren die ‘God’ heette, eentje die ‘Reve’ heette, en ene ‘Satan’. Nou ja, die aanstellerij moet u in de tijdgeest zien. De ratten gingen trouwens dood, en de jaren tachtig braken aan. Dat was een hele omslag . Opeens moest je geen rat meer hebben, maar een dekbedhoes met Mondriaanmotiefje.

Op de terugweg van het museum lag die rat nog steeds op straat. Zijn dode staart trilde in de wind. Een rotgezicht. Ik dacht terug aan de zogenaamd tamme ratten Kiki en Koekie, die ik indertijd, op dringend verzoek van mijn toen nog kleine kinderen had aangeschaft. Ik had evengoed twee psychotische hamerhaaien in huis kunnen halen. Vooral Koekie was doodeng. Hij bouwde een imperium van rottend voedsel onder het aanrecht en beet in mijn handen toen ik hem wilde helpen opruimen.

Daarna kwamen de lieve zusjes Polly en Miep in ons leven. Polly kreeg algauw borstkanker. Ik liet haar voor een absurd bedrag opereren. Kort daarop kreeg ze opnieuw borstkanker, aan een andere borst. ‘Hoeveel borsten heeft een rat eigenlijk?’, vroeg ik aan de dierenarts. Het antwoord was 12. Adieu, Polly.

Ze lag al zowat een jaar onder de groene zoden toen haar zusje Miep stierf. Miep was bijna 3 geworden, wat oud is voor een rat. Met behulp van een juslepel begroeven we haar in het schemerige park. Het was een mooie begrafenis. Mijn dochter zong er ‘Dies irae’ bij.

Vannacht lag ik een beetje wakker van die arme, dode rat in de Van Baerlestraat. Ook hij moest een nette begrafenis hebben, bedacht ik. Vanochtend vroeg liep ik er heen, met een schoenendoos en mijn trouwe juslepel.

Maar hij was weg. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden