EssayDemocratisch bestuur

Hoe populisten de democratie misbruiken

Beeld Rhonald Blommestijn

Politici die met de volkswil aan de haal gaan, schaden de rechtsstaat en de democratie. Dat wil niet zeggen dat het politieke systeem niet deugt, stelt Olaf Tempelman. 

Elke tijd is uniek, maar veel dilemma’s zijn dat niet. Neem dilemma’s over de macht van het volk. We leven in een tijd waarin veel inwoners van landen die te boek staan als democratieën vinden dat er te weinig naar hen wordt geluisterd, en vraagtekens plaatsen bij het democratische gehalte van besluitvorming. Een les die zich daaruit laat leren, is dat meningen over wat een democratie hoort te zijn fors verschillen.

In een veelbeluisterde en bediscussieerde Volkskrant-podcast sprak Gijs Groenteman met schrijver en acteur Haye van der Heyden, ex-initiatiefnemer van Ongehoord Nederland, een nieuwe omroep die kritiek op gebrekkige representativiteit al in de naam draagt. Voor Van der Heyden, wordt helder, draait democratie om gevolg geven aan wat een meerderheid van de kiezers wil. Hij kan zich bijvoorbeeld ergeren aan mensen die het drugsbestrijdingsbeleid van de Filipijnse president Rodrigo Duterte gemakzuchtig ‘ondemocratisch’ noemen. Duterte won met dit beleid overtuigend de verkiezingen. Je mag het bezwaarlijk vinden dat mogelijk onschuldige mensen buitengerechtelijk worden geëxecuteerd. Echter: ‘Als we afspreken dat iets een democratie is’, betekent dit dat het gevolgen heeft ‘als heel veel mensen ergens op stemmen’.

In de podcast uit Van der Heyden ook kritiek op Poolse rechters, die vinden dat hun democratie wordt beschadigd door bemoeienis van de partij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) met de rechterlijke macht. Van der Heyden vindt hun redenering niet kloppen. De raad die zich met de rechtspraak bemoeit, is gekozen door het parlement en dat parlement is gekozen door het volk: de democratie wordt juist versterkt.

Zomaar één gevolg van deze vorm van democratie is dat je in Polen niet makkelijk meer kunt zeggen dat de Joodse bevolking van het stadje Jedwabne in 1941 niet door nazi’s maar door Poolse inwoners is omgebracht. De Poolse journalist Anna Bikont, auteur van het baanbrekende boek De misdaad en het zwijgen, werd door de opmars van PiS praktisch persona non grata in eigen land. Veel kiezers houden niet van ‘vervelende’ versies van hun geschiedenis en hebben met hun stemgedrag bereikt dat ze die niet meer hoeven te horen.

De meerderheid beslist

Voor bezwaren tegen ‘veel mensen die ergens niet van houden’ kon je 2.400 jaar terug al terecht bij Plato. Door toedoen van een overweldigende meerderheid van de Atheense stemgerechtigden moest zijn leermeester Socrates in 399 voor Christus de gifbeker drinken. Als in plaats van die ‘opgehitste menigten’ verstandige mannen over Socrates hadden beslist, was zijn leven gespaard, wist zijn leerling. Een bekende neoplatonist is de Singaporaanse denker Kishore Mahbubani. In zijn boeken met bedenkingen bij democratie laat hij nooit na op te merken dat 20ste-eeuwse Europese politici als Hitler en Milosevic overtuigend verkiezingen wonnen. Mahbubani is geen adept van democratie, maar zijn idee ervan is even simpel als dat van Haye van der Heyden: het is een systeem waarin de meerderheid beslist. Typisch democratisch was het Brexit-referendum: 51,9 procent van de kiezers stemde voor vertrek uit de EU, de 48,1 procent die ertegen was, zit evengoed met de gevolgen.

In 1997 zei de Slowaakse oud-dissident Zuzana Szatmáry: ‘Ik wou dat het hier niet zo belangrijk was om verkiezingen te winnen en niet zo erg was om verkiezingen te verliezen.’ Szatmáry was in de communistische decennia vaak gearresteerd tijdens acties voor democratie – de democratie die in de jaren na 1989 gestalte kreeg vond zij een karikatuur van waarvoor zij gestreden had. Democratie staat voor macht van het volk, en een minderheid van het volk is net zo goed deel van het volk. In een democratie hoort een meerderheid derhalve rekening te houden met gerechtvaardigde belangen van een minderheid: daarin bestaan instituten om sommige kiezers tegen andere kiezers te beschermen of, in de woorden van Szatmáry, ‘daarin wacht mensen geen ellende als degenen op wie ze hebben gestemd de verkiezingen verliezen’.

In het Oost-Europa van die jaren raakten flink wat mensen in de weken na verkiezingen hun baan, inkomsten en professionele netwerk kwijt. Dat kwam doordat nieuwe politieke machthebbers massaal mensen ontsloegen die ze als te weinig loyaal beschouwden – van topambtenaren en universiteitsrectoren tot personeel van de staatstelevisie, centrale banken en wetenschappelijke bureaus. Wie ontslag juridisch wilde aanvechten, stuitte op het probleem dat de bezem vaak ook de rechterlijke macht trof. Veel politici betuigden in hun campagnes lippendienst aan de ‘democratische rechtsstaat’, maar vonden eenmaal aan de macht dat ze onafhankelijke instituten konden missen als kiespijn.

Er wordt vaak gezegd dat de spanningen tussen Oost-Europese lidstaten en de Europese Commissie zijn terug te voeren op een conservatievere cultuur ten oosten van de Elbe. Minder vaak wordt gezegd dat nogal wat Oost-Europese politici het moeilijk hebben kunnen verkroppen dat ze door toedoen van de EU-toetreding van hun landen (in 2004 en 2007) minder greep op hun rechterlijke macht hebben gekregen. Had PiS in 1997 al bestaan en verkiezingen gewonnen, dan hadden Poolse rechters niet naar Brussel kunnen stappen om hun ontslag aan te vechten.

In 2012 liet de Roemeense regering met een referendum de toenmalige president afzetten. Het constitutioneel hof verklaarde dat referendum vanwege een opkomst onder de 50 procent ongeldig. De regering deed wat alle voorgaande regeringen deden, namelijk het hof onder druk zetten. Toen rechters de noodklok luidden in Brussel, reageerden woordvoerders van de regering op dezelfde wijze als de huidige Poolse: waar bemoeien ze zich mee, het volk heeft óns gekozen!

De rechterlijke macht

Ongekozen rechters hinderen gekozen politici, oftewel democratische besluitvorming, ze blokkeren wat ‘het volk’ wil. Dat gebeurt tegenwoordig niet meer louter ten oosten van de Elbe. Ook in Nederland hekelden de laatste jaren flink wat mensen vormen van rechterlijke macht. Toen de Amsterdamse bestuursrechter zich uitsprak in de casus-Zwarte Piet, spraken critici van ‘D66-rechters’. Toen de politiek werd berispt in rechtszaken die waren aangespannen door de Stichting Urgenda en het Haga Lyceum, vonden diverse commentatoren dat rechters politiek bedreven zonder daarvoor een democratisch mandaat te hebben. Forum voor Democratie-leider Thierry Baudet waarschuwde in een tweet ‘voor de sluipende machtsgreep die de rechterlijke macht in Nederland onderneemt. De democratie wordt steeds verder buitenspel gezet. Dikastocratie (de heerschappij van rechters, red.) is de achilleshiel van de rechtsstaat.’ Afgelopen maandag vond in de Tweede Kamer een hoorzitting plaats over zijn zorgen. ‘Er is echt iets aan de hand, we gaan hiermee door’, verklaarde Baudet na afloop.

Marc de Werd, hoogleraar rechtspleging aan de UvA, signaleerde in deze krant iets heel anders, namelijk dikastofobie, oftewel angst voor (en afkeer van) rechters bij een nieuwe lichting politici in een functionerende democratische rechtsstaat. Ingezetenen daarvan kunnen zich immers tot rechters wenden als ze menen doelwit te zijn van politieke campagnes. Zoals een Poolse rechter zei: ‘De rechterlijke macht is er ook voor Polen die niet op PiS hebben gestemd.’

Dikastofoben, stelde Marc de Werd, ‘zullen de hindermacht die rechters in een rechtsstaat soms moeten zijn altijd framen als een ondemocratisch gevaar. Zij zullen de rechtspraak voorstellen als een politiek niet-verantwoordelijke elite die een bedreiging vormt voor ‘de democratie’. Maar hun bezorgdheid voor de democratie strekt niet verder dan hun eigen belang.’

Beeld Rhonald Blommestijn

Per definitie verdeeld

In een democratie, leren kinderen al op de basisschool, is de macht (kratos) in handen van het volk (demos). In dit systeem speelt evenwel op dat zo’n volk per definitie verdeeld is. Als er geen repressie aan te pas komt, spreekt geen enkel volk met één stem. Toen de Europese Commissie in 2017 een Artikel 7-strafprocedure tegen de Poolse regering activeerde wegens schending van de rechtsstaat, verklaarde Derk Jan Eppink (toen Volkskrant-columnist, thans FvD-voorman in het Europees Parlement) dat Frans Timmermans niets van ‘de Polen’ begreep. Maar van wélke Polen begreep hij niets? Timmermans kwam in actie op verzoek van inwoners van Polen. ‘De Polen’ die Timmermans ‘niet begreep’ oftewel confronteerde met Artikel 7 van het Verdrag van de Europese Unie, waren hoogstens de PiS-stemmende Polen, bij de laatste verkiezingen 44 procent.

Flink wat politici lossen het probleem van het altijd verdeelde volk al sinds de 19de eeuw op door te stellen dat zij namens ‘het échte volk’ spreken. In dat discours wordt het deel van het volk dat het niet met hen eens is gedegradeerd tot een tweederangs, deloyaal, onheus deel van het volk. Van iemand bestempelen tot niet-loyaal lid van het volk is het nog maar een kleine stap naar iemand bestempelen als ‘vijand van het volk’, naar het gelijknamige toneelstuk van Henrik Ibsen uit 1882. Nogal wat totalitaire regimes van de 20ste eeuw categoriseerden groepen die ze uit de weg lieten ruimen standaard als volksvijanden. Donald Trump gebruikte de term de laatste jaren veelvuldig voor de Amerikaanse pers. Dat getuigt van weinig historisch besef, maar velen constateerden vorige maand dat Trumps aanval op een andere beroepsgroep zorgwekkender is. Trumps loyale justitieminister William Barr floot midden februari aanklagers terug omdat ze een ‘te hoge’ straf hadden geëist tegen Trumps oud-adviseur Roger Stone. Het ministerie van Justitie fungeerde voor het eerst als instrument voor het belonen van politieke vrienden en het straffen van politieke vijanden.

‘Rechters zijn veel kwetsbaarder dan de term ‘derde staatsmacht’ suggereert’, stelde hoogleraar rechtspleging Marc de Werd. ‘Ze denken niet in termen van macht maar zoeken, binnen de grenzen van het recht, naar oplossingen voor concrete rechtsvragen in individuele zaken.’ Worden ze daarin door politieke machthebbers aan banden gelegd, dan raken politieke tegenstanders van die machthebbers vogelvrij.

Met de volkswil aan de haal

Als politici namens ‘het volk’ gaan spreken, is het verheffen van de eigen politieke agenda tot ‘wil van het volk’ meestal niet ver weg. Tegenstanders worden dan mensen die de volkswil frustreren. De geschiedenis grossiert in voorbeelden dat je die ‘volkswil’ kunt manipuleren. Flink wat politici blijken in staat ‘wat de mensen echt willen’ te sturen. De digitale revolutie heeft de mogelijkheden tot manipulatie van ‘de volkswil’ alleen maar vergroot. Het is niet gezegd dat het Brexit-referendum anders was verlopen zonder de malafide praktijken van het databedrijf Cambridge Analytica, of zonder fabels over de EU die de Britse (tabloid)pers decennialang verspreidde, onder meer van de hand van Boris Johnson zelf. Feit is dát kiezers werden bespeeld en dat brexiteers die een nipte meerderheid haalden, het vertrek uit de EU nu ‘de wil van het Britse volk’ noemen. Remainers worden daarmee net zulke volksverraders als Polen die geen PiS stemmen en Filipijnen die Duterte niet steunen omdat ze vinden dat zelfs drugshandelaren een eerlijk proces verdienen.

Mensen die met de volkswil aan de haal gaan, krijgen de wind vaak in de zeilen als ze concreet gaan benoemen wie de volkswil frustreren. In zijn ‘poëtisch-retorische’ speech van maart 2019 zei Thierry Baudet: ‘We worden ondermijnd door onze universiteiten, onze journalisten, door de mensen die onze kunstsubsidies ontvangen en die onze gebouwen ontwerpen. En bovenal worden we ondermijnd door onze bestuurders.’

De Tilburgse hoogleraar privaatrecht Reinout Wibier waarschuwde in september in de Volkskrant voor de consequenties van een discours waarin politici tegenstanders neerzetten als vijanden die de belangen van ‘het volk’ ondermijnen: ‘Het temmen van de natuurlijke neiging om de ander als de vijand te zien, is de kurk waarop onze beschaving drijft.’

Typisch is dat ‘doen wat de mensen willen’ door hindermachten uit te schakelen in laatste instantie op hetzelfde uitdraait als ‘het volk’ zelf uitschakelen. Wie wil, kan de door Kishore Mahbubani eindeloos geprezen stadstaat Singapore zien als een soort eigentijdse platonische elitestaat die zijn inwoners beschermt tegen de gevaren van de democratie. Verkiezingen zijn er een formaliteit, zelfbenoemde verstandige mensen regeren, de rechterlijke macht is een verlengstuk van het bestuur. Critici van het regime zitten gevangen of zijn verbannen naar de marge van de samenleving. Dat critici van de Poolse regering nog altijd beter af zijn, is te danken aan leden van het volk die strijden voor het recht het met de volkswil oneens te zijn.

Lees ook

In de jaren twintig zal vooral het liberale element van de democratie onder druk komen te staan
De schaduw van de vorige jaren twintig valt vaak over het hedendaagse debat, met populisten als nieuwe fascisten. Toch zijn de verschillen minstens zo interessant.

Herover het debat op de grote waffels
Denker des Vaderlands Daan Roovers blikt terug op 2019, het jaar waarin volgens velen de vrijheid van meningsuiting onder druk is komen te staan. Maar bedoelen we daarmee wel hetzelfde? 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden