Column Martin Sommer

Hoe minder maakbaar de samenleving, des te groter het belang van symboliek

De krantenberichten waren nu veel kleiner dan toen het schandaal bijna een jaar geleden losbarstte. Destijds was het verhaal dat het ministerie van Justitie druk had uitgeoefend, om de strekking van drugsrapporten van het eigen onderzoeksinstituut WODC in politiek wenselijke richting te buigen. Deze week bleek het schandaal nauwelijks een schandaaltje. De commissie die de kwestie woog heeft de opgestapte directeur, Frans Leeuw, gerehabiliteerd. Er waren drie gevallen van ‘onbehoorlijke’ beïnvloeding, niet fraai, maar effect op het onderzoek was er niet en soms was het resultaat zelfs beter.

Voor de zomer was er een eerste commissie geweest, die oordeelde dat de klacht van de klokkenluider over ongehoorde beleidsdruk van het ministerie terecht was. Dat kostte de directeur de kop. Stel je voor dat de twee commissies hadden geruild, en dat die van deze week voor de zomer met haar bevindingen was gekomen. Dan had de directeur er nog gezeten en men had gesproken van een storm in een glas water.

Maar zo is het niet gegaan. Er komt nota bene nog een derde rapport, van een commissie die net als de andere twee halsoverkop werd ingesteld door een destijds pas aangetreden, nerveuze minister Grapperhaus. Meteen na het eerste bericht van Nieuwsuur verklaarde hij op tv dat er dingen niet goed waren gegaan. Grapperhaus belichaamt een departement waar wordt gehuiverd als op de gang de naam Bas Haan valt. Een minister en een staatssecretaris vonden de politieke dood na zijn onthulling over een bonnetje dat er eerst niet was en toen wel. Gelukkig het land met zulke geweldige misstanden, een verdwenen bonnetje en een ambtenaar die de klok luidde over haar ‘bejegening’, en daarna het Kamerbrede voornemen dat deze WODC-augiasstal moest worden schoongespoten.

Rare zaak, is het minste wat je kunt zeggen. Juist omdat het realiteitsgehalte nu zo tegenvalt, heeft die voorgenomen WODC-ontsmetting alles van een reinigingsritueel. Ooit las ik het boek Reinheid en gevaar van cultureel antropoloog Mary Douglas. Primitieve stammen die weinig greep hebben op de werkelijkheid, bestrijden tegenslag als ziekte, droogte of misoogst met zang, dans of andere vormen van ritueel. Het idee is dat er symbolische grenzen zijn overschreden. Daar komt rottigheid van en dus moeten de oude verhoudingen worden hersteld. Alles wat grensoverschrijdend is, moet worden bestreden.

Mijn antropologische neus zegt me dat iets dergelijks opgaat voor beleidsonderzoek zoals dat van het WODC. Strikt onafhankelijk onderzoek, in opdracht van de minister, en met een politiek doel, dat kan niet bestaan. En inderdaad, er is altijd spanning tussen de politiek die wat wil, en wetenschappers die de waarheid willen vertellen (speaking truth to power). Dat is sinds jaar en dag zo. De rijksoverheid telt 29 kennisinstituten, en de directeuren van de belangrijkste daarvan schuiven elke dinsdag aan bij de vergaderingen van de ministerstaf.

Nederland heeft met zijn verzakelijkte politiek een lange traditie in de beleidswetenschap. Nieuw is dat onderzoek in dienst van het ministerie klaarblijkelijk besmet is geraakt. Niet het resultaat van het onderzoek telt – ‘aan de maat’ aldus de commissie – maar of er op de correcte manier om de totempaal van de procedures, protocollen en onafhankelijkheidsgaranties heen is gedanst. Het Rathenau Instituut bracht onlangs een rapport uit (Met gepaste afstand) waarin de onafhankelijkheid en integriteit van alle Rijkskennisinstellingen wordt getoetst. Het duizelt je van de instrumenten, afspraken, verboden en voorwaarden om grensoverschrijding tussen correct onderzoek en grijpgrage politici te voorkomen. Antropoloog Mary Douglas zou haar vingers hebben afgelikt over de rituele smetvrees die eruit opstijgt.

Hoe minder maakbaar de samenleving, des te groter het belang van symboliek. Ook in de politiek wordt ritueel belangrijker. Middenpartijen zijn bezoedelde partijen geworden met hun smoezelige compromissen. Ze worden erop afgerekend door kiezers en dat ontgaat ze niet. Vroeger had je de getuigenispolitiek van twee zetels links voor de pacifisten van de PSP, en drie zetels rechts voor de christelijke SGP. Zij hielden hun handen schoon. Nu zijn er populisten die bloeien op het aanklagen van andermans misstand. Maar ook de reguliere partijen varen steeds meer op het reine geweten – alle vluchtelingen moeten hier een goed heenkomen vinden, of alles dat in de verte naar aandeelhouders of internationaal bedrijfsleven riekt, kan niet deugen.

Vandaar ook de heftige reacties in de Kamer op het WODC-schandaal, alsof er een manipulatie van Poetin-proporties was ontdekt. Deze week bleek dat het WODC in het drugsonderzoek keurig werk had afgeleverd, waarmee de kwestie is teruggebracht tot een ordinair arbeidsconflict tussen een ambtenaar en de directeur. Eind goed al goed en moedig voorwaarts? Dat dacht je. De derde commissie onderzoekt of het WODC op afstand van het ministerie moet worden geplaatst. Veilige voorspelling: dat gaat moeten.

Ook Bas Haan van Nieuwsuur liet zich zijn verontwaardiging niet zomaar afnemen. Hoe kan zo’n commissie nu zeggen dat er eigenlijk niet zoveel aan de knikker was! Maar pas op. Journalisten zijn weinig geschikt als inquisiteur, aangezien ook hun vak naar zijn aard onrein is. Journalisten smoezen met politici, rommelen met bronnen, hebben geen methode, ruilen interviews voor primeurs. Voor je het weet hang je zelf aan de tak die je voor anderen had bedoeld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden