Opinie

Hoe krijgen we meer mannen voor de klas?

Angela Crott, auteur van 'Jongens zijn 't. Van Pietje Bell tot probleemgeval' (2013), doet suggesties.

Leraar Arjan van der Meij introduceert een "swagometer" in de klas. Beeld Frank Jansen

Met Aleid Truijens (Ten eerste, 10 september) ben ik het helemaal eens dat het basisonderwijs de mannen heel hard nodig heeft. Maar hoe komen we aan meer mannen voor de klas?

Op de eerste plaats door er als overheid blijk van te geven dat het beroep van leerkracht van groot maatschappelijk belang is en het navenant te belonen. Toen ik van 1975 tot 1980 voor de klas stond - na een opleiding waarbij de helft van de studenten uit mannen bestond - bedroeg mijn salaris ongeveer 2.700 gulden (1.225 euro). Vergeleken met het beginsalaris van tegenwoordig is dit slechts een verdubbeling in veertig jaar tijd.

Met de invoering van de HOS-regeling in 1985 (Herstructurering Onderwijs Salarisstructuur) begon de stagnatie van de salarisontwikkeling. De slechte huidige beloning (2.445 euro) is ongetwijfeld voor veel jongens een van de belangrijkste redenen om de pabo links te laten liggen.

Verschillende verwachtingen

Op de tweede plaats komen we aan meer mannen in het onderwijs door te erkennen dat jongens met andere verwachtingen naar de pabo komen dan meisjes. Dàt ze met andere verwachtingen komen, bleek in 2007 uit het promotieonderzoek van onderwijskundige Gerda Geerdink over sekseverschillen op de pabo. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat meisjes naar de pabo gaan omdat ze iets met kinderen willen, terwijl jongens kinderen iets willen leren. Voor jongens is vakkennis en vakdidactiek het belangrijkste, voor meisjes is dat de ontwikkeling van het kind en zijn leerproces. Het is vooral de interesse van de vrouwelijke meerderheid waar de pabo op focust.

Daar komt nog bij dat de competentie 'reflectie en ontwikkeling' (die deze meerderheid meestal goed afgaat) niet alleen een van de belangrijkste bekwaamheidseisen voor leraren is, maar tevens een van de oorzaken van de hoge uitval onder mannelijke studenten. Veel jongens ontgaat het nut van de voortdurend terugkerende schriftelijke (zelf)reflecties. De meeste van hen zijn van mening dat je het vak het beste in de praktijk kunt leren. Door vallen en opstaan.

Op de derde plaats komen we aan meer mannen in het onderwijs door in te zien dat de andere verwachtingen van jongens ook een andere onderwijsaanpak rechtvaardigt. En dan niet die onderwijsaanpak die als een van de rendementen van het Krachtig Meesterschapproject Meer Mans (juli 2010 tot januari 2013) naar voren kwam: dat mannelijke studenten die al op de pabo zaten nu beter achter de broek werden gezeten wat het maken en inleveren van werkstukken betrof. Met het vooruitzicht op het maken van werkstukken lok je geen jongens naar de pabo. De 'paboysactiviteit' van de Katholieke pabo in Zwolle van 13 september jl. lijkt me meer kans maken om jongens te enthousiasmeren basisschoolleraar te worden. Ook omdat deze pabo zo politiek incorrect is in te spelen op de neiging van jongens jongensgroepen te vormen.

Gender neutrale correctheid

Daarmee kom ik bij mijn vierde aanbeveling om meer mannen voor de klas te krijgen: door de gender neutrale correctheid voor de praktijk ter zijde te schuiven. Jongens en meisjes zijn gelijkwaardig, maar niet gelijk. Gendertheorie en dagelijkse praktijk lopen elkaar op zijn zachtst gezegd, in de weg. Ondanks, of misschien wel dankzij, alle pogingen vanaf de jaren zeventig om jongens onder de vlag van de nurturetheorie (gendertheorie vanaf de jaren negentig) hun jongenseigenschappen af te leren, blijven jongens er in de praktijk fier aan vasthouden. Dus waarom geen seksespecifieke aanpak voor jongens als dit helpt meer mannen in het basisonderwijs te krijgen? Meer nadruk op kennis en praktijkervaring, kortstondige mondelinge (zelf)reflectie en klassen met zoveel mogelijk jongens zodat ze met plezier van elkaar kunnen leren.

Angela Crott is historica, jongensonderzoekster en schrijfster van 'Jongens zijn 't. Van Pietje Bell tot probleemgeval' (2013).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden