OPINIETijdschriften in de VS

Hoe in Amerika kritiek op de ‘eigen’ presidentskandidaat is verstomd

Een rechts tijdschrift was tegen Donald Trump, een links blad tegen Joe Biden. Maar nu even niet. Vrees voor de opponent overheerst, angst voor een catastrofe.

President Trump gooit een ‘Make America Great Again’-petje in het publiek tijdens een campagne-evenement in Allentown, Pennsylvania.Beeld REUTERS

Er was een tijd dat het conservatieve Amerikaanse weekblad de National Review niets moest hebben van Donald Trump. ‘Tegen Trump’ stond er groot op de voorkant toen Trump opstoomde als kandidaat voor de Republikeinen in 2016. Maar nu is de teneur: houd Biden buiten het Witte Huis. Van Biden wilde het linkse blad The Nation eerst niets weten; nog maar een jaar geleden op de cover: ‘Tegen Biden’. En ook zijn huidige running mate kon weinig goed doen: ‘Kamala Harris is a cop’. Nu bibbert het blad bij de gedachte dat Trump zich toch nog naar een overwinning manipuleert.

Zo lijkt het ongemak aan beide uiterste kanten van het medialandschap erg op elkaar. Het weerspiegelt het humeur van de natie: ongerust en zenuwachtig.

De toon in de National Review is het afgelopen jaar opvallend veranderd. Van het zelfbeeld als eigengereide hoeders van het ware conservatisme van oprichter William F. Buckley, is weinig meer over. Het blad gold als de bakermat van de Never Trumpers, na dat geruchtmakende hoofdredactionele commentaar van 2016. Trump was ‘een filosofisch losgeslagen politieke opportunist die de breed gedragen conservatieve consensus binnen de GOP aan diggelen kan slaan ten gunste van een vrij zwevend populisme met sterke-man-neigingen’.

Aardig voorzien, maar toen Trump toch de Republikeinse kandidaat werd en zelfs president, sloeg de twijfel toe. Was het wel verstandig te blijven schrijven in commentaren en columns dat Trump de verkeerde keuze was? Konden conservatieven niet beter proberen hun slaatje te slaan met deze ideologisch ongeschoolde president? De principiële Never Trumpers bij de National Review voelden zich in het nauw raken. Enkele toonaangevende auteurs stapten vorig jaar op, onder wie Jonah Goldberg en David French, die het online-blad The Dispatch begonnen. French zei tegen The Atlantic dat Trumps vrienden uit het bedrijfsleven, die het blad sponsoren, de redactie onder druk zetten om niet zo negatief over hun held te schrijven, met succes.

Dus komt Trump er heel wat beter vanaf in het speciale verkiezingsnummer van de National Review. Op het omslag staat hij kaarsrecht met een pistool stevig omhoog voor een duel met een oud wrak, Biden, die zijn wandelstok als pistool hanteert. Voor een glimpje objectiviteit zijn drie adviezen afgedrukt. Stemmen op Trump? ‘Misschien’, twijfelt Charles Cooke nog , voors en tegens afwegend. ‘Nee’, schrijft Ramesh Ponnuru, een van de laatste Never Trumpers bij het blad: zijn karakter blijft onoverkomelijk, dan maar ‘principieel niet stemmen’. Dus niet op Biden, zoals andere conservatieven, als het Lincoln Project, actief propageren. ‘Ja’, schrijft Andrew McCarthy, en dat is de dominante stroming hier: ‘kijk naar het alternatief’. Volgt een litanie van Bidens zonden voor conservatieven.

Waarschuwing na waarschuwing

En zo gaat het in de meeste stukken. Waarschuwing na waarschuwing voor een regering-Biden. Buitenlandse politiek: fout in alle gevallen. De New Green Deal zal desastreus zijn voor de economie. Biden etaleert zijn zwakheden, ‘een cultus van non-persoonlijkheid’.

En Trump? Die dreigt met zijn grillige persoonlijkheid, ‘waardoor wij in 2016 al twijfelden aan zijn geschiktheid’, de Republikeinen en het land naar de afgrond te trekken, door kiezers in de armen van de linkse Democraten te drijven, erkent een anonieme redacteur. Maar eerlijk gezegd heeft Trump meer conservatieve dingen voor elkaar gekregen ‘dan zelfs zijn rechtse kiezers hadden gedacht’: de conservatieve (opper-)rechters die hij heeft benoemd, zijn anti-abortusbeleid, zijn inspanningen voor Israël.

Dat is de lijn van Rich Lowry, hoofdredacteur sinds 1997. Als Trump verliest is dat een vorm van ‘harakiri’ omdat hij zo dom doet over de coronacrisis en mondkapjes, schrijft hij op de site van zijn blad. Maar in een andere column is hij juichend over de aanstaande benoeming van de ultra-conservatieve Amy Cony Barrett: ‘Dit is hoe winnen eruit ziet’. En Biden schetst hij in zijn stukken als een aanstaande ramp voor het land.

The Nation biedt een tegenovergestelde aanblik. Aansporingen voor de Democraten om naar links op te schuiven en de vele goede beleidsplannen van Bernie Sanders en Elizabeth Warren uit te voeren, waarvan het blad het afgelopen jaar overliep, zijn naar de achtergrond verdwenen. De riante peilingen voor Biden (dat had The Nation nooit gedacht) zijn geen reden voor optimisme: het kan nog heel erg misgaan. John Nichols schreef een overzicht hoe Trump via manipulatie, als stemmen per post verdacht maken en hulp van ‘zijn’ rechters, aan de macht probeert te blijven. Een ‘Trumpocalyps’ dreigt.

Jeet Heer ziet dat Trump na zijn coronaziekte alleen maar wilder is geworden en ‘gewond is hij alleen maar gevaarlijker’. ‘Als hij verliest, gaat Trump strijdend ten onder. En hij schrikt er niet voor terug ons allemaal met zich mee te sleuren.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden