columnmargriet oostveen In Vlissingen

Hoe een Nederlandse visser 24 mannen, vrouwen en kinderen uit Het Kanaal redde

null Beeld
Margriet Oostveen

Dingenus van Belzen, visser uit Arnemuiden, redde 11 november met zijn zeskoppige bemanning 24 mannen, vrouwen en kinderen uit Het Kanaal. Dertien dagen voordat daar 27 mannen, vrouwen en kinderen met net zo’n rubber bootje zouden verdrinken.

De naam Dingenus komt van ‘dignus’, Latijn voor ‘waardig’, maar dat zul je hem zelf niet horen zeggen. Dingenus (45) leeft al sinds zijn 15de min of meer op zee, zoals zijn hele familie. Vier vissersschepen bemannen zijn schoonvader en diens drie broers, ‘met alle neefjes erop’.

Het schip waar ik zaterdag in de haven van Vlissingen aan boord mag komen, is de Z296. Die vaart onder Belgische vlag, wat verklaart dat Dingenus en zijn bemanning nogal zuidelijk in Het Kanaal vissen: Nederlandse schepen mogen dat niet.

Iedere zondagavond varen ze uit. Dan tien uur opstomen naar de Basurelle zandbank in het Nauw van Calais. Daar vissen ze op tong en schol tot donderdagochtend. Vervolgens gaan ze met de stroom mee terug naar Nederland, de netten staan dan uit, dat geeft ze nog wat extra vistijd. Donderdagavond zijn ze weer thuis.

Dingenus van Belzen Beeld Margriet Oostveen
Dingenus van BelzenBeeld Margriet Oostveen

Dingenus zit rokend op me te wachten in de kombuis, waar ze de dekbedden van hun eigen bedden nog voorzichtig over de onderkoelde vrouwen hebben gelegd en de kleumende kinderen snoep en chips hebben gegeven. Hij moest nog praten als Brugman om tenminste die vrouwen en kinderen aan boord te krijgen. De mannen wilden niet, die schreeuwden ‘England! England!’. Ze waren als de dood dat hij ze zou terugsturen naar Frankrijk.

Eén vrouw zakte door haar benen zodra twee van zijn jongens haar onder haar armen aan dek hadden getild. Binnen viel ze door de warmte even flauw. Haar benen waren volledig gerimpeld, zoals je vingertoppen kunnen rimpelen als je te lang in bad zit, ‘ik had dat bij benen nog nooit gezien’, zegt Dingenus.

Ze dreven toen al bijna twee dagen en nachten rond, ze waren dinsdagavond vertrokken.

Voor de redding Beeld Dingenus van Belzen
Voor de reddingBeeld Dingenus van Belzen

We lopen naar de stuurhut boven, Dingenus heeft de Maxsea al voor me aangezet, een computerscherm met een wirwar van kleurige lijnen, puntjes, driehoekjes waarop hij alles wat belangrijk is in Het Kanaal kan laten zien: de zandbanken, de stroming en hoe die zich met kracht door het Nauw van Calais werkt, ‘als door een trechter’. En vooral: waarom Het Kanaal één van de drukste vaarroutes ter wereld is: het scherm toont een adembenemende hoeveelheid schepen, containerbakken, vrachtschepen, visserskotters, tankers, veerboten, plezierjachten. De rubberbootjes halen het scherm niet eens, ze zijn te nietig.

Die bootjes vertrekken ergens tussen Calais en het zuidelijker Boulogne-sur-Mer. Ze komen aan, als ze heel veel geluk hebben, tussen Folkstone en Dungeness. De smokkelaars hadden een buitenboordmotortje van 6 pk meegegeven, ‘6 pk!’, zegt Dingenus, ‘dat is in Het Kanaal helemaal niets.’ Vaar maar op die lichtjes aan de overkant af, hadden ze gezegd. Je bent er zo.

Daar gingen ze, als een bolderkar die de snelweg is opgeduwd. En Dingenus zag ze niet. Een collega verderop waarschuwde hem donderdagmiddag via de marifoon. Zijn boeg loopt op en heeft een dode hoek. Hij kon het schip net op tijd keren. In het bootje schreeuwden ze en maakten ze wegwerpgebaren. England! England!

Ze zaten al aan de Engelse kant van Het Kanaal, dus Dingenus heeft de Britse kustwacht opgeroepen. Die hadden nog even hun handen vol aan andere rubberbootjes en zeiden dat Dingenus vast door naar huis kon varen: ze hadden nu de coördinaten en zouden over drie kwartier bij het bootje zijn. Maar Dingenus zag hoe het bootje nog maar 40 centimeter boven het water uitstak en wist: één boeggolf van een groter schip, en het is gedaan.

Hij bleef. Maar de opvarenden wilden niets, ze schreeuwden. England! England! ‘SILENCE EVERYONE NOW!’, heeft Dingenus geroepen. En hij is op de enige man gaan inpraten die Engels sprak, net zolang tot de vrouwen en kinderen aan boord mochten komen.

Na de redding. Beeld Dingenus van Belzen
Na de redding.Beeld Dingenus van Belzen

Toen de Britse kustwacht onder gejuich arriveerde, zat daar het dek al vol. Tientallen mensen in dekens, allemaal uit zee gevist.

De vrouwen hadden Dingenus nog verteld dat ze uit Iran, Irak en Pakistan kwamen. ‘En al drieënhalve maand onderweg, dan is het wel menens, hoor. Daar sta je niet zo snel bij stil.’

Britse kustwacht pikt de drenkelingen op (beeld Dingenus van Belzen):

Jongen uit de rubberboot. Beeld Dingenus van Belzen
Jongen uit de rubberboot.Beeld Dingenus van Belzen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden