ColumnAleid Truijens

Hierna zal blijken dat we de fysieke leraar niet kunnen missen

Het is een ochtend als in een kinderboek. De lucht is blauw, hier en daar drijft een schapenwolkje. Het gras is heldergroen, aan de struiken groeien prille blaadjes. De speeltoestellen glimmen uitnodigend.

Ook voor de kinderen is het paradijs ineens daar. Kleuters en peuters verdringen zich bij de zandbak en de glijbaan – niks anderhalve meter afstand. De groten trappen tegen een bal, ze scheren langs mijn benen op hun skeelers en skateboards, met verhitte, blije koppen. Een kluitje meisjes checkt lachend de telefoons. Anders hadden ze nu, om 11 uur, spelling!

Maar ja, het is pas maandagochtend. Nu is het vooruitzicht van een wekenlange vakantie nog leuk. Niet iedereen is blij. Een meisje dat lusteloos een peuter duwt op een draaimolentje kijkt sip. Vanmiddag krijgt ze opdrachten van de juf, vertelt ze. Ze gaan facetimen met de hele groep 8. Eigenlijk zouden ze vandaag horen welke rollen ze krijgen in de eindmusical, morgen zou de eerste repetitie zijn. Ze fronst zorgelijk. Gaat de musical wel door? De Cito-toets? Kan ze straks wel naar haar nieuwe school?

Voor mij, verstokte thuiswerker, verandert er niet veel. Behalve dat ik nu de leraar hier in huis hoor vloeken in een andere kamer. Hij werkt met zijn klassen digitaal, in gemeenschappelijke digitale ruimten en op informatieplatforms. Dat zou voor zijn hyperhandige, online levende leerlingen toch een eitje moeten zijn, maar nee. Al zijn inboxen en apps lopen vol met hulpeloze berichten: ik kan niet bij mijn opdracht! Waar staat dat boek online? Het systeem gooit me er steeds uit! Los het op, leraar.

Misschien zijn dit kinderziekten van een pandemie, en gaat het thuisonderwijs over een paar weken rimpelloos. Dan zou onbedoeld de droom uitkomen van veel schoolbestuurders, 21ste-eeuwprofeten en uitgevers van online lesmateriaal: volkomen gedigitaliseerd onderwijs, helemaal ‘op maat’. Kinderen braaf achter hun laptop en een beeldschermleraar die ze vriendelijk de weg wijst in hun hoogstpersoonlijk leerroute. Steriel en goedkoop. Niet dat deze voorstanders blij zijn met de noodtoestand, maar het is wel een mooie testcase.

Dat is het inderdaad. De komende weken, of maanden, gaan we zien hoe onmisbaar de fysieke leraar is en hoe wezenlijk echte menselijke interactie in een groep. Ook voor de ouders zal het een beproeving worden. Hoe voorkom je dat je kinderen pas na tienen uit bed komen en de hele dag gamen of netflixen? Natuurlijk, door het thuisonderwijs ferm ter hand te nemen, door een dagindeling te maken waaraan iedereen zich moet houden. Door ze minimaal een uur per dag naar buiten te schoppen.

Maar niet elke ouder is een handhaver en niet elk kind laat zich dwingen. Stress en ruzie zijn dan onvermijdelijk. Er zullen nieuwe tweedelingen ontstaan. Tussen ouders die de vrijgevallen tijd benutten om te oefenen met oude toetsen, eindexamens of educatieve spelletjes voor de kleintjes en ouders die dat niet kunnen of de moed na twee dagen opgeven. Tussen kinderen die leren ‘leuk’ vinden en blij zijn met opdrachten en kinderen die met geen stok aan het werk te slaan zijn.

Ik denk aan de tijd dat wij, gedwongen door ziekte, lang thuiszaten met twee kleine kinderen, afgeschermd tegen geniepige virussen en bacteriën. We namen het er maar van. We bakten stapels pannenkoeken en trommels vol koekjes, vele behangrollen werden vol geschilderd, tientallen kinderboeken voorgelezen, enorme legokastelen verrezen. De reden was verschrikkelijk, maar achteraf had het ook wat, deze knusse plichtenloosheid, dit afgedwongen gezinsgeluk. Laten we het nu thuis een beetje leuk hebben, wat geeft het.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden