Column Ibtihal Jadib

Het zal de overheid een worst wezen hoe de sociaal advocaat zijn werk doet

Ibtihal Jadib. Beeld Valentina Vos

Het demonstratierecht is prachtig maar ook een tikkeltje belemmerend als je in Den Haag woont. Als ik van huis vertrek kijk ik tegenwoordig behalve op Buienrader ook naar de spreiding van milieuactivisten of tractor rijdende boeren, alles kan hier zomaar diagonaal door de stad trekken. Ik was dan ook opgelucht toen ik las over de staking van strafrechtadvocaten: die gaan in januari protesteren door twee weken lang juist níét op te komen draven.

Advocaten die meer geld vragen, dat roept niet direct een beeld op van begrip en instemming. Een advocaat wordt eerder gezien als een geprivilegieerde eikel die lachend declaraties uitstuurt ter bekostiging van zijn erudiete levensstijl dan als een harde werker die de eindjes aan elkaar moet knopen. Dat beeld is niet helemaal onterecht want als je het een beetje handig aanpakt kun je binnen de advocatuur inderdaad idioot veel geld verdienen. Daarvoor moet je je bijvoorbeeld wenden tot een kantoor op de Amsterdamse Zuidas (bij voorkeur een van Angelsaksische makelaardij) met de mededeling dat je over een goed stel hersens beschikt en niet vaak thuis wil zijn. Met wat geluk en een ruimhartig declaratiebeleid zijn je financiële zorgen dan voorgoed voorbij.

Er bestaat echter ook nog zoiets als sociale advocatuur; het verlenen van rechtsbijstand aan mensen die dat niet kunnen betalen. Strafrechtadvocaten die zich daarop richten krijgen een gestandaardiseerde vergoeding van de staat. Het maakt in dat geval niet uit of de advocaat drie dan wel dertig uur kwijt is aan een zaak, het zal de overheid verder een worst wezen hoe je je werk doet.

Toen ikzelf jaren geleden de overstap maakte naar de sociale advocatuur kwam ik er snel achter dat de vergoedingen in geen verhouding staan tot het werk dat je verricht en de verantwoordelijkheid die je daarbij draagt. Ter illustratie: voor een getuigenverhoor krijg je als advocaat 1 punt (dat staat voor 105 euro). Voor dat geld moet je het dossier bestuderen om te weten wie een bruikbare verklaring kan afleggen, een bespreking daarover met je cliënt voeren, een schriftelijk verzoek opstellen en indienen waarin je gemotiveerd aanvoert waarom de verdediging die getuige wil horen, een lijst met vragen opstellen die je aan de getuige wil voorleggen en dan natuurlijk het verhoor zelf bijwonen. Dat laatste alleen al kan een dag duren. Hetzelfde geldt voor het bijwonen van politieverhoren. Ook daar krijgt een advocaat 1 punt voor, ongeacht hoe vaak of hoe lang de politie je cliënt wil horen. Zo is het beslist geen uitzondering om twee verhoren bij te wonen van elk 4 uur, waardoor je op een uurtarief uitkomt van 13 euro. Ondertussen moet je kantoorruimte huren, een boekhouder betalen, evenals auto, telefoon, IT, de verplichte cursussen, verzekeringen, afdrachten, vakliteratuur, enzovoorts. Een vriendin van me, ook strafrechtpleiter, zei vorige week tegen me: ‘Mijn man noemt mijn baan steevast vrijwilligerswerk, het gaat er bij hem gewoon niet in dat ik zó hard werk voor zó weinig geld.’ Hij was met het voorstel gekomen of ze niet liever kleding wilde gaan verkopen.

Teeven biechtte in 2017 op waarom hij als staatssecretaris zo had bezuinigd op de advocatuur: ‘Als je aan een advocaat niet al te veel tijd geeft om aan een verdachte te besteden, dan wordt het ook niet zo veel, die verdediging.’ De rechtstaat is prachtig, maar ook een tikkeltje belemmerend als je in Den Haag werkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden