ColumnMartin Sommer

Het Wilders-proces kent alleen maar verliezers

Op Geert Wilders kun je de klok gelijkzetten. Doordeweeks scheurt zijn konvooi van drie geblindeerde auto’s om tien voor half tien ’s ochtends het Binnenhof op. We zijn eraan gewend en niemand kijkt op of om. Rare wereld. De premier kun je tegenkomen op de fiets, helemaal in zijn eentje in het wild. Terwijl de leider van de grootste oppositiepartij nu al vijftien jaar zwaar bewaakt moet worden tegen een islamitische aanslag. In de Kamer wordt Wilders met zijn filippica’s vermoeid aangehoord. En ook het ‘Wilders-proces’, waarvan het hoger beroep volgende week dient, is weggeduwd uit het nationale bewustzijn.

Ten onrechte uiteraard. Een proces over de vraag of de strafrechter een politicus het woord kan ontnemen, raakt het hart van de democratie. Na zijn beruchte ‘minder, minder Marokkanen’-uitspraak oordeelde de rechtbank Wilders schuldig aan groepsbelediging op grond van ras en het aanzetten tot discriminatie. Nu mag het Hof zich het hoofd breken over de vraag of Wilders intolerantie predikt, dan wel dat hijzelf daarvan het slachtoffer is.

Wilders’ opmerkingen zijn ook bijna zes jaar later nog onsmakelijk. Maar onsmakelijk is wat anders dan strafbaar. De filosoof John Stuart Mill, van het beroemde boek On Liberty, pleitte voor een grote uitingsvrijheid omdat juist in de opvattingen die doorgaans binnensmonds blijven, nog een element van waarheid kan zitten. Mill vond weliswaar dat het publieke debat ‘gematigd’ en ‘fair’ hoorde te zijn, maar hij zag niets in een verbod op onfatsoenlijke uitspraken, omdat het ondoenlijk was daarvoor criteria te vinden.

Geert Wilders verplaatst zich doordeweeks in een konvooi van drie geblindeerde auto’s.Beeld HH

Ik dank deze alinea aan het boek De staat versus Wilders (2019), geschreven door de rechtsgeleerden Afshin Ellian en Paul Cliteur. Zij geven daarin een handzame bloemlezing van de argumenten die in deze zaak voorbijkomen. Zo is het onderscheid tussen moraal en recht behulpzaam. In moreel opzicht zijn de uitspraken van Wilders kwestieus. Moraal gaat over goed en kwaad, waarover je van mening kunt verschillen. Een samenleving waarin de staat de moraal afdwingt, is een totalitaire samenleving. Het strafrecht behandelt alleen de onderste rand van de moraal, het gebied tussen het kwaad en het ergere kwaad. Daar grijpt de staat naar het strafrecht, als laatste redmiddel. De algemene vraag die voorligt, is of Wilders met dit ‘uiterste middel’ moet worden ingetoomd.

Preciezer is de kwestie of de uitspraak ‘minder Marokkanen’ moet worden opgevat als belediging of discriminatie wegens ‘ras’. Volgens de rechter was dat wel zo, met verwijzing naar het VN-verdrag tegen rassendiscriminatie. Daarin staat inderdaad dat onder ‘ras’ ook ‘nationaliteit’ moet worden gerekend. De verdediging van Wilders vond van niet en wees op de manier waarop het VN-verdrag vijftig jaar geleden is omgezet in Nederlandse wetgeving. Daarbij vermeldde de wetgever expliciet dat ‘nationaliteit’ niet thuishoorde onder de te ruime paraplu van ‘ras’, juist in verband met de uitingsvrijheid. Dezelfde Nederlandse wetgever behandelde bij de invoering van het VN-verdrag ook het begrip groepsbelediging. Ook daar vond hij dat ‘grote voorzichtigheid moet worden betracht’. Zo kwam de groep ‘de gastarbeiders’ in 1967 niet in aanmerking voor speciale bescherming wegens belediging.

Paul Cliteur ziet het Wilders-proces als een uitvloeisel van de modieuze identiteitspolitiek.Beeld Robin van Lonkhuijsen / ANP

In het Wilders-vonnis van de rechtbank was mij opgevallen dat aan het begrip ‘groepsbelediging’ weinig woorden worden vuilgemaakt. Volgens de rechter was het evident dat de groep Marokkanen zich beledigd zou voelen, omdat Wilders ze over één kam schoor en omdat hij er ook nog eens minder van wilde hebben.

Maar zo vanzelf spreekt dat niet. Laten we een andere groep nemen, babyboomers bijvoorbeeld. Er is inmiddels in heel wat toonaarden om ‘minder babyboomers’ geroepen. Die uitspraak is beledigend, maar niemand zal het in zijn hoofd halen om aangifte te doen. Belediging is anders gezegd een kwestie van twee kanten, van de afzender en de ontvanger. Paul Cliteur ziet dit Wilders-proces als een uitvloeisel van de modieuze identiteitspolitiek. Daar zit zeker iets in.

Premier Mark Rutte kun je in het wild tegenkomen op de fiets.Beeld Phil Nijhuis / ANP

Vandaag de dag is men wat betreft afkomst en eventuele kwetsuren daaromtrent niet alleen veel gevoeliger dan vroeger, er wordt ook ruim baan voor die gevoeligheid gemaakt. Objectivering van gekrenkte gevoelens door een rechter lijkt mij behoorlijk afhankelijk van de conjunctuur en daarom glad ijs. Hans Janmaat werd in 1998 tot in hoogste instantie veroordeeld omdat hij had gezegd dat hij, eenmaal aan de macht, de multiculturele samenleving zou afschaffen. Daar kijkt nu niemand meer van op, integendeel, menigeen die nu nog rondloopt op het Binnenhof of omstreken, zal het schaamrood naar de kaken stijgen als hij aan de commotie van toen wordt herinnerd.

Het is een open deur, maar soms moeten die worden ingetrapt. Democratie kan niet zonder vrije meningsuiting, en vrije meningsuiting kan niet zonder kwetsen. Zo’n strafzaak over de woorden van een politicus is hoogst riskant, zoals inmiddels is gebleken. Er zijn rechters succesvol gewraakt wegens vooringenomenheid, er is intussen een heus debat over politieke vooringenomenheid van rechters. Er zijn mails van ambtenaren bij justitie boven water gekomen die de suggestie wekken van ongepaste bemoeienis. Tot nu toe heeft deze zaak eigenlijk alleen verliezers opgeleverd – ja, ook Wilders, want die is doordat hij een strafblad heeft, nog meer bewegingsvrijheid kwijt dan hij al miste in die geblindeerde auto.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden