Sander Donkers in 150 woorden

Het was niet mijn taak om de jongen te vertellen dat hij André Hasjiesj Junior was

De jongens op het plein zagen eruit alsof hun levens waren getekend door crackepidemieën en bruut straatgeweld, maar hun stemmen klonken naar een volle ijskast en bijles Grieks. Met een keurig ‘pardon meneer’ kwam een van hen op me af, gebarend om een vuurtje, in zijn hand een joint van het formaat winterpeen.

Verbluft staarde ik naar zijn pubergezicht. Die kaaklijn, die neus, die ogen! Er was geen twijfel mogelijk. Hij moest een zoon zijn van mijn oude buurtgenootje, met wie ik jaren had gespeeld en gehangen, totdat hij had besloten het leven voort te zetten in coffeeshops en achter de gesloten gordijnen van zijn kamer. Zijn naam was me ontschoten, zijn bijnaam allerminst.

Dit maakte het lastig om naar hem te vragen. Dus klopte ik voor de vorm op mijn zakken, en slaagde erin niets te zeggen. Het was niet mijn taak om de jongen te vertellen dat hij André Hasjiesj Junior was.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden